Digibron.nl

Officieele Berichten.

Bron: De Heraut
Datum: zondag 11 september 1898
Auteur: Auteur niet bekend
Pagina: 1

(Met verkorting uit het Kerkblad van 9 Sept. '98.^

Kort Verslag van de Vergadering der Classis Sneek, gehouden 17 Augustus 1898.

Peremptoir-examen van den Eerw. heer H. de Lange, beroepen dienaar des Woords te Gaastmeer. Na overlegging van de vereischte stukken vangt het examen aan. Na afloop van het onderzoek besluit de Classis (gehoord het oordeel van de broeders deputaten) met algemeene stemmen broeder De L. toe te laten tot den dienst des Woords en der Sacramenten.

Onder hartelijke woorden van den praeses wordt broeder De Lange het besluit der vergadering meegedeeld.

In de namiddagzitting komt in behandeling: a. Een schrijven van broeder H. uit S. met de vraag, of het niet goed zou zijn, om vóór hij zijne zaak ter Provinciale Synode brengt, alle stukken, die zaak betreffende, in de kerkelijke bladen te plaatsen. De vergadering is van oordeel, dat deze behandeling zeer onkerkelijk zou zijn en besluit voornoemden broeder hiervan kennis te geven;

b. Een schrijven uit K. Broeder J. vraagt daarin: „Is het geoorloofd voor een dienaar des Woords en een ouderling zitting te nemen in de feestcommissie voor 31 Augustus en een voorloopig plan (van feestviering) goed te keuren, waarin opgenomen is ringrijden, mastklimmen, enz.? "

Wijl het speciale geval, tot deze vraag aanleiding gevende, niet eerst op de kerkeraadsvergadering is behandeld, gaat de Classis op de vraag niet in.

De vraag: „Mag ook een ouderling van de Gereformeerde kerk lid zijn van eene coöperatieve zuivelfabriek, die op den dag des Heeren werkt, als hij zijne melk des Zaterdags en des Zondags 'smorgens tehuis houdt; " gedaan door een broeder uit W., kan niet behandeld worden; daar deze vraag niet eerst door den kerkeraad is behandeld.

Omtrent eene vraag uit G. reeds in eene vorige vergadering gedaan, en luidende: „Moet een ouderling (bij afwezigheid van den dienaar des Woords) ook den zegen op de gemeente leggen ? " •— rapporteert Ds. O. in ontkennenden zin; uit oorzaak van het onderscheid dat er is, tusschen het ambt van den dienaar des Woords en dat der ouderlingen, welk onderscheid zeer duidelijk in het Formulier voor de bevestiging van ouderlingen en dienaren uitkomt.