+ Meer informatie

Duitsland stempelt EMU-discussie

Ex-bondskanselier Helmut Schmidt vreest voor "mark-nationalisme"

4 minuten leestijd

Iedere zichzelf respecterende politicus of monetaire deskundige doet dezer dagen uitspraken over de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU). Komt die er wel of komt die er niet in 1999? Welke landen gaan eraan meedoen en wie beslist daarover?

Wie het nieuws volgt, krijgt de laatste dagen de indruk dat over het lot van de EMU beslist wordt in Bonn of in Frankfort, waar de Duitse centrale bank gevestigd is. Daar wordt door Bundesbank-president Tietmeyer en zijn collega's fervent gepleit voor een ,,strikte toepassing" van de EMU-toelatingscriteria.

De heren krijgen steun vanuit Bonn, waar minister van financiën Waigel twee weken geleden suggereerde dat landen die willen meedoen aan de EMU zich nogeens expliciet ertoe verplichten om ook na invoering van de monetaire unie een beleid te blijven voeren dat gericht is op economische en monetaire stabiliteit. Daarbij zou men bijvoorbeeld moeten beloven om niet net binnen de EMU-normen te blijven, maar duidelijk daaronder. Waigel noemde daarbij een financieringstekort van 1 procent van het bruto nationaal produkt (bnp) als streefgetal, in plaats van de 3 procent van het bnp die geldt als EMU-norm.

Mallorca

Enkele dagen later twijfelde Waigel eraan of Italië en België wel tijdig zouden kunnen voldoen aan de EMU-normen. Daarop verklaarde bondskanselier Kohl tijdens de informele EU-top op het Spaanse vakantie-eiland Mallorca een week geleden dat hij onder de indruk was van het huidige Italiaanse beleid van premier Dini en dat beslissingen over het wel of niet meedoen aan de EMU pas voorzien zijn voor 1997 of 1998.

Daarmee was de discussie echter nog niet ten einde. Minister Waigel ging na Mallorca onverdroten verder met het ventileren van wensen en eisen, daarbij gesteund door nieuwe uitlatingen van Bundesbank-prominenten.

In het Duitse weekblad "Die Zeit" beschuldigt ex-bondskanselier Helmut Schmidt de Duitse centrale bank ervan dat zij eigenlijk niets voelt voor het Europese centrale banksysteem dat voorzien is voor de derde en laatste fase van de EMU. De Bundesbank werkt met haar scherpe stellingnamen een soort ,,Duits mark-nationalisme" in de hand, dat volgens Schmidt politiek ernstige gevolgen kan hebben. Hij wijst erop dat Duitsland deze eeuw tweemaal geconfronteerd werd met een front van "allen tegen één".

Het beleid van de naoorlogse Duitse regeringen van bondskanselier Adenauer via Schmidt tot en met bondskanselier Kohl is erop gericht geweest om die confrontatie te vermijden. Maar volgens Schmidt stimuleren Waigel en zijn Bundesbank-bondgenoten juist weer die oude twijfels over de Europese gezindheid van Bonn. Als dat leidt tot nieuwe confrontaties, is het hele naoorlogse streven om Duitsland te integreren in een breder Europees geheel voor niets geweest, zo meent de oud-bondskanselier.

Uitstel

Hij krijgt daarbij de steun van de oud-president van de Bundesbank, Pöhl, die ervoor pleit om in 1999 desnoods met een kleine groep landen aan de EMU te beginnen ,,omdat bij uitstel het hele project dreigt te sneuvelen".

Dat is ook de vrees van Duisenberg, de president van de Nederlandsche Bank, die erop wijst dat de toelatingscriteria voor de EMU ,,minimumvoorwaarden" zijn. Verder is Duisenberg bang dat sommige lidstaten terugschrikken voor de consequenties van een strikt stabiliteitsbeleid, omdat dat bijvoorbeeld tot een verhoogde werkloosheid kan leiden. Bij zulke opmerkingen kijkt iedere waarnemer automatisch in de richting van Parijs, waar de nieuwe regering van Alain Juppé net een begroting heeft ingediend die werkgelegenheidsprogramma's moet stimuleren maar die weinig weg heeft van een scenario dat Frankrijk de EMU moet binnenloodsen. Maar zelfs minister Waigel zegt dat een EMU zonder Frankrijk ,,niet realistisch" is.

As Bonn-Parijs

Gaat het dus eigenlijk niet om een discussie tussen politici en monetaire deskundigen maar om een dringend verzoek van Bonn aan Parijs om toch alsjeblieft niet te tornen aan de EMU-criteria en daarmee de as Bonn-Parijs te verzwakken? Het is een publiek geheim dat de Duitse regering zo haar twijfels heeft over de "Europa-gezindheid" van de nieuwe president Chirac. Bonn vindt dat de nieuwe regering een duidelijker beleid richting EMU moet voeren en de daaraan verbonden kritiek dan maar moet slikken. Als men dat in het eerste jaar na de verkiezingen niet durft, wanneer dan wel? Of is ook Parijs bang voor verlies van monetaire soevereiniteit, zoals dat van de Duitse Bundesbank wordt beweerd?

De Europese Commissie blijft intussen hameren op naleving van wat in het Verdrag van Maastricht is afgesproken. Europees commissaris Yves-Thibault de Silguy heeft er deze week in Utrecht op gewezen dat de EMU noodzakelijk is voor een soepel functioneren van de interne markt van de EU.

Locomotief

Zou uitstel van de EMU leiden tot afstel, dan blijft er van het verenigd Europa weinig anders over dan een vrijhandelsassociatie met Duitsland als locomotief. Dat beeld heeft Europees ambtenaar Connolly geschetst in zijn recente boek "Het verrotte hart van Europa; de vuile oorlog om het Europese geld". Connolly's bazen in de Europese Commissie waren niet blij met zijn dissidente visie, die afwijkt van het officiële optimisme. Connolly werd op non-actief gesteld. Hij is het eerste slachtoffer van de door hemzelf beschreven "vuile oorlog".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.