+ Meer informatie

Satan, Christus' tegenpartijder!

4 minuten leestijd

(DE VIJANDEN GODS 5)

De zonde is, zoals wij reeds zagen, de grote vijandin van God. Maar zij is geen persoon, die zelf handelt en optreedt; ze is daarentegen een macht, bestaande in het nalaten van wat God geboden heeft; ze is overtreding van Zijn Wet; ze is ongerechtigheid.

Om de zonde te kunnen bedrijven, moet er dus een persoon zijn, die achter de zonde schuilt en die het kwaad der zonde ten uitvoer brengt.

We hebben dan ook bemerkt, dat Satan, één der voornaamste afgevallen troongeesten, de bewerker van alle zonden is. Op die leugenaar van den beginne hebben wij gewezen als zijnde een afgevallen engel, een verleider der mensheid en de overste der wereld.

Alvorens we nu van Satan ophouden te spreken en overgaan tot de mens als vijand van God, hebben we nog op twee zaken te letten, die in nauw verband staan met het optreden van de vader der leugenen. Hij is namelijk een tegenvoeter van Christus en een verklaard vijand van Gods volk.

Als tegenvoeter van Christus draagt hij terecht de naam van Anti-Christ. Antichrist wil zeggen: tegen-Christus. En dat niet slechts in de ruime betekenis van zich tegen de Christus te stellen, maar meer in de engere zin van: tegenbeeld of tegenhanger. Dr. Maarten Luther heeft Satan eens genoemd: de aap van Christus; dat is iemand, die Christus nabootst, maar dan op een wijze, die bedoelt van Christus af te trekken.

Komt Christus zich aandienen als de Verlosser, dan is de Satan er bij om te beweren, dat de mens geen verlosser van node heeft; hij loochent, dat er een Christus in het vlees moet verschijnen; hij is er aldoor op uit geweest, en nu nog, om al wat met Christus en Zijn Naam en Zijn werk samenhangt, uit te roeien en af te breken; hij tracht de mensen de weg te doen inslaan, die vlak tegenovergesteld is aan de heilsweg.

Reeds in het Oude Testament was het zijn toeleg om de komst van Christus onmogelijk te maken. H ij was het, die Abram trachtte te overreden om het beloofde zaad niet uit Sara, maar uit Hagar te verwachten. H ij was het, die Koningin Athalia gebruikte om al het koninklijk zaad uit te roeien, opdat de lijn van David gebroken zou worden; maar God zorgde, dat er nog een kleine Joas overbleef, in wie het huis van David voortgang had. H ij was het, die door Haman probeerde om al het Joodse volkten onder te brengen, opdat de Messias niet zou kunnen geboren worden. H ij was het, die het Herodes ingaf om al de kleinen binnen Bethlehems landpalen te vermoorden, opdat ook de geboren Koning onder zijn zwaard zou vallen. Vóór de Christus in het vlees verscheen, bestreed hij Hem door Israël tot afgoderij te verlokken. En zodra Christus op aarde wandelde, kwam hij Hem telkens tegen in de persoon van een bezetene. En in de toekomst zal hij in alle opzichten pogen Christus na te doen. Hij zal wonderen en tekenen doen: Hij zal profeten en getuigen uitzenden, en zo het mogelijk ware, zelfs de uitverkorenen verleiden door de grote kracht der dwaling, die van hem uitgaat.

Maar ook nu, in de tijd waarin wij leven, is hij de geduchte tegenvoeter van Christus. Dezelfde Luther, over wie wij zoëven spraken, heeft ook eens gezegd: Waar Christus een kerk bouwt, daar zet Satan er een kapel naast. En dat blijkt telkens maar overduidelijk. Als er ergens een troon van Christus wordt opgericht, plaatst Satan zijn troon en regiment tegenover dat van Christus en betwist Hem het recht om te heersen onder de mensenkinderen.

Als Christus wil, dat alle knie zich voor Hem buige, dan eist Satan, dat men voor hem nederkniele. Ontving Christus alle macht op aarde, hij tracht zich die macht toe te eigenen. En wie de tekenen der tijden verstaat, weet hoe ver zijn macht reikt. Alom ziet men „de sterke man" verschijnen, die het roer van staat in handen neemt en alles onder zijn heerschappij brengt, zodat zelfs de Kerk des Heeren in verdrukking komt. In het ene land acht hij het beter zich van het communisme te bedienen, terwijl in een ander land een dictatoriale regeringsvorm hem beter past; maar overal, waar de macht in één hand komt, gaat het tegen de Christus en Zijn Rijk. Totdat straks de grote strijd gestreden zal worden, en Satan van het toppunt van zijn macht zal neerstorten in eeuwige verwoesting.

Maranatha! De Heere komt!

Wat vijand tegen hem zich kant', Mijn hand, Mijn onweerstaanb're hand Zal hem bekleen met schaamt' en [schand; Maar eeuwig bloeit de gloriekroon Op 't hoofd van Davids groten Zoon.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.