+ Meer informatie

"Het portaal staat centraal"

5 minuten leestijd

Architect J. Fierloos uit Goes heeft over ontwerpen een duidelijke mening. Ook over het ontwerpen van kerkgebouwen. Het moet functioneel zijn - en als het functioneel is, mag er ook best wat symboliek zijn. "Een kerkportaal vind ik een typische overgang tussen de wereld en de kerk, tussen buiten en binnen. Dat moet open zijn, transparant. Maar 't is inderdaad nogal een verschil of je een kerkportaal ontwerpt voor een kerk van de Gereformeerde Gemeenten of voor een samenkomstplaats van het Leger des Heils."

De kunst van het gummetje, noemt hij het. Architect Fierloos uit Goes weet wat het is om gebouwen te ontwerpen die ontdaan zijn van alle opsmuk. Minimalistisch, heet dat in het jargon. De ontwerpen van 'zijn' kerkgebouw en zijn opvallend en spraakmakend. De Petrakerk van de gereformeerde gemeente in Kapelle-Biezelinge is een van de bekendste voorbeelden. Een gebouw met messcherpe lijnen. Opvallend, modern, maar toch echt een kerk. Binnen is het vooral de rode 'sterrenhemel' die opvalt. In een rood plafond zijn tientallen lampjes aangebracht, wat een soort sterreneffect geeft. "Kapelle is absoluut een goedkope kerk", meent Fierloos. "Om dat te bereiken, moet je dingen weglaten. Zo zit er in die kerk geen gewoon plafond, maar heb ik in de plaats daarvan die sterrenhemel ontworpen."

Simpel is een woord dat bij Fierloos nogal eens valt. Hij houdt niet van ondoorzichtige ingewikkeldheid. "Als iets niet nodig is, moet je het ook niet tekenen. Dat geeft ruimte, openheid. Dat is de kunst van het gummetje, ja."

In de loop van de jaren heeft hij al heel wat kerkgebouwen vormgegeven. Vooral in het Zeeuwse. Soms een grotere kerk, zoals in Kapelle, maar ook kleine gebouwtjes. "Lieve kerkjes", noemt hij het zelf. "In Poederoijen bijvoorbeeld." In de gereformeerde gezindte heeft hij vooral kerken ontworpen voor gereformeerde gemeenten. "En in Kruiningen eentje voor de gereformeerde gemeente in Nederland", vult hij aan.

Dat er verschillen zijn in de opvattingen over kerkbouw, weet hij. "De kerk is een huis van God en daar staat bij ons de woordbediening centraal. Dus kun je als het ware een passer pakken en die met z'n ene been in het liturgisch centrum zetten. Met het andere been maak je dan een beweging over het papier, en dan heb je een plattegrond. Omdat de mensen zo dicht mogelijk om de preekstoel moeten zitten, komen de banken in een halve cirkel om het liturgisch centrum heen te staan. De amfitheaters waren wat de plattegrond betreft voortreffelijke bouwwerken. Heb je voor de kerk eenmaal een plattegrond, dan komt het met het gebouw verder echt wel goed. De plattegrond is het fundament. Vierkant, rond of ovaal, dat is het beste."

Fierloos is niet enthousiast over schuurkerken -kerken met een rechthoekig e plattegrond-, ook al heeft hij zelf wel kerken gebouwd met zo'n plattegrond. "Soms kan het niet anders, maar ik ben er niet blij mee. Zo'n kerk wordt dan toch wat gedrongen, omdat de plattegrond niet ideaal is."

Ook met galerijen heeft hij weinig. "Vaak kan het bouwkundig wel, maar 't is gewoon niet prettig voor de mensen in de kerk. Als je eronder zit, is het allemaal veel te laag. Een kerk moet voor mij ruimte hebben, hoogte."

Overigens kan voor Fierloos een bepaald accent het bouwwerk tot een kerk maken. "Als je er een toren of een spits bij plaatst, wordt ieder gebouw een kerk. Al ontwerp je een gebouw in de vorm van een schoenendoos en je zet er een toren naast, dan heb je een kerk. Dat vind ik overigens wel belangrijk in deze tijd. Dat een gebouw herkenbaar is als kerk. Al vind ik het ook wel leuk om een beetje op het randje te lopen in m'n ontwerp. Zodat de mensen buiten nieuwsgierig worden en denken: "Is dat een kerk?" Zie dat als mijn manier om mensen naar binnen te lokken. En dat moet dan in de kerken in onze gezindte voornamelijk op zondag, omdat dat de enige dag is dat de kerk toegankelijk is."

Zelfs over de hal en over de ingang van een kerk heeft hij wel gedachten. "Het is natuurlijk heel belangrijk dat een kerk een duidelijke hoofdingang heeft. Een kerk is het huis van God en een huis moet een voordeur hebben. Die voordeur is de hoofdingang. Het ontwerp van de hal, het kerkportaal, heeft natuurlijk alles te maken met de gemeente waarvoor je een gebouw ontwerpt. Laten we eerlijk zijn: voor de gereformeerde gemeente is het kerkportaal vooral een plaats waar je zo veel mogelijk jassen in kwijt moet kunnen.

Maar voor het Leger des Heils, waarvoor ik hier in het zuiden van het land ook al heel wat gebouwen heb ontworpen, is zo'n kerkportaal iets heel anders. Daar is het een ontmoetingsruimte, waar mensen opgevangen kunnen worden. Daar moet je kunnen praten met elkaar, koffiedrinken, en er moet natuurlijk plaats zijn voor een zogenaamde "Raad-en-Daadbalie". Dat is bij het Leger een vereiste. Zo'n hal is dus eigenlijk direct een soort zaalruimte. Bij het Leger staat het portaal centraal, zou je kunnen zeggen.

Voor mij is de hal de overgangsruimte tussen buiten en binnen, tussen het wereldse en het kerkelijke. Die hal mag van buitenaf zichtbaar zijn, terwijl de kerkzaal dat juist vaak niet is. Transparant, dat vind ik belangrijk."

Op het scherm van zijn laptop tovert hij een tekening tevoorschijn. "Dit wordt een gebouw dat ik heb ontworpen voor het Leger des Heils in Terneuzen. Kijk, het is een heel simpel ontwerp. Een zwarte wand met bij het portaal veel glas. Daar heb je het weer, dat doorzichtige. Daar moeten de mensen zo naar binnen kunnen lopen, dat moet uitnodigend zijn. En verder is er dus alleen die zwarte wand met daarin een groot kruis van glas. Metershoog. Stel je even voor: zo'n gebouw midden in een nogal verpauperde buurt. Zie je het voor je? Dat is me nogal wat. Heel confronterend. Het is precies volgens de eisen die het Leger aan zijn gebouwen stelt. Een ruime hal, doorzichtig, en ook nog symboliek naar buiten toe met dat kruis."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.