Digibron.nl

Bitlere tegenslagen

Bron: Daniel
Datum: vrijdag 16 november 1956
Auteur: A. E.
Pagina: 2, 3

in.

Juliana van Stolberg, de moeder van prins Willem was niet bij het huwelijk tegenwoordig geweest, maar spoedig daarna ontving zij de jonggehuwden op de Dillenburg. In september 1561 bezocht Juliana haar kinderen in Breda.

Al vroeg leerde zij de slechte karaktereigenschappen van haar nieuwe schoondochter kennen, meerdere malen was zij getuige van haar eigenzinnigheid en hartstochtelijkheid. Vooral in het bestuur van haar huishouding was Anna het tegenbeeld van haar voorganger. Anna van Saksen bleek een spilzieke vrouw te zijn en moeder Juliana moest tot twee maal toe tussenbeide komen om het evenwicht te herstellen.

Op godsdienstig gebied handelde Anna naar haar eigen goeddunken. Men zegt zelfs, dat ze in het geheim tot de katholieke godsdienst overgegaan is, althans kardinaal Granvelle schreef in een brief aan Philips II: „Men verzekert mij, dat de prinses heeft gebiecht en als een katholieke heeft deelgenomen aan de communie."

Op staatkundig gebied had de prins grote zorgen, maar ook zijn huiselijke omstandigheden veroorzaakten hem moeite, zorgen en verdriet. Zijn vrouw was een zonderling mens, zij at heel weinig en zo nu en dan bleef zij 14 dagen achtereen in haar kamer, met gesloten vensters, terwijl zij geen ander licht wenste, dan dat van een kandelaar. Deze gemoedstoestand scheen van jaar tot jaar erger te worden.

In december van het jaar 1564 schonk zij het leven aan een zoon, die echter zo ziekelijk was, dat hij in maart 1565 overleed.

Het samenvallen van de gebeurtenissen van het land met zijn huiselijk verdriet brachten Oranje tot meerdere levensernst en hebben aan de vorming van zijn karakter ongetwijfeld meegewerkt.

In 1567 vertrok Oranje uit de Nederlanden naar de Dillenburg. Zeer tegen de zin van Anna, wat moest zij, de dochter van de grote keurvorst op het eenvoudige slot gaan doen. Met veel bezwaren ging zij mee. Op de Dillenburg voelde zij zich helemaal niet thuis en spoedig daarna wilde zij naaide Nederlanden terugkeren, maar zij werd gedwongen om te blijven. In deze netelige omstandigheden werd Maurits geboren. Nu verzocht zij haar gemaal om elders te mogen wonen, wat hij weigerde. Doch toen de prins afwezig was, maakte Anna hiervan gebruik, trachtte overal geld te krijgen en toen dat gelukt was ging zij naar Keulen.

Zij schreef een brief aan haar oom, waarin zij hem verzocht een vertrouweling te zenden. In 1568 zond keurvorst Augustus Volmar van Berlepsch, aan wie zij uitvoerig vertelde hoe de zaken gesteld waren. Deze gezant zond hierover een rapport aan de keurvorst. De inhoud van dit rapport bestond uit het volgende: Anna beklaagde zich bitter over haar harde positie. Zij had haar echtgenoot gewaarschuwd tegen de oorlog met Spanje, maar hij heeft niet willen luisteren. Al hun geld waren ze kwijt. Grote schulden waren gemaakt enz.

Toen Augustus dit rapport ontving, antwoordde hij dat ze naar de Dillenburg terug moest keren.

Ook de prins was er niet over te spreken. Zijn huiselijk geluk was in scherven gevallen. Veel moest hij missen aan zijn eerste vrouw Anna van Egmond, die hem altijd trouw terzijde heeft gestaan, wat blijkt uit de brieven die zij met elkaar gewisseld hebben.

Nu moest hij het doen met een ontrouwe echtgenote, die hem moedwillig verlaten had. Een vrouw, die hem totaal niet begreep en doof was voor zijn raadgevingen en vermaningen.