+ Meer informatie

TER OVERWEGING

7 minuten leestijd

Wulfert Floor, Een verrassende nalezing, 25 nagelaten oefeningen. 307 bladzijden, f. 47,50. Uitg. Den Hertog — Houten 1982.

In de nalatenschap van Wulfert Floor blijken preekoefeningen aanwezig te zijn, die nog niet eerder zijn verschenen. Sinds 1884 was dit feit bekend. Bijna een eeuw na deze mededelingen verschijnen, op initiatief van een kleinzoon van de schrijver, deze 25 preekoefeningen. De preken zijn geschreven in de jaren 1846 — 1847, een jaar nadat hij met oefenen was begonnen. De eerste uit deze bundel blijkt te zijn geschreven na een zeer ernstige ziekte.

Soms vindt men meer dan één datum achter de preek. Dat betekent dat Floor hem meer dan eens heeft gehouden. Bijvoorbeeld nummer 16 over de bede van de tollenaar: augustus 1846 en januari 1856.

De preken gaan voor het merendeel over bekende teksten. Soms treft men een minder bekende tekst aan.

De preken zijn Floor als oefenaar ten voeten uit! Praktisch-dogmatische behandeling van de tekst. Met soms zeer uitvoerige, soms minder uitvoerige toepassingen. Aan het tekstverband wordt niet zoveel aandacht besteed.

De exegetische kant is niet sterk. De praktisch-geestelijke kant is de kracht van deze oefeningen. Eigenlijk is deze aanduiding beter dan de term preken. Het boek bestaat uit oefeningen in het geestelijk leven aan de hand van of uitgaand van een tekst. Prof. Graafland schreef een inleiding. Hij schetst de figuur van Floor, karakteriseert zijn preken en vermeldt historische gegevens, die voor het verstaan van deze oefeningen in zijn tijd en milieu verhelderend zijn! Juist dezer dagen las ik dat Graafland in een discussie de preken van Miskotte als bevindelijk heeft gekwalificeerd. Er is wel een hele afstand te overbruggen om die van Wulfert Floor als bevindelijk daarnaast te plaatsen. Of zouden Floor en Miskotte meer gemeen hebben dan menigeen denkt?

In elk geval is deze bundel om het geestelijke gehalte van de oefeningen ook voor deze tijd nog van betekenis. Het is een keurig uitgegeven boek geworden, voornamer dan de editie van „Al de eenvoudige oefeningen” die ik in mijn bezit heb. Als het maar niet wordt: hoe mooier de band, hoe minder gelezen.

Dr. H. Mulder, Klein Lexikon van bijbelse namen. 132 bladzijden, f. 19,90. Uitg. Kok — Kampen 1982.

Dit is een zeer handig en dienstig boekje wat betreft bijbelse namen. De betekenis van de naam wordt (indien mogelijk) weergegeven. Daarna een vindplaats van de betreffende naam en omschrijving van personalia, voorzover bekend. Dragen meerdere personen dezelfde naam, dan worden zij allen genoemd en aangeduid. Van namen die meer dan vijf keer voorkomen, wordt geen volledige tekstverwijzing gegeven. De bijbelnamen blijken de laatste jaren zeer verschillend te worden geschreven. Elke schrijfwijze is opgenomen. Welke vertaling men ook gebruikt, men kan in dit boekje altijd terecht.

Waardevol is ook de beknopte inleiding, waarin over Bijbelvertalingen iets wordt meegedeeld. Namen uit de deutero/canonieke/apocriefe boeken zijn achterin apart opgenomen (blz. 122 — 131). Bij verschillende steekproeven kregen we de indruk dat hier goed werk is geleverd.

Voor hen die meer van bijbelse namen willen weten is dit een onmisbaar hulpmiddel. We willen de schrijver en uitgever van deze hulp van harte danken.

J. Douma, Echtscheiding. 139 bladzijden, f. 27,50. Uitg. Bolland, serie Ethisch Kommentaar — Amsterdam 1982.

Dit is een boekje even helder èn doorwrocht als welke prof. Douma reeds eerder deed verschijnen in deze serie. Het aantrekkelijke van zijn publikaties is, dat hij grondig onderzoek van Schrift en historie combineert met actualiteit en concreetheid. Een man die in de praktijk van het leven staat en pastorale bewogenheid paart aan bijbelse ernst, zonder formalist of fanaticus te worden. Al deze goede kanten treft men ook in dit boekje aan. Na de actualiteit behandeld te hebben komt er aan de orde: Bijbel en echtscheiding; Kerk en overheid en echtscheiding; met een evaluatie in 30 bladzijden. Tenslotte in hoofdstuk 5: „Enkele concretiseringen”, door in te gaan op tien vragen die de schrijver uit de kerken heeft voorgelegd gekregen.

We willen volstaan met waardering uit te spreken voor de grondige behandeling van de in geding zijnde Schriftplaatsen en voor het overzicht van de geschiedenis. Wij kunnen ons in grote lijnen in het standpunt van Douma vinden. Geen wonder dat er reeds een tweede druk is verschenen! Vooral ambtsdragers kunnen veel hebben aan dit boek, dat voorzien is van literatuurlijst, tekst- en personenregister.

Dr. A.N. Hendriks, Om de bediening van de Geest. 122 bladzijden. Uitg. Van den Berg — Kampen 1983.

De schrijver is (vrijgemaakt) gereformeerd predikant in Amersfoort en gepromoveerd op de ambten bij Van Ruler. Hij is een op vergaderingen van ambtsdragers graag gehoord spreker en over onderwerpen uit de ambtelijke theologie een graag gelezen schrijver.

Dat behoeft niet te verwonderen. Hendriks heeft iets te zeggen. Dat blijkt ook uit het nu te bespreken boek. Tien opstellen, die als artikelen verschenen zijn, heeft de uitgever gebundeld. Het ene is langer dan het andere. Dat kan men ook zeggen van de indringendheid van de probleemstelling en het ingaan op het gestelde thema.

Hoofdstuk 4 „Schillebeeckx over het ambt” is wel zeer beknopt. Het informeert over diens opvattingen en constateert hoe ver Schillebeeckx met zijn vernieuwingen toch nog afstaat van de reformatorische ambtsopvatting.

Het hoofdstuk Catechismusprediking is niet in het minst vanwege zijn vele historische gegevens van betekenis. Ook het tweede hoofdstuk over de schriftuurlijke fundering van het ambt van dienaar des Woords geeft interessant historisch materiaal. Ik had de voorgedragen visie wel graag wat meer uitgebouwd willen zien, al waardeer ik het dat de schrijver het in zijn kerkelijke kring nieuw opgestelde formulier van uitgebreider schriftbewijs voorzien had willen zien worden. Een proeve van uitbreiding zou in dit artikel op zijn plaats zijn geweest.

Ik ben er niet van overtuigd dat de zegen bestaat in „De bediening van de verzoening in de uiterst geconcentreerde vorm”. Naar mijn oordeel is het alleen mogelijk dit te stellen door het ambt van bediening van het Woord te zeer te verstrengelen met het oudtestamentisch priesterambt. Zoals ook de ouderling mag „leren”, ofschoon hij geen predikant is, mag hij ook de samenkomst van de gemeente leiden, waarbij God aan de gemeente door hem de zegen geeft.

Het hoofdstuk over wet en evangelie heeft mij niet bevredigd. Dat is wat de aanklagende functie van de wet betreft wel erg mager. Ik zie niet over het hoofd dat er inderdaad over die functie gesproken wordt. Toch is er — in het licht van de historie en van de praktijk — meer te zeggen dan hier gebeurt.

Het hoofdstuk „Zicht op het lijden van Gods kinderen” is uitwerking in een boekje waard. Dan verdwijnt het schetsmatige dat we nu aantreffen.

“De ouderling en de prediking” en „Ambten als instrumentarium van de Heilige Geest” zijn twee onderwerpen die ik nog wil noemen.

Een boekje dat ik ambtsdragers graag onder de aandacht breng.

In bewerking: JAARBOEK 1983 van de Chr. Geref. Kerken in Nederland

In het Jaarboek worden opgenomen de bijgewerkte gegevens van de kerken, adressen van de kerkeraden, diaconieën, predikanten, deputaatschappen, plaatselijke en landelijke verenigingen, landelijke, classicale en plaatselijke kerkbladen en de kerken, waarmee de Chr. Geref. Kerken correspondentie onderhouden.

Het JAAROVERZICHT 1982 is van ds. M. Drayer. U vindt daarin o.m. een korte levensschets van de predikanten J. van Dalen en H. Toorman die beiden in 1982 hun 40-jarig jubileum vierden.

In 1982 overleden de predikanten A.C. Noort, W. van Dijk en R. Kok. In een „IN MEMORIAM” worden zij herdacht door resp. ds. K.J. Velema, ds. T. Harder en ds. J. Brons.

Ds. H. van der Schaaf verzorgt de STATISTIEKEN.

LUTHER — ENKELE MOTIEVEN IN ZIJN LEVEN EN DENKEN is de titel van het artikel, dat door drs. G.C. den Hertog is geschreven.

HET SLAKEN DER ZILVEREN KOORDE is het onderwerp van een bijdrage door dr. C.J. Verplanke.

Het Jaarboek wordt 232 bladzijden en de prijs f. 11,75, excl. porto. Verm. verschijndatum 2e helft april.

De uitgave is ten voordele van de Theologische Hogeschool.

Verkrijgbaar bij de bekende adressen, de boekhandel en bij Uitgeverij D.J. van Brummen b.v., postbus 24, 3300 AA Dordrecht, telefoon 078 — 133592.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.