Digibron.nl

Verdroging

Bron: Reformatorisch Dagblad
Datum: woensdag 8 april 1998
Auteur: Drs. D. van der Hoek
Pagina: 21

Door een verbeterde drainage en afwatering en door de toegenomen winning van grondwater is de hydrologie van ons land de laatste decennia ingrijpend gewijzigd. Er is een daling van de grondwaterstand opgetreden, die in verkavelde gebieden gemiddeld 35 centimeter bedraagt.

Dat lijkt niet veel, maar het heeft grote gevolgen gehad voor de Nederlandse natuur. Het grootste deel van de natuurgebieden bleek in 1987 in meer of minder ernstige mate aangetast te zijn door verdroging. Vennen en sloten zijn drooggevallen en de daling van de grondwaterstand in voorheen natte hooilanden heeft geleid tot verruiging en tot het verdwijnen van zeldzame plantensoorten zoals klokjesgentiaan, Spaanse ruiter en diverse soorten orchidee├źn. Het had een domino-effect op andere organismen.

In 1989 werd verdroging erkend als landelijk milieuprobleem en sindsdien is er een antiverdrogingsbeleid gevoerd. Afgesproken werd dat in het jaar 2000 het verdroogde areaal met 25 procent zou moeten zijn afgenomen ten opzichte van de situatie in 1985. De hoofdverantwoordelijkheid voor de verdrogingsbestrijding werd bij de provincies gelegd.

Het jaar van evaluatie komt nabij en daarom wordt steeds meer de vraag gesteld of er genoeg inspanningen zijn gedaan en of ze voldoende resultaat hebben opgeleverd, temeer omdat inmiddels is afgesproken dat in 2010 het verdroogde areaal moet zijn afgenomen tot 40 procent.

Effectgerichte aanpak

Bij het opstellen van het beleid was zonder meer duidelijk dat voor 2000 vooral de oorzaken van de verdroging zouden moeten worden aangepakt. Omdat dit niet van de ene op de andere dag was te realiseren, werd een overlevingsplan opgesteld met als doel in ieder geval negatieve effecten van verdroging op de natuur te verminderen door het nemen van maatregelen zoals het plaatsen van stuwen en het verwijderen van de bovengrond.

Met dergelijke overbruggingsmaatregelen worden de oorzaken van de problemen niet opgelost, maar krijgt de natuur wel een steuntje in de rug.

In sommige natuurgebieden heeft men getracht waterverlies te compenseren door van buitenaf water aan te voeren. Helaas bleek in veel gevallen het middel erger dan de kwaal. Door het hoge gehalte aan meststoffen leidt inlaat van water vaak tot een versnelde achteruitgang van flora en fauna.

In beekdalen, laagvenen en duinvalleien zijn successen geboekt. Zo leidden plaatselijke vernattingsmaatregelen tot de terugkomst van kenmerkende plantensoorten in graslanden en tot herstel van complete ecosystemen van vennen en duinvalleien. Maar duidelijk werd ook dat allerlei pepmiddelen in de natuurterreinen maar korte tijd goed werken en dat de kosten sterk zouden toenemen (tot 1996 was al 21 miljoen gulden uitgegeven aan herstelmaatregelen).

Bovendien bleek dat in veel gevallen de oorzaken voor de verdroging buiten de natuurterreinen zelf liggen en dat de aanpak hiervan veel effectiever en effici├źnter zou zijn. Het gaat dan met name om de onttrekking van grondwater voor drinkwater, industrie en landbouw.

Oorzaakgerichte aanpak

Geschat wordt dat de bijdrage van drinkwaterwinning aan verdroging van natte en vochtige natuurgebieden 10 tot 30 procent bedraagt. Daarom worden nieuwe aanvragen van waterleidingbedrijven voor grondwaterwinning zelden meer gehonoreerd en worden gebruikers ontmoedigd om het goede drinkwater te gebruiken als koelwater, proceswater en sproeiwater.

De waterleidingbedrijven worden gestimuleerd om alternatieven voor grondwaterwinning te ontwikkelen en het blijkt dat er veelbelovende oplossingen zijn gevonden, bijvoorbeeld oeverinfiltratie, diepfiltratie en gebruik van oppervlaktewater. Natuurontwikklingsplannen en jaarverslagen van waterleidingbedrijven laten bovendien zien dat waterwinning en natuur op veel plaatsen te combineren zijn.

Natuur is een schone vorm van landgebruik en levert dus schoon grondwater op. In bijna de helft van alle waterwingebieden wordt nu door middel van een ecologisch beheer aan de totstandkoming van natuurwaarden gewerkt. In het Hunzedal heeft Natuurmonumenten een veelbelovend plan uitgewerkt. Het prijskaartje maakt het belang duidelijk: 135 miljoen gulden voor de verwerving van 4500 hectare landbouwgrond.

Drs. D. van der Hoek, medewerker Landbouw Universiteit Wageningen.