+ Meer informatie

TER OVERWEGING

23 minuten leestijd

Ds. G.P.M. van der Linden e.a. Jaarboek 2008 van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland. Uitg. Buijten & Schipperheijn 2008, 335 blz., € 9,75.

Ieder jaar zien we weer uit naar de verschijning van het Jaarboek. Kunnen we een poosje met de minutieus bijgewerkte gegevens uit de voeten — totdat de eerste wijzigingen weer moeten worden verwerkt. Alleen voor dat element al komt de redactie (het bekende trio Van der Linden/Soeters/Velema) lof en waardering toe. Het is al heel lang de gewoonte om behalve alle relevante kerkelijke gegevens, gecompleteerd door een jaaroverzicht (verzorgd door de secretaris ds. H.J. Th. Velema), drie inhoudelijke artikelen te plaatsen. Dit jaar schrijft mevr. G. van der Laan-de Boer iets over de onlangs opgeheven gemeente van De Krim (na een bestaan van 111 jaar); het is een van de gemeenten in een steeds langer wordende rij, waarbij men moet vermoeden dat het de laatste nog niet zal zijn. Dit gezien de getallen bij een aantal gemeenten en het gegeven dat opnieuw het aantal leden landelijk daalde, met 134… (dit getal is volgens de secretaris door onzorgvuldigheden in de aangeleverde gegevens niet geheel betrouwbaar, maar de tendens is duidelijk!). Vervolgens schrijft ds. E. Everts, net weer beroepbaar in eigen land, over het zendingswerk in Guatemala; een mooie tegenhanger van het eerste artikel: Gods werk gaat door, ver over de eigen grenzen heen. Het laatste artikel is van de hand van dr. S. Paas; het gaat over de vraag of men kan geloven zonder kerk; en voordat u die vraag ontkennend beantwoordt (waar u natuurlijk op zich genomen gelijk in hebt), is het goed zijn artikel geestelijk te verwerken. Er worden pittige vragen gesteld, vooral ‘aan hen die (nog?) blijven’. Ik kan dat het beste samenvatten met de woorden aan het eind (blz. 329): ‘Het beste antwoord op de vraag of je kunt geloven zonder kerk is een gemeenteleven dat is gestempeld door geloof, hoop en oprechte liefde’. Wie weet hoeven er dan toch niet meer zoveel artikelen als het eerste geplaatst te worden… Laten we er vurig om bidden!

Jan van der Stoep, Roel Kuiper, Timon Ramaker (red.), Alles wat je hart begeert? Christelijke oriëntatie in een op beleving gerichte cultuur. Uitg. Buijten & Schipperheijn Amsterdam 2007, 262 blz. € 23,75.

Sinds de Duitse socioloog Gerhard Schulze in 1992 een boek schreef over de belevingsmaatschappij heeft die term steeds meer ingang gevonden om onze huidige cultuur te typeren. In de belevingscultuur staat de individuele mens in het middelpunt, maar niet langer met zijn verstand — zoals tot de jaren zeventig van de vorige eeuw -, maar met zijn beleving. De mens van vandaag vraagt om echte beleving, en zoekt dat op velerlei manieren. Er is de kick, de sensatie van het bungee jumpen, of het experiment met xtc. Dat is een beleving die flirt met de dood. Men wil meer dan het leven, en zoekt de grens op. Daarnaast is er een verlangen naar beleving, dat zich meer uit in de vraag naar kwaliteit.

Dit boek is een zorgvuldig geredigeerde bundel, waarin vanuit christelijk gezichtspunt naar onze belevingscultuur gekeken wordt. Goede analyse en trefzekere peilingen treffen we hier aan, en ook doordenking vanuit christelijk perspectief. Een bundel, waaraan niemand die in deze vragen geïnteresseerd kan voorbij gaan. Zeer aanbevolen.

Joseph Ratzinger Benedictus XVI, Jezus van Nazareth. Deel I. Van de doop in de Jordaan tot de Gedaanteverandering. Lannoo Arnhem 2007, 378 blz. € 29,95.

Dit eerste deel van een tweeluik over de weg en het werk van Christus, geschreven door de huidige paus, is een in vele opzichten waardevol boek. Het deed me denken aan wat Herman Bavinck ruim een eeuw geleden deed. Hij toetste nieuwe inzichten in de Bijbelwetenschappen, schiftte kritisch wat er waar en waardevol in was en wat niet, en bracht de gereformeerde theologie op de hoogte van de tijd. Ratzinger doet iets dergelijks. Hij heeft terdege kennis genomen van modern Bijbelonderzoek, en biedt in dit boek een kritische verwerking daarvan op een wijze, die overtuigt en doortrokken is van eerbied voor Gods komen in Christus. Bijbelonderzoek dat zich boven de Schrift verheft wordt onder kritiek gesteld, maar Ratzinger verliest zich niet in polemiek.

De schrijver neemt de lezer mee, en laat hem schitterende vergezichten zien. Samenhangen door de Bijbel heen worden zichtbaar. De ontdekking van het jood zijn van Jezus is hier verwerkt en komt onder meer tot uitdrukking in de relatie tussen Jezus’ woorden en de joodse feesten.

Niemand kan dit boek zonder vrucht lezen. Het is even theologisch als meditatief geschreven, en zo laat het zich ook goed en met zegen lezen. Hoe vreemd het echter ook klinkt, bij alle sympathie en verbondenheid ervoer ik des te heftiger de scheidslijn tussen Rome en Reformatie. Ratzinger ziet het zó, dat het menselijk natuurlijk Godsverlangen, gebracht binnen de lichtkring van de kerk (de sacramenten!), als vanzelf de ziel bij Christus brengt. De ontdekking van Luther was een andere: dat het menselijk hart God helemaal niet wil. Het boek bevat zoveel bijbels materiaal en gehalte, dat ik echter denk dat een vruchtbaar gesprek hierover mogelijk zou moeten zijn.

Arie Romein, Kerk op orde. Mini-handboek bij de Kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland. Uitg. Kok Kampen 2007, 80 blz., € 7,50.

De kerkorde van de CGK is, zelfs met bijlagen, zo klein, dat een mini-handboek wat overdreven zou zijn (alhoewel, met het steeds uitdijend aantal bijlagen…). In de PKN is dat anders. Een overvloed aan kerkordelijke regels en bijkomende ordinanties (zie Kerkorde en ordinanties van de PKN, 279 blz. tekst!) inclusief de overgangsbepalingen, maakt dat een handwijzer geen overbodige luxe is. Dat leest toch even sneller dan de 372 blz. tellende Toelichting op de kerkorde van ds. P. van den Heuvel c.s. Daartoe schreef ds. A. Romein in het ‘Ouderlingenblad’ 12 artikelen. Enigszins aangepast en uitgebreid zijn die nu in dit boekje te lezen. Voor PKN-ambtsdragers verplichte kost, lijkt mij, voor anderen interessant. In ieder geval is (opnieuw) duidelijk dat de PKN met de overige kerken van gereformeerde komaf het presbyteriaal-synodale stelsel koestert, maar dat, anders dan bij de anderen, het synodale meer nadruk krijgt (niet voor niets heet de PKN kerk in enkelvoud en bijv. de CGK kerken in meervoud). Maar ook hier, net als elders: de kerkenraad is de belangrijkste kerkelijke vergadering (blz. 34). Ook ziet men de verschillen met de onderliggende fusie- partners: zo is bijv. afscheid genomen van het hervormde begrip ‘geboorteleden’ (blz. 17).

Ds. P. van Ruitenburg, Naar de kerk. 52 bijbeloverdenkingen over kerkgang. Uitg. Den Hertog Houten 2008, 207 blz., € 14,50.

Een stevig boek van de uit de kring van de Ger. Gem. komende predikant uit Canada, die bepaald een vruchtbare pen heeft. Daarbij is zijn gave om jongeren aan te spreken opvallend. Dat komt ook in dit nieuwe boek uit. Een stevig boek, waar heel veel uit te leren valt, en tegelijk zo gepresenteerd, dat het ‘behapbaar’ is. 52 hoofdstukjes… ik zou zeggen: neem er voor elke week, zo tegen de zondag aan, één. Dat is een goede voorbereiding op de zondagse kerkdiensten. In het boekje wordt namelijk de gebruikelijke liturgie punt voor punt behandeld en daarnaast is er aandacht voor de verwerking ervan in het hart (niet alleen voor de zondag!), voor weekdiensten, begrafenissen, over kritisch luisteren enz.

De inhoud is vaak raak en waard om verwerkt te worden. Men zal er geestelijk bewuster door worden. Natuurlijk zijn er wel details waarover men eens met de auteur door zou willen spreken. Zo is hij wel erg kortaf, wanneer hij stelt dat ouders niet meer voor hun (oudere) kinderen zouden hoeven te zorgen, wanneer dezen niet meer mee naar de kerk willen gaan (blz. 28). Zijn gedachten zijn ook niet altijd consistent. Bijvoorbeeld: bij de verdediging van het kerkorgel (blz. 53) wordt gesteld dat we niet terug moeten naar de ceremoniële eredienst van het OT; die ligt achter ons. Nu wil volgens mij niemand dat, die voor andere muziekinstrumenten pleit (zie ook o.a. Openb. 5:8 en 15:2), maar een stuk verderop haalt de auteur een argument voor de tweede zondagse kerkdienst uit diezelfde ceremoniële eredienst (blz. 131). Daar staan schitterende stukjes tegenover; ik noem daarvan de typering van de kerkdienst als ‘Christus ontmoeten’, blz. 82.

Doekle Terpstra, Benoemen en Bouwen. Uitg. Ten Have Kampen 2008, 114 blz., € 9,90.

In november 2007 liet de auteur, momenteel voorzitter van de HBO-raad, van zich horen door zich duidelijk te keren tegen wat hij noemde: de verwildering van de samenleving. Zijn oproep in een dagblad riep (onvermijdelijk) tegengestelde reacties op. Inmiddels is er een aantal maanden verstreken en nu legt hij zijn overtuiging in dit boek neer. Hij ontvouwt zijn gedachten met name in het eerste deel (Benoemen; in het tweede deel, Bouwen, komen via interviews met behulp van Maarten Meester allerlei praktijkvoorbeelden aan bod). Kort gezegd komt het neer op iets dat we ook vaak in de kerk kunnen waarnemen. Laat ik een voorbeeld nemen: iemand zegt: ‘Er zijn oppervlakkige Opwekkingsliederen’. De ander reageert: ‘Inderdaad, Opwekkingsliederen zijn oppervlakkig’. Die twee uitspraken dekken elkaar echt niet, maar u moet eens opletten hoe vaak deze communicatiefout wordt gemaakt; het brengt niet zelden schade toe of zet op z’n minst de gesprekspartners in een hoek waar zij niet horen. Het komt aan op zorgvuldigheid! En dat ontbreekt meer en meer in onze ‘verplattende’ discussies — in dit boek toegespitst op de ‘vreemdeling die in onze poorten is’. Ingewikkelde problemen lenen zich nu eenmaal niet voor one-liners- oplossingen. Dat is lastig, maar het is niet anders. Ook de media zouden zich dat kunnen aantrekken (getuige een voorbeeld op blz. 81). Ik schrik er overigens van als ik mijn oor in de kerk te luisteren leg bij dit onderwerp, en ik denk dan: er is nog wel wat zendingswerk in dit opzicht te verrichten. Dus laten we dit boek lezen én verwerken. Een lichtpuntje: in het tweede deel van het boek blijkt dat het ook anders kan!

Mieke van Zanten, Religieus erfgoed. Geïllustreerd lexicon. Uitg. Walburgpers 2008, 311 blz., € 39,95.

In dit rijk geïllustreerde boek (900 kleurenfoto’s!) vindt men beschrijvingen van allerlei — meest religieuze — voorwerpen en attributen uit kerken en kloosters in de Lage Landen. Het is een feest om erin te kijken en te lezen. Men ziet — om maar iets te noemen — verschillende psalmborden, een baretknop (vooral in kansels van hervormde kerkgebouwen!), devotiepenningen, diverse menora’s, het koorschot (afscheidingswand in de kerk), een monstrans, naambord van diakenen, predikantenzetels (waar kom je ze nog tegen?), een sacramentshuis (om ‘het lichaam van Christus’ te bewaren), een kerkstoof… kortom, uit allerlei tradities en eeuwen! Het is allemaal het resultaat van een omvangrijk werk, waarin het kwam tot een grootschalige inventarisatie van het kerkelijk kunst- en cultuurbezit. Een boek om telkens weer in te bladeren.

M.J. Paul, G. van den Brink, J.C. Bette (red.), Studiebijbel Oude Testament. Bijbelcommentaar 2 Samuël/1 en 2 Köningen. Uitg. Centrum voor Bijbelonderzoek Veenendaal 2007, 1013 blz., € 72,-.

Al eerder hebben we aandacht gevraagd voor dit reuzenproject; het is de bedoeling om jaarlijks één deel te laten verschijnen, zodat in een aantal jaren een complete commentaar beschikbaar is. Men vindt er de vijf meest gebruikte Nederlandse vertalingen in (SV, NBG’51, Willibrordvertaling, GNB, NBV — bovendien wordt naar de Naardense Bijbel verwezen indien dit relevant is), met elkaar vergeleken, aandacht voor de belangrijkste tekstverschillen in de handschriften, geografische kaarten ter verheldering van de tekst, extra inleidende artikelen en excursen en literatuuroverzichten. Zo krijgt men in kort bestek een breed overzicht! De hierboven vermelde prijs geldt voor een los deel, maar er zijn allerlei mogelijkheden om deze serie aan te schaffen en het financieel behapbaar te houden; men zie

    www.studiebiibel.nl

David Self, Junior encyclopedie over het christelijk geloof. Uitg. Callenbach Kampen 2008, 126 blz., € 17,50.

Een prachtig uitgevoerde encyclopedie voor jongelui vanaf ongeveer 10 jaar. Veel platen, veel prikkelende vragen en opdrachten om de aangedragen onderwerpen eens wat verder uit te diepen… wat jammer dat je het dan toch niet zonder reserve kunt aanbevelen. Waar ligt dat aan? Wat mij betreft aan de wijze waarop de zaken verwoord worden: vaak afstandelijk en zonder duidelijke keuzebepaling. Een voorbeeld daarvan: op blz. 9 lezen we over christenen: ‘Jezus, zeggen zij, was de Zoon van God (…) Dat is nog steeds het antwoord dat veel christenen geven als hen wordt gevraagd wie zij denken dat Jezus is.’ Een stuk verderop, blz. 17, als het over de Bijbelhoofdstukken over Pasen gaat: ‘Door deze verhalen zijn christenen gaan geloven dat Jezus inderdaad uit de dood herrezen is’. Daarnaast is er best sprake van veel waardevolle informatie, bijv. op het gebied van de kerkgeschiedenis en de vele verschijningsvormen van de christelijke kerk hier op aarde. Maar gebruik het met onderscheid.

L.W. Smelt, Van kracht tot kracht… Om een diepere beleving van het Avondmaal. Uitg. Boekencentrum Zoetermeer 2008, 56 blz., € 5,50.

Voor drie weken (twee weken voorafgaande aan de avondmaalsviering en één week erna) 22 overdenkingen, waarin men stap voor stap het klassieke avondmaalsformulier doorloopt. Elke dag een passage daaruit, een Bijbelgedeelte, een overdenking en een gebed. Heel eerbiedig, toegesneden met name op jongeren die nog niet zo heel lang geleden belijdenis van hun geloof hebben afgelegd. Maar ik wens het boekje in veel meer handen; het is echt een goudmijntje! Enkele gedachten: ‘Bedenk dat het zelfonderzoek je niet van het deelnemen van het Avondmaal af wil houden, maar je er juist naar tóe wil leiden’ (blz. 14, vanuit 1 Cor. 11:28). Of: ‘Ik denk dat momenteel het risico van kleinmoedig te worden minder groot is dan het gevaar om hoogmoedig en oppervlakkig te worden’ (blz. 24, vanuit Psalm 32). De auteur was eerder werkzaam als zendingspredikant voor de GZB en is nu predikant van De Bilt/Bussum. Het boekje is uitgegeven in samenwerking met de IZB.

Ds. P. den Butter, Richteren. Trouw tegenover ontrouw. Uitg. Buijten & Schipperheijn 2008, 197 blz., €15,90.

Pittige stof om te bemediteren en te bepreken: de richters uit het gelijknamige boek uit het Oude Testament. Ds. Den Butter, CGK emeritus predikant te Middelhamis, heeft ons een hulpmiddel ertoe aangereikt (een paar jaar geleden schreef hij al over Jozua). Eerder was de irinoud van dit boek via de EO-radio te beluisteren. In de overdenkingen komen verschillende zaken naar voren: de bijzondere roeping die God aan zondige mensen doet toekomen, de ijver die de Geest werkt waardoor er zegen op deze roeping rust, maar ook — hoe kan het anders — de zonde die ook in de harten van dienstknechten van God woedt en die hen soms tot grote geestelijke uitglijders brengt. Het wordt allemaal heel eerlijk op tafel gelegd; én: het wordt geestelijk uitgelegd. Dat brengt diepte in het boek. Nog belangrijker is de laatste lijn: de Here is in het OT bezig om zijn verlossingslijn door te trekken naar de komst van de Messias, de volkomen Verlosser. En zo worden tal van heilshistorische lijnen getrokken van soms falende, maar in ieder geval onvolkomen richters, naar Hem in wie het recht volkomen en wijs is.

Gary Schapman, Win-win. Hoe relaties sterker worden door conflicten op te lossen. Uitg. Kok Kampen 2007, 122 blz., € 13,50.

‘Conflicten in een huwelijk zijn onvermijdelijk, maar ruziemaken is een mogelijkheid - een ongezonde mogelijkheid’, aldus de auteur van dit boek op blz. 110. En daar cirkelt zijn hele verhaal om. Het is bedoeld om huwelijkspartners te leren om hun (soms diepgaande) verschillen van mening te overbruggen, en wel door empatisch te luisteren naar elkaar. Luisteren leidt tot begrip en dat leidt weer tot oplossingen, waardoor er ruimte komt voor harmonie. Kennisnemen van de inhoud van het boek én verwerking ervan zal voor velen, in een tijd waarin ook in de kerk zoveel relaties onder spanning staan, een goed hulpmiddel kunnen zijn om boven hun onderlinge conflicten uit te komen.

Rolf Robbe, De reünie. Jezus door de ogen van zijn discipelen. Uitg. Kok Kampen 2007, 240 blz., € 15,90.

Bijna iedereen wordt er wel eens voor uitgenodigd: een reünie van je klas van vroeger. Het betekent: herinneringen ophalen, bijpraten, ontdekken hoeveel je deelde, soms ontdekken dat je elkaar niets meer te zeggen hebt. In dit boek ‘organiseert’ de schrijver — neerlandicus en werkzaam aan de Geref. Hogeschool Zwolle — een reünie van de leerlingen van de Heiland; voor zover nog in leven natuurlijk, want Judas is op gruwelijke wijze overleden, en ook daarvoor is aandacht (blz. 24). Het levert soms eigen interpretaties op, dat kan niet anders. Maar in het algemeen slaagt Robbe er toch in om de Bijbelse gegevens te verwerken in zijn verhalen. Belangrijker is dat hij wil aanzetten tot persoonlijk discipelschap, door ons a.h.w. in de huid van de discipelen te laten kruipen: hoe moeilijk of hoe mooi is het om aan de hand van de Heiland te leven? Daartoe dienen ook enkele vragen, telkens aan het eind van een stukje.

Henk Stoorvogel, De leerling. Twaalf mensen leerden leven als volgeling van Jezus. Uitg. Voorhoeve Kampen 2007, 175 blz., € 13,50.

Dit boek is een leer- en werkboek. Het wil mensen, die (nog) geen persoonlijk geloof bezitten, mee op weg nemen naar het hart van het Evangelie. Daartoe loopt de schrijver (o.a. bekend als spreker op conferenties en seminars) vijf fasen door: leven zonder God, vreugdevolle kennismaking, radicaal kiezen, leren en vruchtdragen. Het bijzondere is dat hij dit ook leest in de wijze waarop de Heiland de twaalf discipelen discipelen ooit naderbij kwam. Of dat nu in de details allemaal zo precies klopt, daarover zou men nog wel eens kunnen doorspreken, maar één ding moet gezegd: Stoorvogel schrijft zó, dat de lezer geconfronteerd wordt met de twee machten in deze wereld: die van satan en die van God, en ook zó, dat hij/zij gedrongen wordt tot een duidelijke levenskeuze.

Ds. C. van den Berg, Naar een nieuwe tempel. Bijbelstudie over Ezra. Uitg. De Vuurbaak Barneveld 2008, 86 blz., € 8,90.

De auteur schreef eerder een boekje in dezelfde serie over het boek Nehemia. Dat droeg de titel ‘Naar een nieuw Jeruzalem’. Nu volgt een deeltje over Ezra. Het gaat daarin over dezelfde periode in de geschiedenis van het volk Israël: de terugkeer uit Babel en de opbouw van dat, wat men verwoest en verbrand achter zich had moeten laten. Maar de details van beide Bijbelboeken zijn verschillend, en de invalshoek ook. Dat levert — naast enkele overlappingen zoals in Ezra 9 en Neh. 13 — vaak een andere spits op, zoals uit beide titels blijkt. Evenals het andere boekje is ook dit goed te gebruiken in het kader van gemeenteopbouw, zowel rond een prekenserie als rond Bijbelstudie (ook voor groepen, met name door de toevoeging van gespreksvragen): wanneer in het boek Ezra immers de herbouw van de tempel in Jeruzalem de volle aandacht krijgt, komt voor ons de NT-ische tempel, dat is de gemeente van de Here Jezus Christus in beeld. Die lijn wordt in dit boek consequent doorgetrokken en dat geeft volop stof tot meditatie en/of gesprek.

Bennie Sloetjes, Met Petrus en Paulus op stap. Boeiende Bijbelstudies in de Handelingen over de Geest en het ontstaan van de kerk. Uitg. Voorhoeve Kampen 2007, 267 blz., € 17,50.

De auteur gaat hoofdstuk voor hoofdstuk door het boek Handelingen heen. Zijn stijl is duidelijk op jongeren gericht. Elk hoofdstuk begint met een soort parafrase van het aan de orde zijnde hoofdstuk uit Handelingen. Natuurlijk komen daar details in voor, waarvan men zegt: dat kan erin zitten, het kan er ook níet in zitten. Wel met onderscheid bekijken dus en de Bijbel erbij houden. Daarna komt een stukje informatie/achtergrond (bijv. in Hand. 1 over de betekenis van de wolk vanuit het OT, blz. 17). Zo gaat het bijbelboek voor ons leven in het geheel van de Schrift. De auteur heeft gebruik gemaakt van bronnen uit gereformeerde en evangelische kring, getuige de lijst boeken achterin. Hij kiest daarbij vaak voor een gereformeerde lijn, bijv. bij de doop van de cipier uit Hand. 16: ook diens kinderen worden gedoopt (blz. 149).

H.F. Kohlbrugge, De heilige doop, Serie Gedolven schatten. Uitg. De Groot Goudriaan- Kampen 2008, 142 blz., € 9,90.

Dr. Kohlbrugge had grote hoogachting voor het sacrament van de doop. In dit boekje worden enkele van zijn preken over dit sacrament voor het voetlicht gebracht, nl. over Gen. 17:7, Luk. 2:22, Luk. 3:21v, Luk. 15, Gal. 3:27 en Kol. 2:10–12. Daarachter enkele vragen en antwoorden over de doop. Zo mogen de lezers getroost worden door de kracht van de doop en worden zij op het spoor gezet van het zoeken en versterken van het geloof.

L.J. van Valen, Thomas Boston. Serie Inleidingen met kernteksten. Uitg. De Groot Goudriaan- Kampen 2008, 187 blz., € 14,90.

Thomas Boston (1676–1732) was een invloedrijk predikant, niet alleen in Schotland, waar hij leefde en werkte, maar ook daarbuiten. Vandaag nog worden verschillende van zijn geschriften gelezen, zeker in Nederland in orthodox-gereformeerde kring. Te noemen is zijn bekend boek De viervoudige staat. Daarnaast is zijn boek Beschouwing over het verbond der genade van belang. Van beide boeken vindt u nu citaten en een dwarsdoorsnede. Daarnaast komen ook andere werken aan de orde, alsmede een overzicht van zijn leven. Boston was een prediker die vooral synthetisch en niet zozeer analytisch schreef. Hij was vooral gespitst op de leer, hetgeen als schaduwkant had dat de exegese van de tekst niet altijd even sterk is. ‘Het lijkt soms of de keuze van de tekst wordt voorafgegaan door de keuze van de leer die Boston wil behandelen’ (blz. 73). Niettemin kan gezegd worden dat hij een belangrijk spoor getrokken heeft op het gebied van de gereformeerde vroomheid.

Aurelius Augustinus, Belijdenissen. Uitg. AMBO/Anthos Amsterdam 2008, 372 blz., € 25,-.

Het boek Belijdenissen van Augustinus geldt nog steeds als een van de meesterwerken van de westerse bekentenisliteratuur. Ook neemt het, samen met zijn andere werken, een unieke plaats in in de geschiedenis van de christelijke theologie. In een eenvoudige monoloog plaatst hij zich tegenover zijn Schepper en spreekt tot hem over de gebeurtenissen in zijn leven; zo komen eigen tekorten én Gods weldaden aan het licht. Zelf heb ik met enkele collega’s wel eens gedeelten samen gelezen en overdacht. En dat is bepaald verrijkend. Dit alles is door de uitgever via een dikke paperbackuitgave weer goed toegankelijk gemaakt, in een vertaling van Gerard Wijdeveld. Hij verzorgde ook een inleiding tot de tekst.

Flavius Josephus, De oude geschiedenis van de Joden. Uitg. AMBO/Anthos Amsterdam 2008, 372 blz., € 39,95.

Flavius Josephus, een Joodse priester, soldaat en wetenschapper (geboren in het jaar 37 na Chr., overl. rond het jaar 100) is auteur van de oudst bekende, nog altijd lezenswaardige en indrukwekkende vertelling van de oude Joodse geschiedenis. Hij werd tijdens de Romeinse bezetting van Jeruzalem naar Rome gestuurd in verband met de gewenste vrijlating van een aantal gevangen genomen joodse priesters. Na terugkomst sloot hij zich aan bij de opstand tegen de Romeinen; hij overleefde de oorlog tegen hen. Daarna wijdde hij zich aan een geschiedschrijving van de Joden.

Nog altijd wordt zijn werk gebruikt als bron van kennis en informatie. De monumentale, gebonden uitgave die nu voor ons ligt, is vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien van prof. dr. F.J.A.M. Meijer en prof. dr. M.A. Mes, die zich beiden bewegen op het gebied van de wetenschap van de Oude Geschiedenis.

Gurseu Singh, De sikhs.

Sjef Laenen, Chassidisme. Serie Wegwijs. Uitg. Kok Kampen 2008 resp. 2007, 238 resp. 105 blz., € 13,50 resp. € 12,50.

Het sikhisme is met 25 miljoen volgelingen de vijfde wereldgodsdienst. Toch was er tot op heden geen Nederlandstalig boek over beschikbaar. Dat is nu anders. In het algemeen weten we er niet meer van dan enkele uiterlijke kenmerken (de tulband bijv.) De auteur is zelf een sikh, en hij vertelt over de geschiedenis, de basisprincipes van dit geloof en de symbolische betekenis van de diverse uiterlijke kenmerken. Daarnaast is een bundel volksverhalen opgenomen om de historie van dit geloof te illustreren (uniek in de Wegwijs-reeks). Kortom: voor een compacte informatie kunt u in dit boek terecht. En u kunt ze tegenkomen, in Amsterdam bijvoorbeeld, waar het Europese centrum gevestigd is. In Nederland zijn in totaal 11.000 aanhangers, die meest in de Randstad wonen en werken (blz. 182–186).

In het tweede boek wordt — beknopter dan in het eerste — een beschrijving gegeven van de joodse stroming van het chassidisme, zoals die zich vanaf de 18e eeuw in Oost-Europa heeft ontwikkeld. Het chassidisme is in al zijn variëteiten een springlevende stroming binnen het jodendom in het algemeen en de joodse mystiek in het bijzonder. Daarbinnen zijn dan ook weer diverse variaties te onderscheiden. Ze worden op een toegankelijke wijze beschreven.

André F. Troost, Alleen bij U. Dagboek bij de psalmen. Uitg. Boekencentrum Zoetermeer 2008, € 19 90.

In één jaar alle Psalmen door. Dat is goed mogelijk wanneer u dit — in een degelijke gebonden uitgave gestoken — dagboek aanschaft en geestelijk verwerkt. Men zal erdoor verrijkt worden; terecht worden de Psalmen hier ‘het manna van de kerk’ genoemd: ze schreeuwen, klagen, klagen ook aan, brengen lof en dank… De naam van de auteur staat garant voor een frisse en tegelijk degelijke aanpak, dat is ook hier weer het geval. De tekst is genomen uit de NBV en aan het eind van iedere overdenking wordt een Psalm uit de be- rijming-1968 geciteerd. Daarna een kort gebed. Maar wie een andere berijming/vertaling wenst, kan die er zelf bij nemen. En dan vooral de Psalm zelf zingen, dan leert u in een jaar tijd alle 150 melodieën; dat levert dan tevens winst voor de gemeentezang op!

Pieter Boersema, Jaap Hansum, Pieter Siebes ma, Euert van de Poll, Christenen verkennen andere godsdiensten in West-Europa. Uitg. Boekencentrum Zoetermeer 2008, 283 blz., € 23,50.

In dit boek wordt een aantal godsdiensten besproken, speciaal met het oog op het gesprek met hen die deze godsdiensten belijden. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar toch is het een blijk van het verstaan van de veranderingen die in een aantal decennia in onze samenleving én in de kerken hebben plaatsgevonden. De tijd is voorbij dat de wereldgodsdiensten in één catechisatieles konden worden afgedaan (zoals in oudere catechisatieboekjes nog wél kon), of zelfs dat ze helemaal niet werden besproken. De islamiet/moslim, de hindoe, dat is nu onze buurman/vrouw. En met je buurman wil je in gesprek, je wilt hem begrijpen, ook in zijn diepste levensovertuiging. Anders zal er nooit een echt contact tot stand komen. En we willen toch een echt gesprek, dat tot verdieping leidt?

De auteurs zijn allen overtuigd orthodox christen en ze maken daar geen geheim van; zie bijv. in deel IV hun schrijven over de exclusiviteit van het persoon van Jezus, blz. 244–148. Maar daar eindigt het gesprek met anderen niet, daar begint het pas: in wederzijdse eerlijkheid en oprechte belangstelling. En met het oog daarop hebben ze hun bijdragen geschreven. Niet iedereen, zo stellen ze terecht, zal daartoe in staat zijn; men moet geestelijk stevig op de benen staan (blz. 250). En zo vindt u in dit boek informatie over het jodendom, de islam, het hindoeïsme en het boeddhisme (deel II), over godsdienstige ontwikkelingen zoals syncretisme, sektarisme en fundamentalisme (deel III). Om het geloof te behouden én om het gesprek te bevorderen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.