Digibron.nl

DE EERSTGEBORENE UIT DE DODEN

Bron: Daniel
Datum: vrijdag 22 april 1949
Auteur: W. v. G.
Pagina: 3

Soldaten houden wacht In t duister van de nacht Voor 't graf van Isrels Heer. De aarde trilt en beeft. Hij, Die was dood, herleeft En eng len dalen neer. De wacht is bij 't gerucht Vol schrik en angst gevlucht. Nu zegeviert Gods Zoon. Hij brak des duivels kop, Staat uit de doden op, Stijgt uit het graf ten Troon.

In t Oosten klimt vol qlans De zon naar 's hemels trans. De vrouwen lopen heen Naar 't graf dat Hij verliet. Maar welk een troostwoord biedt Gods bode op de steen: , , Hij is hier niet, maar leeft, Zo Hij gesproken heeft. Het was reeds langs voorzegd. Vreest dan, gij vrouwen, niet, Treedt naderbij en ziet, Waar Jezus was gelegd.'

Aan d' avond van de dag Verdwijnt het droef geklag Als Hij Zich openbaart; De zegen en de vree Deelt Hij de Zijnen mee In t tranendal der aard. Het volk, dat Hem verwacht Erlangt de zaal'ge kracht Van Zijn verrijzenis. Zij reizen door de tijd Naar 't land der eeuwigheid En komen, waar Hij is.