Digibron.nl

Europese kustvisserij slaat handen ineen

Bron: Reformatorisch Dagblad
Datum: maandag 18 februari 1991
Auteur: Auteur niet bekend
Pagina: 11 (Financiën en Economie)

PARIJS (ANP) - Nederland neemt met Frankrijk, Spanje en Portugal het voortouw bij de organisatie van de kleine kustvisserij in Europa. Daar mankeert nogal wat aan, terwijl juist de kleine vissers dreigen het slachtoffer te worden van reorganisaties.

Het Europees Parlement heeft eigenlijk alleen maar belangstelling voor de grote visserij op de oceaan en voor joint ventures met ontwikkelingslanden, 20 verklaarde Marjet Witkamp, voorzitter van de Vereniging Hulp in Nood. Ze zei dit zaterdag na een tweedaagse bijeenkomst in Parijs van een twintigtal vertegenwoordigers van organisaties van kleine vissers binnen de Europese Gemeenschap en ontwikkelingslanden als Namibië, Chili en Mauretanië.

Kleine vissers zijn volgens de Europese normen vissers die werken binnen de twaalfmijlszone op schepen met een vermogen van minder dan 300 pk. In Nederland vallen 150 tot 200 schepen onder de kleine visserij. Ook schepen met een groter vermogen maar waarvan de motor is afgesteld op 300 pk worden meegerekend. Dat is tegen alle Europese regels in, maar de Nederlandse regering heeft geregeld laten weten daar niets aan te kunnen doen. „We zijn daar heel nijdig over. We nemen het de Nederlandse regering hoogst kwalijk dat de controles die drie jaar geleden zijn toegezegd nog steeds niet zijn gehouden", aldus mevrouw Witkamp.

Sociaal interessanter

De voorzitter van de Vereniging Hulp in Nood hield in Parijs een pleidooi voor het behoud van die kleine zeevisserij. Deze vorm van visserij is volgens haar ecologisch meer verantwoord en economisch belangrijker wegens de grotere werkgelegenheid dan in de industriële oceaanvisserij. Bovendien is het sociaal interessanter: de familie van kleine vissers ziet pa nog geregeld, terwijl de werknemers in de oceaanvisserij soms maanden van huis zijn en nauwelijks meer een gezinsleven hebben", aldus mevrouw Witkamp.

Europese parlementariërs kunnen 10.000 gulden in de maand krijgen voor het verrichten van onderzoek. Nederland is het enige land dat daar op het gebied van de visserij iets aan doet. Wat de anderen met het geld voor het onderzoek doen, is duister, vertelde Witkamp. Zij wil dat er een globaal onderzoek binnen de EG gedaan wordt naar de problemen van de kleine zeevisserij. Dat spitst zich vooral toe op reglementatie, scholing, veiligheidseisen en de controle daarop.

Vijf per maand

„Er mogen dan regels bestaan, maar die worden soms heel slecht nageleefd en er is nauwelijks een serieuze controle op. Ik ben me lam geschrokken van het aantal doden in de kleine zeevisserij in Frans Baskenland: gemiddeld vijf elke maand", aldus Witkamp. Voor het merendeel betreft dat ongevallen op heel kleine scheepjes, van zes en een halve tot twaalf meter.

Een goede Europese organisatie kan een voorbeeld zijn voor landen in de Derde Wereld, die voor een goed deel van hun voedselvoorziening afhankelijk zijn van de kustvisserij. Marjet Witkamp heeft zich in Parijs vierkant gekeerd tegen de joint-ventures. Het gevolg is dikwijls dat de grote trawlers van Japan, Zuid-Korea, de Sowjet-Unie en Westeuropese landen in ruil voor het opzetten van een plaatselijke visindustrie de wateren leegvissen. Voor de lokale bevolking blijft niets over, meent Marjet Witkamp.

Maar ook in West-Europa zijn er problemen. De Nederlandse kustvisserij heeft bij voorbeeld een verschrikkelijk slecht jaar achter de rug.