+ Meer informatie

Abstracts

8 minuten leestijd

Evangelicalen en de kerk

Bram Krol
Dit artikel vormt een aanzet tot een theologische analyse op het ontstaan en de ontwikkeling van de evangelische beweging binnen de reformatorisch georiënteerde kerken. De invloed van het evangelicale denken binnen deze kerken wordt door de auteur als een ‘kleine aardverschuiving’ getypeerd, passend binnen de context van de huidige postmoderne cultuur. De focus is verschoven van theologische kwesties naar levensheiliging en evangelisatie. De auteur gaat kort in op de spanning die ontstaat in de confrontatie tussen de inzichten van deze evangelicale beweging en die van de traditionele kerk. Tot slot benadrukt de auteur dat in deze confrontatie met name winst gehaald kan worden doordat beide uitersten -evangelisch en reformatorisch- elkaar aanscherpen en behoeden voor hun eigen valkuilen.

Ontwikkelingen en verschuivingen in de evangelische theologie.
Een literatuuroverzicht

Teun van der Leer
Dit artikel geeft een -over het algemeen- chronologisch en persoonlijk geselecteerd overzicht van de ontwikkeling in de evangelische theologie vanaf de jaren zestig in de vorige eeuw. Hierbij wordt het denken en het werk van diverse auteurs - van vrijzinnig tot conservatief - genoemd, kort samengevat en waarderend besproken. Met name door deze waarderende bespreking biedt dit overzicht meer dan een opsomming van verwijzingen naar literatuur. Door evaluerende en persoonlijk getinte opmerkingen wordt een ontwikkeling of verschuiving een plaats toegewezen in een evangelische traditie die geworteld is in opwekkingsbewegingen uit de 18e en 19e eeuw. In dit overzicht worden zowel werken behandeld op het gebied van bijbelwetenschap en dogmatiek als werken die voortbouwen op thema’s als evangelisatie, de zendingsopdracht en sociale verantwoordelijkheid.

Een vrijgemaakte terts?

Klaas P. de Vries
Slechts tussendoor iets over het charismatische lied omdat een uitgebreid antwoord op de vraag: Nemen de evangelicalen de kerk over met hun liedcultuur? van veel minder belang leek dan de overwegingen die op de achtergrond meespelen: hoe zien en beleven wij onze kerkelijke erediensten, hoe schatten we daarin de rol van de muziek, hoe gaan we om met onvermijdelijke veranderingen en hoe open willen we staan voor de vormenwereld van de ons omringende cultuur.
1. Liturgie. Drie houdingen ten opzichte van de liturgie worden benoemd. Ten eerste de liturgie van de ‘binnenkamer’ waarin de gelovige God ontmoet. We zien dat sinds de Reformatie deze diensten in liturgische zin ernstig beknot werden door het loslaten van de eenheid tussen Schrift en Tafel, en dat de keuze voor alleen gemeentezang een zware wissel heeft getrokken op overige muzikale vormen en op het muzische in het algemeen. Eredienst werd leerdienst. Ten tweede het ‘evangelisatietent’-model. Erediensten gaan zich (mede) richten op buitenstaanders. De boodschap wordt ‘flitsend’ en vereenvoudigd gebracht. De gebruikte muziek bedient zich van een ‘eigentijds’ idioom en het evangelie wordt gevat in ‘reclameslogans’. De laatste is de samenkomst in een ‘drive-in’-situatie; het de-liturgie-ligt-op-straat-model. Weg met kerkelijke vormen en normen, we gaan zelf op zoek naar spiritualiteit die hoort bij ons’ hier en nu. Belangrijk is te bedenken dat al de drie gedachtegangen over de kerkelijke samenkomsten aanwezig zijn in de Vrijgemaakte Kerken, waarbij ik model twee o.a. vanwege z’n gebrek aan authenticiteit, vooral in de versmalling van de bijbelse boodschap, opvat als een groeistuip richting gemeenschapsliturgie (model drie).
2. Muziek. Het bezien van houdingen t.o.v. (kerkelijke) muziek geeft eenzelfde divers beeld. Van het-mooiste-is-voor-God-nietgoed- genoeg naar het verdringen van muziek naar het niet-essentiële, muziek als een soort randkerkelijk gebeuren. Van de evangelische houding van muziek als propagandamiddel tot het postmodernistische vervagen van alle vroegere categorieën als sacraal/profaan, wereldlijk/geestelijk, liturgisch/religieus. Ook hiervoor geldt weer: al deze houdingen zijn terug te vinden in gesprekken met ‘eigen’ gemeenteleden en in de ideeën geuit in ‘eigen’ kerkelijke pers. Aan bezinning op de rol van de muziek en het muzische in de eredienst, een soort theologie van de kunsten, lijkt niet te ontkomen.
3. Liturgische Muziek. In het laatste gedeelte wordt geprobeerd richting te geven in deze problematiek. Dat wordt gezocht in het benoemen van de kerk als toevluchtsoord, de eredienst als ‘metafoor’ voor Thuiskomen (nee, niet andersom). Hopelijk is voldoende duidelijk gemaakt dat de keuze voor muziek in de liturgie alles te maken heeft met het antwoord op de vraag wie wij zijn en wat wij in de kerk komen doen. Een voorkeur wordt uitgesproken voor een organisatie van de eredienst waarin symboliek en ritualiteit zich kunnen ontwikkelen en waarin muziek zijn dubbelrol van participatie en contemplatie ten volle kan vervullen. In die zin wordt tot slot onze houding ten opzichte van de ons omringende cultuur bezien. Het belang van het maken van keuzes wordt onderstreept en geïllustreerd met het beeld van de kerkmuren als filter voor wat wél en wat níet onze erediensten binnenkomt. Christenen zouden terughoudend moeten zijn in het omhelzen van de hen omringende cultuur. De voor de erediensten gekozen muziek, riten en symbolen zullen weliswaar altijd voor een deel wortelen in de eigen cultuur, maar vooral in overeenstemming moeten zijn met de eigen kerkcultuur!

De evangelicalisering in de gereformeerde kerken:
Een sociologische visie

Linda van de Kamp
Dit artikel biedt een korte sociologische visie op de toenemende invloed van de evangelicalen binnen de gereformeerde kerken. Centraal staat hoe recente ontwikkelingen in de gereformeerde kerken vervlochten zijn met maatschappelijke processen. Ik werk dat uit door te kijken naar de verhouding tussen kerk en staat in Nederland. De staat heeft de afgelopen decennia steeds meer maatschappelijke functies van de kerk overgenomen. Dit heeft geresulteerd in een steeds groter wordende maatschappelijke dwang voor gereformeerden om hun positie buiten het eigen religieuze verband te vestigen. Het verband van evangelicalen biedt een heel aantal gereformeerden in deze situatie de mogelijkheden voor een plaatsbepaling. Tegelijkertijd is er sprake van een toenemende belangstelling voor religie in de Nederlandse samenleving. Binnen de gereformeerde kerken zijn het de evangelicalen die vanwege hun nadruk op evangelisatie nieuwe christenen aan zich binden en zo in aantal kunnen blijven groeien.

Leven in brokstukken. Eenheid en heelheid van de persoon in een gefragmenteerde werkelijkheid

Bert Musschenga
De identiteit van mensen is verbonden met het karakter van de cultuur en de samenleving waarin wij leven. Ten behoeve van een adequate analyse van de veranderende identiteit van mensen in een geïndividualiseerde samenleving wordt een aantal begrippen uit de sociale wetenschappen geïntroduceerd. Vervolgens wordt aan de hand van het geboden begrippenkader een aantal karakteristieke manieren geschetst voor de menselijke zoektocht naar identiteit in onze samenleving. Het spelen van verschillende sociale rollen binnen verschillende sociale groepen en netwerken kan leiden tot een fragmentatie van het bestaan van mensen. Tegenover de postmoderne waardering voor pluraliteit wordt beargumenteerd dat een zekere mate van persoonlijke eenheid en heelheid wenselijk is vanwege het risico normen, waarden en verwachtingen van een bepaalde rol of context te verabsoluteren. Tot slot wordt ingegaan op de waarde en de bron van een overkoepelend idee van goed en waardevol leven als oriëntatie voor het morele handelen van de mens in zijn verschillende rollen.

Wie ben ik? Persoonlijke identiteit in het licht van de bijbel

Henk Geertsema
Aan de hand van drie bijbelse passages - over de mens als schepsel van God, over de mens als gevallen en geroepen tot geloof en navolging, en over de mens in vrijheid onderweg - wordt ingegaan op de vraag hoe het mogelijk is in de veelheid van situaties en relaties van onze (post)moderne tijd ons bestaan als een eenheid te beleven. Omdat de mens geschapen is naar het beeld van God is de mens geroepen op aarde God te vertegenwoordigen en met zijn bestaan naar Hem te verwijzen in relatie met anderen. De door Musschenga gehanteerde metafoor van het menselijk ‘ik’ in zijn verschillende rollen staat het zicht krijgen op de eenheid van het leven in de weg. Deze metafoor is immers verbonden met de moderne opvatting van de mens als ‘zelfbepalend subject’, hetgeen onder andere impliceert dat de mens niet van meet af bestaat in relaties maar die aangaat om zichzelf te verwerkelijken. Hiermee wordt de spanning in ons bestaan tussen persoonlijke en sociale identiteit haast onvermijdelijk. Tegenover de Verlichting, waar de ideeën van vrijheid en mondigheid gekoppeld zijn aan de idee van zelfbepaling, staat de Bijbelse idee van vrijheid en mondigheid gekoppeld aan het geloof in Christus. Dit geloof maakt ons vrij van de ‘wereldgeesten’ (Galaten 4), waaronder ook culturele tradities verstaan kunnen worden. We moeten deze geschonken vrijheid gebruiken, niet om op te gaan in de ons omringende cultuur, maar om bij het zoeken naar antwoorden op vragen van deze tijd innerlijk vrij te zijn ten opzichte van bepaalde zekerheden en antwoorden van de traditie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.