+ Meer informatie

WIE IS JEZUS CHRISTUS?

3 minuten leestijd

De bekende remonstrantse theoloog E.P. Meijering biedt in het hieronder aangekondigde boek wat de titel belooft: een vrijzinnig orthodox antwoord op de vraag wie Jezus Christus is. Hij draagt zijn boek op aan zijn leermeester in de Studie van het Nieuwe Testament, G. Sevenster(1895-1985), net als hij een vrijzinnig theoloog. Sevenster baarde opzien door het in zijn De Christologie van het Nieuwe Testament op te nemen voor zo ongeveer het complete orthodox-christelijk belijden aangaande Jezus Christus. Vrijzinnig acht Meijering zichzelf in die zin dat hij de historisch-kritische benadering van de Bijbel accepteert en zelf ook hanteert. Waar men echter in deze benadering blind is voor de eigen vooronderstellingen en een nieuw soort orthodoxie vormt, namelijk van een Jezus als niet meer dan een joodse man uit de eerste eeuw, toont Meijering zich een echte wetenschapper. Hij stelt dat sommige wetenschappers veel te ver gaan, als zij menen dat de belijdenis van het God zijn van Christus op wetenschappelijke gronden niet houdbaar is.

Het boek bevat prachtige en prikkelende statements, zoals dat Jezus als grote Voortrekker en Inspirator op ethisch gebied echt achterhaald is, net zoals ook aan het meer recente beeld van Jezus als een vriendelijk, alles begrijpende therapeut geen lang leven beschoren zal zijn. Een visie op Jezus Christus die Hern als enkel mens ziet zegt in feite: ‘Er is geen God en Jezus is zijn Zoon geworden.’ Meijering verzucht dan: ‘Wie kan bij die belijdenis leven?’

Op een paar punten zou ik wel met Meijering door willen praten. Hij noemt de nieuwtesta-mentische getuigenissen aangaande de opstanding van Christus ‘historisch gezien onzekere opstandingsverhalen’. Bij de – onmiskenbare – verschiffen tussen de evangeliën verdisconteert Meijering niet wat de eveneens met historisch-kritische methoden werkende nieuw-testamenticus M. Hengel heeft laten zien, namelijk dat naar het algemeen gevoelen in de oudheid die verschillen niet wijzen op onzekerheid, maar op betrouwbaarheid, en er uitdrukking van zijn dat men groot belang hechtte aan deze boodschap.

Nog een vraag: gaat het in de belijdenis van de maagdelijke geboorte om ‘biologie’? Dat was en is niet de interesse van de kerk. Wèl heeft de belijdenis van de geboorte van Jezus uit de maagd Maria een biologisch aspect, maar verder dan dat moeten we maar niet proberen te gaan.

Een laatste punt: Meijering stelt meer dan eens de vraag aan de orde, wat Jezus van zichzelf heeft gedacht. Dat is een belangrijke vraag. Het zou nogal wat betekenen als Jezus zichzelf als maatschappijhervormer heeft beschouwd of als een rabbi onder anderen, en met zijn dood niet of nauwelijks zou hebben gerekend, laat staan dat Hij heeft geloofd dat zijn dood tot verzoening van onze zonden zou zijn. Door zulke dingen te stellen reduceert men Christus tot enkel een mens. Het is echter gemakkelijker om te zeggen waarmee we het niet eens zijn, dan aan te geven hoe het wèl is. Veel verder dan dit negatieve, deze grens, kom ik niet. Zoals Christus zelf een geheim is, als God en mens, zo is dat ook zijn ‘zelfbewustzijn’. We hoeven het niet van Jezus’ denken over zichzelf te hebben, maar van zijn beloften voor ons. En daarover hoeft gelukkig geen onzekerheid te bestaan.

Al met al: dr Meijering heeft ons een waardevol en prikkelend boek geschonken, dat ik met vrucht gelezen heb.

n.a.v. Eginhard Meijering, Wie is Jezus Christus? Een vrijzinnig orthodox antwoord. Uitg. Kok Kampen 2010, 125 blz., € 13,80.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.