+ Meer informatie

Boekbespreking

5 minuten leestijd

Redelijke Godsdienst door W.à Brakel, opnieuw bewerkt door Mr. J. H. Koolschijn. Uitgeverij Pieters Oostburg. Wilhelmus à Brakel is onder ons bekend. Hij werd in 1635 te Leeuwarden geboren, werd predikant en stierf in zijn laatste standplaats Rotterdam in 1711. In „Hollansche Geloofshelden”, uitgave van W.M den Hertog te Utrecht, komt ook een artikel over à Brakel voor. Deze dienaar heeft vele jaren getrouw gearbeid en heeft nog zijn betekenis door zijn geschriften, waaronder de Redelijke Godsdienst wel de eerste plaats inneemt. Dit werk verscheen voor het eerst in 1700. Ds. Abr. Hellenbroek zegt in zijn lijkpredikatie na verschillende geschriften opgesomd te hebben het volgende: ”Dit alles is als verzwolgen in zijn Redelijke Godsdienst, een werk in het stuk van de waarheid en bijzonder in de kracht van een innige en recht geestelijke beoefening zo doorwrocht, zo nuttig, zo dierbaar, dat het de tijd welzal verduren; onder veel nachtwaken en ernstige biddingen tot God opgesteld; binnen en buiten het land, tot in Oost- en West-Indiö toe, onbedenkelijk verspreid en getrokken in steden en dorpen van on sland; nauwelijks vindt men ergens tedere godvruchtigen, of men vindt er Brakel's Redelijke Godsdienst, daarom ook (ik weet niet of daarvan in een werk van die grootte en zwaarte een weerga is) binnen de tijd van älf jaren nu al voor de vierde maal ter perse; in het jaar 1700, toen in het jaar 1701, wederomin het jaar 1707, en nu wordt het weder gedrukt. Geen huisgezin behoort het te missen; de vrucht; die het alleszins gedaan heeft en nog doet, is ongemeen; van verre en van nabij hoort men daarvan de allergrootste en opmerkelijkste getuigenissen. Door hetzelve zal hij nog blijven spreken nadat hij gestorven is”.

Het is thans anders dan in de tijd van à Brakel en Hellenbroek. Mr. Koolschijn zegt in zijn voorwoord in het eerste deel, dat de belangstelling voor dit (overigens nog maar antiquarisch verkrijgbaar) leerboek is afgenomen. Dit is voor hem de drijfveer geweest om te trachten het in een vorm te brengen, waarin men het wat spoediger en ook gemakkelijker ter hand neemt.

We moeten het natuurlijk betreuren, dat een werk als de Redelijke Godsdienst in deze tijd niet meer die aandacht heeft als vroeger. Het verdient nog alle belangstelling. Er staat veel in tot onderwijzing. Echter moeten we niet vergeten, dat het werk nogal uitvoerig is, wel wat te uivoerig voor deze üjd. Ook moeten we voor ogen houden, dat sinds à Brakel zijn werk schreef veel andere goede lectuur verschenen is.

Het lijkt ons goed, dat Mr. Koolschijn een poging gewaagd heeft om à Brakel in een samenvatting van diens werk te laten spreken. Voorzover wij dat hebben kunnen nagaan is hij daarin goed geslaagd. Zo hier en daar hebben we het oorspronkelijke werk en de samenvatting met elkaar vergeleken. Mr. Koolschijn moest natuurlijk voortdurend kiezen tussen wat hij zou overnemen en hoe hij dat zou doen en wat hij niet zou overnemen. Mr. Koolschijn heeft het wezenlijke van de Redelijke Godsdienst behouden. Wat nu verschenen is in twee delen is zeer lezenswaardig. Mr. Kooischijn heeft zich, vermoeden we, aan de oudste uitgaven gehouden. Het stemt, voorzover we kunnen zien, overeen met de uitgaven van 1700, die we bezitten. Alleen loopt daarin de nummering van de bladzijden en van de hoofdstukken door, bij deze uitgaven niet. Koolschijn heeft ook hoofdstuk 52, 2e deel (bij Brakel 86): over het ongeloof aan zijn eigen staat in het geheel niet overgenomen. Koolschijn meent, dat de behandelde stof van zodanige aard is, dat hij gezien het bestek van dit boek op dit hoofdstuk niet nader moet ingaan.

We bezitten nog een uitgave in één band van het gehele werk „in de tegenwoordige spelling, onveranderd naar de beste uitgave, derde druk”. Dit is een uitgave van D.Bolle te Rotterdam. We vermelden dit om het volgende.

Aan het eind van het eerste deel van zijn werk schrijft à Brakel o.a.: „Van de tweede druk heb ik gezegd, dat er geen zaken zijn uitgelaten, maar dat hier en daar de zin een weinig verkort is. Ook is er niets bijgekomen dat noemenswaardig is, hier en daar is alleen een mening bijgevoegd, of een zaak wat uitgebreid. Deze is uitgekomen de 2e oktober 1701.

De derde druk is merkelijk vermeerderd. 1. Met het leven des geloofs op de beloften.2. Met een waarschuwende bestiering tegen de Piëtisten, Qiuëtisten en de diergelijke afdwalenden tot een natuurlijke en geesteloze godsdienst, onder de gedaante van geestelijkheid. 3. Met een verklarende en toepassende uitbreiding van het Gebed des Heeren.

Omtrent de eerste twee punten handelt à Brakel in het eerste deel na het hoofdstuk over de Praktijk van het Heilig Avondmaal in afzonderlijke hoofdstukken, waarvan we bij Koolschijn geen samenvatting vinden. Wel vinden we in diens tweede deel een hoofdstuk (26): Verklarende en toepassende uitbreiding van het gebed des Heeren. Dat doet zien, dat hij bij zijn tweede deel wel rekening gehouden heeft met de vermeerderde uitgave van à Brakel. Koolschijn brengt een verbetering aan door bij de behandeling van het Gebed des Heeren aan elke bede een apart hoofdstuk te wijden, à Brakel zelf had de eerste bede ondergebracht in het hoofdstuk: Verklarende en toepassende uitbreiding van het gebed des Heeren. De andere beden behandele hij wel onder een afzonderlijk hoofdstuk. Mr. Koolschijn eindigt zijn werk met het hoofdstuk: Van de eeuwige heerlijkheid, à Brakel laat zelf nog enige hoofdstukken volgen over de kerk van het O.T. enz. en tenslotte over de Openbaring van Johannes. Mr. Koolschijn schrijft niet, waarom hij niets van deze hoofdstukken overneemt.

We mogen verwachten, dat deze bewerking van de Redelijke Godsdienst zijn lezerskring wel zal vinden. Het werk is uitgegeven in 2 zwarte banden en kost f 9,50 per deel, franco.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.