Digibron.nl

Opheffing staf Keston College van de baan

Bron: Reformatorisch Dagblad
Datum: donderdag 25 juli 1991
Auteur: onze kerknieuwsredactie
Pagina: 2 (Kerkelijk Leven)

KESTON/OXFORD - De opheffing van de staf van het Engelse Oost-Europa-instituut Keston College is voorlopig van de baan. Het instituut, dat religie in Oost-Europa bestudeert, heeft genoeg geld ontvangen om de acht medewerkers in dienst te kunnen houden. Vorige maand stuurde Keston een brandbrief aan de 15.000 donateurs met het verzoek om „minimaal 50.000 pond" te geven. Dat bedrag is de laatste twee à drie weken bijeengebracht. Zelfs 70.000 pond, zo meldt staflid dr. Philip Walters,

Per 1 augustus is het grote pand in Kent gesloten. Het instituut heeft zich nu definitief in Oxford gevestigd. Ook hoopt Keston College dit jaar een afdeling in Moskou te openen.

De financiële problemen van Keston College dateren van vorig jaar. De helft van de complete staf van 32 medewerkers moest begin dit jaar ontslagen worden. Men hield toen 15 medewerkers over, onder wie 7 wetenschappelijke medewerkers. Dit aantal is minimaal nodig, zo zegt Walters, om het werk zijn normale doorgang te laten vinden.

Oorzaak van de drastisch teruglopende inkomsten (vooral bestaande uit giften) is de nieuwe openheid in de Oostbloklanden. Gevers zagen vanwege alle positieve berichten over perestrojka en glasnost geen aanleiding meer tot het geven van financiële steun. Ook had men de bemiddeling van Keston niet meer nodig om contacten met Oosteuropeanen te krijgen.

Stopzetting nieuwsbrief

Een forse ingreep bij Keston is de stopzetting van Keston News Service, het tweewekelijkse nieuwsorgaan van het instituut. Het verscheen vorige week voor het laatst. „We willen het nieuws nu op een goedkoper en doeltreffender manier versturen, onder meer via telex en fax aan speciale adressen. Op deze wijze kunnen we ook beter inspelen op de actualiteit dan wanneer we berichten verzamelen in een veertiendaags orgaan", zo verklaart dr. Walters.

Tegelijkertijd heeft men het wetenschappelijke tijdschrift "Religion in Communist Lands" uitbesteed aan een uitgever in de buurt van Oxford, die het marketings- en publiciteitsgedeelte voor haar rekening neemt. Keston blijft wel de redactionele verantwoordelijkheid voor de inhoud dragen. De titel van het tijdschrift wordt "Religion, State and Society". Het wordt breder van inhoud.

Naar Oxford

De „droevige" consequentie van de verhuizing naar Oxford is volgens Walters dat Michail Rowe, het staflid dat kenner is van het protestantisme in de Sowjet-Unie, zijn 14-jarig dienstverband heeft moeten beëindigen. Volgens Walters is de reden dat Rowe niet mee wilde verhuizen naar Oxford. Rowe heeft een bestaan als freelance-vertaler en schrijver gekozen.

De verhuizing naar Oxford is niet ingegeven door financiële bezuinigingen, maar vooral door praktische motieven, zo stelt Walters met nadruk. Dat betreft onder andere de goede contacten met universitaire instellingen en andere organisaties in Oxford. Keston hoopt in Oxford ook op een goede relatie met zes Oosteuropese studenten die in oktober in de Engelse universiteitsstad zullen studeren. Verder zal Keston College zich gaar bezighouden met het opzetten van zomercursussen bestemd voor mensen die naar Oost-Europa reizen. „We opereren in hetzelfde onderzoeksgebied als voorheen, maar proberen nu ook advies te geven voor allerhande praktische projecten", aldus Walters.

Kantoor in Moskou

Ondanks de teruglopende inkomsten, wil men dit jaar een kantoor in Moskou openen. Jane Ellis heeft daar het nodige pionierswerk al voor verricht. Op de vraag of een nieuw bureau niet te veel extra kosten meebrengt, antwoordt Walters dat het economisch juist voordeliger is voor Keston om daar een eigen vertegenwoordiger te hebben. Het is volgens hem economischer de bronnen ter plekke aan te boren. Mensen die naar de Sowjet-Unie reizen, kunnen in Moskou een direct gebruik maken van de diensten van Keston.

De financiële situatie blijft moeilijk, zo moet Walters erkennen. „We zitten in een overgangsstadium. De inkomsten blijven nog steeds teruglopen". Kreeg men over 1988/1989 nog een half miljoen pond, het jaar daarop daalde dat bedrag met 160.000 pond en ook dit jaar zette de neergaande lijn zich voort. Maar het feit dat er nu plotseling weer genoeg geld op tafel kwam, betekent dat de betrokkenheid van de achterban niet verdwenen is, zo stelt Walters optimistisch vast. „We krijgen het geld nog steeds uit dezelfde bronnen, individuele gevers, instellingen en organisaties". Een probleem blijft het grote en kostbare gebouw in Kent. „Door de huidige recessie en slechte economische omstandigheden kunnen we het onmogelijk kwijt. Dit betekent een extra financiële last", zo verzucht Walters.