+ Meer informatie

Spoorwegpolitie bedreigd door nieuwe politiewet

"Op deze manier raken we tussen wal en schip"

5 minuten leestijd

UTRECHT — Raakt de spoorwegpolitie „tussen wal en schip" als straks de nieuwe politiewet van kracht wordt? De kans daarop lijkt niet gering. In het ontwerp van die wet komen onbezoldigde ambtenaren der rijkspolitie niet meer voor en het is juist die titel, waaraan de ruim 400 mannen en vrouwen van de spoorwegpolitie hun oporingsbevoegdheid ontlenen.

Verlies van die bevoegdheid betekent, dat het korps dan niet meer zal zijn dan een gewone bedrijfsbeveiligingsdienst, zoals er in Nederland vele zijn. „Een onaanvaardbare zaak", zegt de chef van de spoorwegpolitie, P. Masereeuw.

Voor de duidelijkheid: de spoorwegpolitie is geen politiekorps, maar een bewakingsdienst in de zin van de wet op brandweerkorpsen. In taakstelling en organisatie wijkt die spoorwegpolitie echter nogal sterk af van andere bewakings- en beveiligingsdiensten. Veel meer dan die andere diensten lijkt de spoorwegpolitie op reguliere politie. En meer dan andere diensten werkt de spoorwegpolitie - hoofdzakelijk - in de publieke sfeer. Ter handhaving van orde en veiligheid, ter bescherming van personen en goederen en voor het opsporen van strafbare feiten.

Eind aan bevoegdheid
Echt politiewerk dus, vooral wat dat laatste betreft. En dat wordt mogelijk gemaakt door aanstelling van alle ambtenaren van de spoorwegpolitie als onbezoldigd ambtenaar der rijkspolitie. Dat kan nu nog steeds. Masereeuw: „Zonder die opsporingsbevoegdheid kunnen we eigenlijk niet werken". Desondanks zal de nieuwe i^olitiewet zeer waarschijnlijk een einde maken aan die bevoegdheid. Onbezoldigde ambtenaren komen in het ontwerp niet meer voor. Er is slechts nog rekening gehouden met „buitengewone" en „bijzondere" opsporingsambtenaren, die overigens geen algemene maar slechts beperkte opsporingsbevoegdheid zullen hebben.

Problemen dus voor de spoorwegpolitie, die door de nieuwe politiewet voor een groot deel lijkt te worden „uitgekleed". Reden waarom een speciale werkgroep waarin de ministeries van Justitie, Binnenlandse zaken. Verkeer en waterstaat en de Nederlandse spoorwegen vertegenwoordigd zijn, sinds eind 1979 driftig studeert op de toekomstige status van de spoorwegpolitie. Waarbij, wat NS betreft, tenminste een zaak als een paal boven water staat: de dienstverlening door de spoorwegpolitie moet, ook in de toekomst, tenminste op het huidige niveau blijven.

Agressiviteit

„Dat moet zeker wel", aldus Masereeuw. „We hebben te maken met een duidelijk toenemende agressiviteit tegen NS en reizigers. Steeds meer aanvallen op de veiligheid van het spoor. Steeds meer geweld tegen publiek, personeel en materieel. Kijk alleen al naar de verontrustende gebeurtenissen in Twente, kort geleden. Daar werd zelfs een trein beschoten".

Volgens Masereeuw worden de stations zo langzamerhand verlengstukken van de straat. „Stations zijn vluchthavens voor bepaalde mensen, tegen wie nogal eens moet worden opgetreden. We moeten dus zeker niet naar een situatie, waarin de spoorwegpolitie minder mag en kan doen dan ze nu al doet. We moeten veel eerder naar een hoger niveau van dienstverlening", aldus Masereeuw.

De nieuwe politiewet zal de organisatie van de Nederlandse politie ingrijpend veranderen. In plaats van een korps rijkspolitie en gemeentelijke politiekorpsen komen er provinciale politiekorpsen en een beperkt aantal landelijke diensten. Een van de mogelijkheden om het korps spoorwegpolitie zijn bevoegdheden te laten behouden is er zo'n landelijke dienst van te maken.

Masereeuw: „Maar dat heeft nogal wat haken en ogen. De spoorwegpolitie komt als landelijke dienst dan los te staan van het NS-bedrijf. En dat betekent weer, dat NS zelf geen enkele zeggenschap meer heeft over een dienst die tot taak heeft mee te werken aan de doelstellingen van het NS-bedrijf en dan specifiek de handhaving van orde en veiligheid en de bescherming van publiek, personeel en goederen op NS-terrein".

Bedrijfsgenoten

Een tweede mogelijkheid voor de toekomst van de spoorwegpolitie is, die dienst te handhaven als bewakings- en veiligheidsdienst in de zin van de wet op de weerkorpsen. Dat is overigens minimaal nodig om het korps de noodzakelijke wettelijke basis te geven. De minimale bevoegdheid van het personeel is dan de bevoegdheid, die elke NS'er ontleent aan de spoorwegwet. Maar volgens Masereeuw zou die bevoegdheid kunnen worden uitgebreid.

„Als de spoorwegpolitie een dienst wordt met beperkte bevoegdheden, dan zal er niet meer gewerkt kunnen worden zoals nu. En dat is toch de bedoeling. Met beperkte bevoegdheden zullen we veel vaker een beroep moeten doen pp reguliere politie, omdat er zaken zijn waar wij als spoorwegpolitie dan niet meer aan mogen komen".

Volgens Masereeuw ontbreekt het de reguliere politie aan voldoende kennis over het NS-bedrijf en aan voldoende puur technische kennis, bijvoorbeeld op het gebied van wissels, seinen en baanbeveiliging. „En als wij als bewakingsdienst zonder bevoegdheden telkens weer een beroep moeten doen op politie van buiten, dan zal dat zeker tot vertragingen leiden in het werk", aldus Masereeuw.

Uitrusting

Het ontnemen van opsporingsbevoegdheid bij de spoorwegpolitie zal ook gevolgen hebben voor de uitrusting van die dienst. Onverbrekelijk verbonden aan het feit, dat spoorwegpolitiemensen tevens onbezoldigd ambtenaar der rijkspolitie zijn, is de ministeriële machtiging om een vuurwapen te dragen en, indien nodig, te gebruiken.

Uit het feit, dat spoorwegpolitiemensen dat wapen bij de uitvoering van hun dienst slechts zeer zelden hebben gebruikt en dan nog alleen om een schot in de lucht te lossen bij een ernstige dreiging van geweld, mag volgens Masereeuw niet worden afgeleid, dat de spoorwegpolitie dat wapen makkelijk kan missen. Opnieuw komt wat dat betreft volgens hem de toenemende agressie dreigend om de hoek kijken.

Ook daarmee zal de werkgroep, die de toekomstige status van de spoorwegpolitie bekijkt, rekening moeten houden. „Het gaat erom dat een aanvaardbare mogelijkheid wordt gevonden om binnen de nieuwe politiewet als spoorwegpolitie minstens te werken zoals dat nu gebeurt".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.