+ Meer informatie

BEROEPSETHIEK VOOR PASTORES

3 minuten leestijd

Als we het Nieuwe Testament nalezen op de eisen waaraan een dienaar van het evangelie heeft te voldoen, dan bieden met name de brieven aan Timoteüs daarvoor het nodige materiaal. Maar ook al in Matteüs 10 geeft Jezus strikte gedragsvoorschriften aan zijn leerlingen, voordat Hij hen eropuit stuurt. Kun je daaruit een ‘beroepscode’ destilleren? En moet dat ook? Uit het bevestigingsformulier en ook wel uit de vragen voor de kerkvisitatie komt wel een beeld naar voren van wat tot een goede uitoefening van het ambt behoort. Daarnaast staat in onze kerkorde het nodige vermeld, wat een predikant niet kan en mag doen, op straffe van schorsing en afzetting. Maar er blijft iets als een ‘grijze zone’.

In de samenleving zijn allerlei opvattingen over wat kan en mag en ‘moet kunnen’ verschoven, maar tegelijk — of ook daarom — worden er voor diverse beroepsgroepen ‘codes’ opgesteld, waartoe de uitoefenaars zichzelf verplichten en waarop anderen hen kunnen aanspreken. Recentelijk is op de generale synode van de GKV opgemerkt, dat er een beroepscode voor het werk in de gemeente moet komen. De afgelopen jaren zijn we immers telkens weer opgeschrikt door berichten over seksueel misbruik van parochianen door rooms-katholieke priesters in de Verenigde Staten en Australië. In eigen land kwam niet zo lang geleden een predikant in opspraak vanwege het bezit van kinderporno, en werd een andere predikant op non-actief gesteld, omdat hij in financieel opzicht onzorgvuldig met gemeenteleden was omgegaan. Zulke misstappen doen de noodzaak van een beroepscode voor pastores hardhandig gevoelen.

De protestantse predikant dr Schenderling heeft recentelijk een boek geschreven, dat in deze behoefte wil voorzien. Hij sluit zich aan bij wat in de hulpverlening gemeengoed is, namelijk dat de autonomie van de ander gerespecteerd dient te worden. Er mag ook in een pastorale relatie geen dwang worden uitgeoefend. Maar hoe verhoudt zich Zondag 1 van de HC tot de moderne autonomie-idee? Bergt het Evangelie niet ook de opdracht in zich, de ander te vermanen, dat is: bij Christus te brengen?

Allerlei praktische kwesties passeren in dit boek de revue, zoals hoe je om dient te gaan met giften en ook trienissen. Schenderling ziet ook de vraag onder ogen of je eigenlijk wel part time predikant kunt zijn en hij beantwoordt die — terecht m.i. — ontkennend. De herder kan niet weg bij de kudde, of hij moet zich ervan vergewist hebben dat de gemeente verzorgd achterblijft.

Het boek is méér dan een bundeltje praktische vuistregels. De titel luidt niet voor niets: ‘Beroepsethiek voor pastores’. Het is nodig om in de kerk ons in alle openheid af te vragen of er terreinen zijn, waarover vandaag nadere afspraken gemaakt dienen te worden, om in echte vrijheid optimaal gestalte te kunnen geven aan onze dienst in de gemeente van Christus. Tussen de persoonlijke levensheiliging enerzijds en het opstellen van een ‘beroepscode’ voor pastores anderzijds staat de ethiek. En daarvoor biedt dit boek een waardevolle aanzet.

n.a.v. Jacques Schenderling, Beroepsethiek voor pastores. Uitg. Damon Budel 2008, 238 blz., geb. € 22,90.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.