+ Meer informatie

Herdersleven

3 minuten leestijd

Die dag woei het behoorlijk. Uren had de kudde vertoefd op een weids heideveld, ver van de publieke aandacht, afgelegen van veelgekozen fietsroutes. In de loop van de middag zou ik naar de kooi trekken, maar voordat het zover was deden we nog een heuvelachtig terrein aan. We vormden een klassieke formatie: herder voorop, dan de kudde en ten slotte de honden. Zodra we uit de bosrand opdoken, zag ik twee kale hoofden boven de hoge struikhei uit. Ze schudden driftig heen en weer. Het was alsof de ene kale met volle toewijdig de andere kale van iets trachtte te overtuigen. Hoe heftiger de ene tekeer ging, hoe heftiger de andere daarop reageerde. Tussen die twee leek zich niet alleen een temperamentvol gesprek te hebben ontwikkeld, maar zelfs een hooglopende ruzie.

Soms leek er een verzoening ophanden te zijn. Dan gingen de hoofden minzaam heen en weer, zoals vrienden praten over onderwerpen waarover zij het geheel eens zijn en waarvan ze er genoegen in scheppen dit gezamenlijk eens-zijn al pratend nog eens extra te koesteren. In gedachten hoorde ik er een lieflijke Chopin op de piano bij musiceren. Dan ineens vloog de vlam weer in de pan. De koppen stieten tegen elkaar. Had de een iets onvertogens geuit? Iets uit een gevoelig verleden naar boven gehaald? Op de achtergrond hoorde ik een stormachtige Dvorak zijn orkest opzwepen.

Deze ruzie was niet gemakkelijk bij te leggen, dat zag je zo. Akelig zoals die twee tegen elkaar tekeer gingen. Dit zou niet zonder schade aflopen dacht ik, het tweetal gadeslaand. Ik had meer gelijk dan ik kon vermoeden. Was de spanning de rechter kale te veel geworden? Kwam een verwensing van de linker werkelijk uit? Een knal daverde over het veld. De schapen stoven uiteen, de honden blaften en ik snelde toe naar de merkwaardige plek, waar nu nog één kale heen en weer deinde. Van een lijfelijk conflict was nu geen sprake meer. Aan een draadje aan de nog intacte ballon, lag onder een struikje hei een uiteengereten soortgenoot. Ooit door een vrolijk kind de lucht ingestuurd, had het duo zich voor mijn ogen in alle eenzaamheid ontwikkeld tot acteurs van de bovenste plank.

Mijn fantasie werd niet langer meer geprikkeld door een denkbeeldige samenspraak van twee passanten in het struikgewas. Uit piëteit met de overgeblevene maakte ik het draadje los en wandelde met de dansende ballon achter me aan om de kudde heen. Hond Sil vond het een ongepast gezelschap en volgde me op meer dan normale afstand. Aan de rand van een bosje dun dennehout stond een dikke den. Ik knoopte mijn ballon aan een tak, twee meter boven de grond. Leuk hoe de wind ermee speelde en hoe het wit helder afstak tegen de donkere dennetjes. Tegen vieren naderde de jeep van de opzichter. Het beweeglijke voorwerp lag op de route. Hij stopte, observeerde het voorwerp niet, rukte aan het touwtje en nam mijn ballon mee. Ik voelde me een beetje eenzaam, verbonden met het onbekende kind dat eerder deze ballonnetjes had nagestaard.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.