Digibron.nl

Premiegelden misbruikt voor Arbo-diensten

Bron: Reformatorisch Dagblad
Datum: dinsdag 2 april 1996
Auteur: Auteur niet bekend
Pagina: 21

Bedrijfsverenigingen hebben premiegelden misbruikt om de aan hun uitvoeringsorganisaties gelieerde Arbo-diensten te financieren. Dat is niet alleen gebeurd om de oprichting van deze diensten te vergemakkelijken, maar ook om hun verliezen te dekken. Bij elkaar gaat het om vele miljoenen guldens aan premiegelden.

Dat blijkt uit een onderzoek van het College van toezicht sociale verzekeringen (Ctsv), de toezichthouder op het gebied van de sociale zekerheid, naar de financiële banden tussen bedrijfsverenigingen en de aan hen gelieerde Arbo-diensten.

Bij de aanpassing van de Ziektewet van 1 januari 1994 kregen werkgevers een eigen risico van zes weken (kleine bedrijven twee weken). Tegelijkertijd moesten bedrijven zich voor het terugdringen van ziekteverzuim aansluiten bij een Arbo-dienst (een aangeklede bedrijfsgezondheidsdienst). Deze maatregelen maakten veel werknemers van uitvoeringsorganisaties (GAK, GUO, Detam, BVG, SVB) overbodig. In de praktijk ging dit personeel over naar een aan de uitvoeringsorganisatie gelieerde Arbo-dienst.

Volgens het Ctsv hebben het GAK, de Detam en de BVG premiegelden gebruikt om hun zelfstandige Arbo-diensten op poten te zetten. Verder zijn ook na 1994 premiegelden gebruikt om verliezen van Arbo-diensten af te dekken.

Het Ctsv stelt dat dit in strijd is met de geldende richtlijnen op dit gebied. Om concurrentievervalsing te voorkomen, moeten de Arbo-diensten van de uitvoeringsorganisties financieel volkomen op eigen benen staan.

Detam

De grootste financiële belangenverstrengeling doet zich voor tussen de Detam en Detam Arbo BV. Eind 1995 stond de Arbo-dienst voor 10 à 12 miljoen gulden bij de uitvoeringsorganisatie in het krijt. Bovendien is er sprake van 2,3 miljoen gulden aan door de premiebetaler gefinancierde aanloopkosten.

Het Ctsv wil dat alle openstaande rekeningen met rente worden terugbetaald. In het geval van Detam Arbo BV lijkt dit overigens niet mogelijk, omdat dat tot faillissement zou leiden.

De exacte omvang van de oneigenlijke financiering is onduidelijk. Dat komt omdat de uitvoeringsorganisaties niet precies hebben bijgehouden hoeveel werkzaamheden zij voor hun Arbo-diensten hebben verricht. Het Ctsv noemt dit zorgelijk.