+ Meer informatie

„Er zijii heel kleine kansen op heel grote gebeurtenissen"

Schilderachtig Three Mile Island was even de navel van de wereld

9 minuten leestijd

Vroeg in de morgen van 28 maart 1979 begon in een van de twee eenJieden van de kerncentrale op Three Mile Island (TMI-2) in Pennsylvanië, enkele kilometers ten zuidoosten van Harrisburg, een alarmbel te rinkelen. Het zou zeven maanden gaan duren voor enkele als Michelin-mannetjes verklede technici de knop konden uitschakelen. Een alledaagse storing liep bijna uit op een ramp zonder weerga. En ook tien jaar na TMI geldt: „Er zijn heel kleine kansen op heel grote gebeurtenissen".

Een van de grote ongevallen uit de geschiedenis van de nucleaire industrie vierde' dit jaar het tweede lustrum. Pas kort voor de herdenking van het eerste, kwamen technici er door het verrichten van metingen achter dat zo goed als de dele reactorkern van uraniumstaven in Elkaar was gezakt. Het had dus niet veel gescheeld of een van de grote nachtmerries van ontwerpers van kerncentrales -een brandstof-"melt-down"— was Werkelijkheid geworden. Als het catastrofale "China-syndrome" (de hele centrale dreigde de grond in te smelten, richting China) was uitgekomen, was de betonnen vloer waarop de reactorkern stond, ook gaan smelten en zou de massa brandstof door de vloer in de grond zijn gezakt. 

Zodra de gesmolten brandstof in aanraking zou zijn gekomen met het grondwater, zou zich waarschijnlijk ;en serie zware ontploffingen hebben voorgedaan. In Three Mile Island kreeg men de reactor, een klein uur voordat de hele kern zou zijn gesmolten, weer onder controle. Uit het reactorgebouw ontsnapte een onbekende hoeveelheid straling. Doden waren er niet direct, maar wel op langere termijn, als gevolg van het rechtstreekse contact met de vrijgekomen radioactiviteit.

Een ramp zoals die zich in Three Mile Island bijna voordeed, begint met het verlies van koelvloeistof. Een niet goed functionerende afsluiter zorgde daar in dit geval voor. In TMI-2 werd daarop het noodkoelsysteem uitgeschakeld, in de veronderstelling dat dat juist de bedoeling was. Dat een melt-down nog kon worden voorkomen, bleek menselijkerwijs meer een kwestie van geluk dan van wijsheid.
Ir. J. Versteeg, hoofd van de Kernfysische dienst van het ministerie van sociale zaken, reisde destijds direct na het ongeluk naar de VS om daar met de deskundigen van de Federale commissie toezicht kerninstallaties de moeilijkheden te bespreken.

Risicostudies

Voor hij zijn verhaal wil doen over de tien jaar na TMI, wil hij eerst iets kwijt over de voorgeschiedenis van het ongeval. „Midden jaren zeventig maakte men volop berekeningen en risicostudies. Alle scenario's werden bekeken, ook de ernstige. Alleen: die ernstigste varianten leefden helemaal niet. Men redeneerde: We hebben een goed ontwerp en houden eventuele storingen echt wel in de hand. Realisme met betrekking tot mogelijke rampen was onvindbaar in kringen van hen die met kernenergie omgingen".
Na het ongeval met de TMI-reactor was men genoodzaakt die werkelijkheidszin wèl te hebben. Een —voorheen te verwaarlozen— kans op grote brokken bleek reëel te zijn. Maar, zo zegt Versteeg: „Zelfs al smelt een reactorkern, dan hoeft dat nog geen ramp te zijn, als je er maar op voorbereid bent, en dat was destijds duidelijk niet het geval".
Iets waar men na TMI pas goed rekening mee is gaan houden, is de factor menselijk gedrag. Er bleek namelijk zoiets te bestaan als een "minds set". De menselijke geest is in zo'n geval gefixeerd op bepaalde verschijnselen en de handelingen die daarbij horen, en is vervolgens moeilijk te bewegen anders te handelen. „Als je de toenmalige regelkamer bekeek, die was zó complex. Voor ongelukken waren er draaiboeken. „Als er dit gebeurt, moet je dat doen". In TMI werkte dat ook zo. Een alarmbel begon te rinkelen. De operator handelde volgens het storingsscenario, alleen was hij niet doordrongen van de complicatie die tegelijkertijd optrad, namelijk dat er een klep bleef openstaan, waardoor het koelmiddel van de reactor kon weglopen".

Te ingewikkeld

„Achteraf zeggen we: Je kunt van geen mens, ook niet van een deskundige operator, verlangen dat hij zo'n complex van storingssignalen en bijbehorende handelingen kan herkennen en uitvoeren. De materie is te ingewikkeld, het aantal toeters en bellen te groot".
Een van de meest in het oog lopende veranderingen die TMI teweeg heeft gebracht is een verregaande automatisering in de besturing van kerncentrales. „Het gros van de storingen is met automatisering goed op te vangen, dat hebben we ook in de jarenlange praktijk van de Nederlandse kerncentrales ervaren. Het moeilijkste bij die automatisering is om de operators zover te krijgen dat ze niet langer de automatiek voor willen zijn. Dat wil hij in geval van calamiteiten namelijk, maar doet dat onder de druk van het moment op een manier waarop andere fouten kunnen ontstaan. Door het eerste deel van de ongevalbeheersing volledig te automatiseren, kun je dat voorkomen".
„De operator moet eerst de tijd hebben om rustig besluiten te nemen, hij moet als het ware met de handen in z'n zakken achter het regelpaneel staan om in het eerste half uur van de storing rustig te overdenken wat hem te doen staat". De materie van de kerncentralebesturing moest na TMI ingrijpend worden versimpeld. „De operator moet alleen bezig zijn met een aantal heel eenvoudige vragen: Zit er water in mijn reactorvat, is het niveau voldoende, zijn de druk en de temperatuur nog behoorlijk, is er radioactiviteit binnen het beschermend omhulsel en is die beschermmantel nog intact? Met die dingen moet hij rekenen, verder niet".

Vaker stil

Dat betekent dat een centrale vaker eigenUjk voor niets komt stil te liggen dan vóór TMI het geval was? „Ja, dat brengt die versimpeling met zich mee. Maar dat is niet erg, want we praten over veiligheid". Vorig jaar ontmoette Versteeg een van de operators die direct bij het ongeval betrokken waren en pas na negen jaar zijn mond wilde opendoen over wat hij in maart '79 had meegemaakt. „Hij zei het toen heel eerlijk: Als we dat principe van versimpeling toen hadden gehad, was TMI nooit gebeurd. We kunnen achteraf dan ook nooit de schuld bij de operators leggen, wat na Harrisburg wel is gebeurd. De schuld ligt veel eerder bij de ontwerpers van decentrale".
Na de bijna-ramp is er, zo zegt Versteeg, veel meer aandacht gekomen voor de opleiding van het personeel van de kernenergiecentrales. „De opleiding is geïntensiveerd. Al het personeel krijgt een aantal weken per jaar opfrissingscursussen. Voor de Nederlandse situatie wil dat ook zeggen dat er veel wordt getraind op simulators. Het personeel van de centrale in Borssele gaat daarvoor regelmatig naar de Bondsrepubliek, omdat de Zeeuwse centrale van Duitse makelij is. Dodewaard heeft een eigen simulator. Dat is allemaal een regelrecht gevolg van de gebeurtenissen in de VS".

Omhulsel

Verder is er de afgelopen jaren veel gesleuteld aan de ommanteling van de brandstofkernen. Dodewaard kreeg een omhulsel gevuld met stikstof, zodat het 'waterstofbom'-effect van een droogkokende reactor kan worden voorkomen. Ook is veel aandacht besteed aan de ontluchting van de centrales, zodat de gasbel die tijdens de calamiteiten in TMI ontstond, zich nooit kan vormen.
„De maatregelen die in de post-TMIplannen zijn opgenomen, worden alle in de Nederlandse centrales toegepast. Trouwens, in alle kerncentrales op de wereld vinden bij splijtstofwisseling aanpassingen plaats als rechtstreeks gevolg van de bijna-melt-down destijds. In Nederland is bij voorbeeld ook nog veel gewijzigd aan het containment, het omhulsel in het algemeen. Dat moet elke druk van binnenuit kunnen weerstaan en in een geval van scheuren moeten alle leidingen die erin zitten direct zijn geïsoleerd en kunnen worden afgesloten".

De andere reactoreenheid, TMI-1, die bij het ongeluk niet werkte en onbeschadigd bleef, kon om alleriei politiek getinte redenen pas enkele jaren geleden opnieuw worden gestart, hoewel de exploitant van de centrale, na de nodige veranderingen te hebben aangebracht, allang liep te gillen om toestemming om weer te mogen draaien. (Energie-opwekking is in de VS een particuliere aangelegenheid.)

Garanties

Wat is de persoonlijke mening van Versteeg over de toekomst van kernenergie in Nederland? De discussie over het al of niet bouwen van nieuwe centrales is op dit moment ingezakt, hoewel minister De Korte onlangs opnieuw een warm pleitbezorger bleek van verdere toepassing van kernenergie. Versteeg („Ik kan in dit geval, als overheidsman, niet gemakkelijk over de politieke kant van de zaak spreken") wil wel kwijt dat er naar zi'jn mening in Nederland centrales kunnen worden gebouwd die veilig zijn. „Veilig is natuurlijk een relatief begrip. Ik bedoel met veilig dat er niet méér risico's aan kleven dan aan de andere mogelijkheden die ons ter beschikking staan".

Versteeg, zojuist teruggekeerd van een reis naar Tsjernobil, wil te allen tijde reëel zijn: „Bij kolencentrales houd je, wat voor beperkende maatregelen je ook neemt, de naargeestige bijkomende C02-effecten en de onmetelijke bergen afval. Tel daar de risico's tijdens delving van de brandstof bij op. Er is een kans dat er bij kernenergie ook doden vallen, kijk maar in Tsjernobil. Maar wij kunnen in Nederland, met de allermodernste ontwerpen, zó veilig bouwen, dat er ook bij mogelijke calamiteiten niet direct doden vallen. Maar waterdichte garanties zijn, net als bij andere soorten energie-opwekking, niet te geven. Voor kerncentrales geldt: Er zijn heel kleine kansen op heel grote gebeurtenissen. Maar de risico's zijn acceptabel".

Enkele weken terug kwam een andere vrucht van de gebeurtenissen bij TMI aan het licht. Een klein ANP-bericht^ meldde vijftien gevallen van storing in' de Nederlandse centrales gedurende het afgelopen jaar. „Men is, weliswaar verplicht, na Harrisburg en Tsjernobil veel opener geworden over deze dingen". Het kernongeluk van Three Mile Island werd in de jaren tot Tsjernobil met smaak breed uitgemeten in de Sowjetpers. Een van de Russische commentatoren beweerde dat het ongeluk sterk overdreven werd door de Amerikaanse oliefirma's, die een smet wilden werpen op de naam van een concurrerende energieleverancier.

De Prawda putte zich na de gebeurtenissen in de VS uit in verslagen over de veiligheid van de eigen grote kerncentrales. In een televisiecommentaar werd gezegd dat het incident bij Harrisburg „een voorbeeld was van het functioneren van de Amerikaanse samenleving, waarin bedrijven in hun winstbejag de veiligheidsaspecten verwaarlozen". Die beweringen behoeven na Tsjernobil gelukkig niet meer te worden voorzien van commentaar...

Aan lager wal

Na Three Mile Island raakte de Amerikaanse atoomindustrie aan lager wal. In eerste instantie voorspelde men voorzichtig dat de plannen een vertraging van een tot drie jaar zouden oplopen"
Men voorzag dat de orderportefeuille zou leegraken en dat er verbeterde veiligheidsmaatregelen geëist zouden worden, wat inderdaad gebeurde. Er zijn sinds Harrisburg in Amerika dan ook geen nieuwe kerncentrales meer besteld. 


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.