+ Meer informatie

Orderbestand Nederlandse werven loopt terug

2 minuten leestijd

DEN HAAG De nieuwe orders voor de Nederlandse scheepstoerven hebben in het derde kwartaal van dit jaar een aanzienlijke daling te zien gegeven in vergelijking met alle voorgaande kwartalen tot en met het derde kwartaal van het vorig jaar. Volgens de Cebosine (Centrale bond van scheepsbouwmeesters in Nederland) wordt het orderbestand van de Nederlandse werven geleidelijk kleiner, maar er is geen reden tot grote bezorgdheid, omdat de Nederlandse werven nog voor gemiddeld anderhalf jaar van werk zijn voorzien.

Wel moet hierbij worden aoragetekend, dat de werven in de landen om ons heen over het geheel genomen beter in het werk zitten dan de Nederlandse werven. Overigens lopen ook in de andere landen de orderportefeuilles geleidelijk terug, wat verband houdt met de tragere ontwikkeling van de wereldeconnomie. Het is allemaal niet erg verontrustend, maar het achteruitgaan van de orderportefeuilles is toch wel een teken aan de wand, aldus de Cebosine. In het derde kwartaal beliepen de nieuwe opdrachten voor zeevarende handelsschepen, volgens het CBS, -52.000 bruto register ton tegen 524.000 ton in het tweede kwartaal, 145.600 bruto register ton in het eerste kwartaal 159.200 ton in het laatste kwartaal van 1973 en 657.800 ton in het derde kwartaal van vorig jaar. Volgens de Cebosine kan men bij de beoordeling van de trend niet helemaal afgaan op deze cijfers. Om te beginnen geven de cijfers van Lloyd's te Londen een kleinere achteruitgang te zien en verder merkt Cebosine op, dot 1973 een zeer bijzonder jaar voor de Nederlandse scheepsbouwindustrle is geweest, zodat vergelijking van de cijfers van dit jaar met die van verleden jaar niet opgaat. De zeer hoge cijfers van som,mige kwartalen zijn toe te schrijven aan het ontvangen van opdrachten voor mam,moettankers en opdrachten voor dit soort grote schepen worden in het geheel niet meer gegeven.

De nieuwe orders voor baggermateriaal, booreilanden, boorschepen, elevateurs en transporteurs, drijvende kranen en dokken, drijvende droogdokken beliepen in het derde kwartaal 28.800 metrieke meter tegen 94.200 in het tweede kwartaal en 76.800 in het derde kwartaal van 1073. Voor deze achteruitgang wist men bij de Cebosine geen verklaring. Wel werd opgemerkt, dat de neiging om booreilanden meer en meer van beton jte vervaardigen op de cijfers van invloed kan zijn. Dergelijke werken vallen niet onder de scheepsbouwstatistieken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.