Digibron.nl

Ook de dood is al een luxe in de Sowjet-Unie

Bron: Reformatorisch Dagblad
Datum: woensdag 14 augustus 1991
Auteur: drs. B. Belder
Pagina: 9 (Onbekend)

De "Vernisage" is een kunsten rommelmarkt ineen in het Moskouse stadsdeel Ismailowo. Hier, precies voor een stadion, worden matrosjka's —die leuke, vaak fraai beschilderde houten poppetjes-, samovars ofwel degelijke Russische theepotten, sieraden, boeken en prenten verhandeld'. Een verwaarloosde oude man zit op een betonnen trap voor zijn uitgestalde koopwaar, schilderijen van boeketten in schrille kleuren.

Plots glijdt de bejaarde van zijn plaatsje en ligt hij te krimpen van de pijn op het plaveisel. Zijn gezicht loopt roodblauw aan. Iemand snelt toe voor een hartmassage, er is geen arts in de buurt. Te laat. Nieuwsgierige omstanders zijn getuige van het overlijden van de marktkoopman. Een schokkend, zij het niet specifiek Moskous tafereel. Overal kunnen immers mensen op straat sterven. Waarom dan deze dramatische gebeurtenis opgehaald? Wel, zo vertelt Elfie Siegl -gereputeerd plaatselijk correspondente van de Frankfurter Rundschau en ooggetuige van het voorval-, anderhalf uur later lag het lijk nog op straat! „Ernaast een politieagent die de spullen bewaakt. Een GGD-arts stelt een kort onderzoek in. Hij vertrekt weer. De dode blijft alleen achter".

"Verrijkt u!"

Hoe is het mogelijk? Zijn de Moskovieten dan zo hard geworden? Inderdaad, stelt Siegl onomwonden vast. Zulke sterfgevallen vormen bepaald geen uitzondering. „Bejaarden krijgen een acute hartstilstand op parkbanken, in de rij voor winkels, bij haltes. Ondertusen laten deze doden de levenden schijnbaar volkomen koud. In hun vernederende bestaanssituatie lijkt een mensenleven toch niet meer te tellen".

Met de toenemende economische ontreddering door chaos, anarchie en niet het minst door een explosieve stijging van de criminaliteit, is het leven van alledag voor veel Sowjetburgers een regelrechte strijd om het naakte bestaan geworden. Het huidige devies "Verrijkt u!" heeft tot een voorheen ongekende bruutheid in de onderlinge omgangsvormen geleid.

Tegenover de groep van rijk geworden zwendelaars en speculanten staat de massa van verpauperende doorsnee burgers, die op eerlijke wijze aan de kost moeten/willen komen en derhalve al lang tot de verliezers en verlorenen van de perestrojka-maatschappij gerekend dienen te worden. „Voor een toenemend aantal Sowjetburgers is het leven een last en de dood een luxe geworden", constateert Elfie Siegl.

Spijkerhard

Is dat niet een al te pessimistische visie? Helaas niet. Het is de waarheid. De feiten spreken voor zich. Bij de diepe smart over het ontvallen van een dierbare komt in het Sowjetleven vaak de angst de dode niet eens te kunnen begraven. De kosten van deze plechtigheid beliepen dit voorjaar al 3000 roebel, let wel: tien keer een gemiddeld maandsalaris. Intussen zijn de begrafenistarieven opnieuw gestegen en is de roebel verder in waarde gedaald.

Op de onafzienbare lijst van schaarse produkten en diensten in Gorbatsjovs rijk staan eveneens doodkisten en graven. Ergo: voor een waardige begrafenis van een geliefde is menig Sowjetburger op de zwarte markt aangewezen...

Een uiterst pijnlijke maatschappelijke misstand, die overigens —hoe kan het tegenwoordig anders?— in glasnoststijl in het openbaar wordt gehekeld. Zo berichtte de vakbondskrant Troed dezer dagen over een 45-jarige vrouw, van beroep ingenieur, die onverwacht haar echtgenoot verloor. De chauffeur van de lijkwagen weigerde botweg de doodskist van haar man te vervoeren. „Voor dat wijf rijd ik niet". Zijn reden? De weduwe kon hem niet meer dan 70 roebel betalen.

Overvolle lijkenhuizen

Hetzelfde blad meldde dat momenteel de openbare lijkenhuizen in Moskou overvol zijn. De directeur van een dezer staatsinstellingen liet Troed weten dat „het aantal niet-afgehaalde lijken onophoudeljk stijgt. Het gaat hier niet om daklozen, maar simpelweg om vrouwen die hun overleden man, of kinderen die hun gestorven ouders om financiële redenen niet meer komen begraven".

Vertwijfeld hebben inmiddels vele Sowjetburgers een dringend beroep gedaan op de om Unieregering de tarieven voor begrafenissen in elk geval te bevriezen. „Laat de prijzen toch alsjeblieft op het oude niveau", schreef een Troedlezer aan Sowjetpremier Valentin Pawlov, „want wie vandaag in eenzaamheid zijn dagen slijt, kan morgen nog niet eens in rust sterven".