+ Meer informatie

Een goedje, ,,swart als inkt"

7 minuten leestijd

toonstelling is door studenten van de Universiteit van Amsterdam een behoorlijke hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek verricht. Onder andere werden boedelinventarissen uit lang vervlogen tijden onder de loep genomen. Uit het al dan niet voorkomen van kraantjeskannen en kop en schotels kan worden afgeleid op welk moment het drinken van koffie in een bepaalde laag van de bevolking gewoonte werd.

„Het was een heidens karwei dm dergelijke archieven uit te zoeken. Maar we hebben er wel veel uit af kunnen leiden. Zo weten we nu zeker dat koffie aan het eind van de zeventiende eeuw in de huishoudens van de gegoede burgerij gedronken werd". Halverwege de achttiende eeuw werd het produkt ook bereikbaar voor minder vermogenden. Vanaf die tijd was koffie voor iedereen betaalbaar.

„De prijs heeft bij de consumptie van koffie altijd een grote rol gespeeld. Als hij hoog is, wordt er minder verkocht. Je ziet in de geschiedenis ook dat de consumptie toeneemt als de prijzen zakken. Koffie werd een volksdrank toen iedereen hem kon betalen".

Warme Coca Cola

De Arabieren waren de eersten die van koffiebonen een drankje brouwden. Zij stopten de hele bes (vruchtvlees èn pit) in water en kookten dit mengsel langdurig. Dat leverde, vanwege de zoetige smaak en de cafeïne, een soort warme Coca Cola op. Later ging men de pit, de eigenlijke koffieboon, branden. Na bereiding ontstond een goedje „swart als inkt", noteerde onze landgenoot Leonart Rauwulf in 1582 in een reisverslag.

Het is moeilijk na te gaan wanneer de eerste koffie in Nederland terechtkwam. Reizigers en zeelieden zullen de boon ongetwijfeld als curiositeit mee naar huis hebben genomen, lang voor er officieel van handel sprake was. Het duurde, nadat Rauwulf zijn verslag had gedaan, nog bijna tachtig jaar voor de eerste partij bonen in ons land aankwam.

In Nederland was koffiedrinken in het begin een mannenzaak. Vrouwen moesten met thee genoegen nemen. Dat is te wijten aan de opkomst van de koffiehuizen, waar de drank in het begin vooral geschonken werd. Vrouwen kwamen niet in dergelijke gelegenheden. Zij werden geacht thee te drinken.

Toen koffiedrinken een huiselijk genoegen werd, was het ook gelijk wél een vrouwenzaak. Gezinnen die het konden betalen, gaven handenvol geld uit aan de Een affiche van Albert Heijn, eindjaren vijftig. fraaiste koffiepotten en -kopjes. Mooi om mee te pronken tegenover de visite. Dat Nederlanders op alle momenten van de dag koffie lusten, hebben we volgens Reinders te danken aan de reclame. Intensieve campagnes om vaker en sterkere koffie te drinken, zijn niet zonder resultaat gebleven. „Sinds begin jaren zestig is de hoeveelheid koffie die een Nederlander drinkt enorm toegenomen. Daarvoor zijn een paar redenen aan te wijzen. De bereiding werd gemakkelijker, doordat de bonen werden voorgemalen en vacuüm verpakt. De prijzen zakten. Maar de grootste oorzaak is toch wel de ongelooflijke hoeveelheid reclame die er voor koffie wordt gemaakt".

In het recente verleden werden daarvoor middelen uit de kast gehaald die heden ten dage een beetje kinderlijk overkomen. De eerste collectieve reclamecampagne van de Stichting Koffiepropaganda Nederland is daarvan een illustratie. Met de slagzin "Koffie, goed warm en... lekker sterk" werden huisvrouwen in 1962 opgeroepen mee te doen aan een Koffieronde. Ze moesten vijf dagen lang de koffie steeds wat sterker zetten. Verrassing: „Wat een verschil - zo'n paar bonen meer, zo'n schepje extra!" De echtelieden moesten vervolgens samen beslissen welke dosering het meest in de smaak viel. Met de op schrift gestelde bevindingen van de Koffieronde kon een "Gouden Koffiekop met het medaillon van Koffie-Kundigheid" worden gewonnen. In twee jaar tijd werden 30.000 van deze kop-en-schotels in het land verspreid.

Reinders: „Koffie is in ons land altijd met melk en suiker gedronken. Daarin is niets veranderd. Wel dronken onze voorouders hun koffie veel slapper. Doordat wij gewend zijn aan een sterkere smaak, zijn we ook ontvankelijk geworden voor de espresso-achtigen. Dat zie je in de verkoopcijfers terug. Het marktaandeel van de roodmerken is in twintig jaar tijd afgenomen van 95 tot 75 procent".

Medicijn

Onze volksdrank nummer een is bepaald niet onomstreden. Al vanaf de eerste Kennismaking doen er verhalen de ronde over de vermeende positieve èn negatieve effecten van deze exotische boon op de gezondheid. In het begin van de zeventiende eeuw werd vooral veel waarde gehecht aan de medicinale kant van koffie. Volgens Cornelis Bontekoe (16401685) was het een wondermiddel. Het zou helpen tegen een slechte adem, bij spijsverteringsproblemen en tegen „gebreken van de hersenen" als „doUigheyd, geraecktheid en beroertheydt".

Aan het begin van de achttiende eeuw werden koffie en thee geduchte concurrenten van het bier, dat tot die tijd als water gedronken werd. Dat was overigens niet zonder reden. De kwaliteit van het -ongekookte- drinkwater was vooral in de steden niet om over naar huis te schrijven. Men pleegde zelfs te ontbijten met wat "bierpap" genoemd werd. De brouwers verzetten zich heftig tegen de terugvallende consumptie van hun produkt door onder andere aan te voeren dat er als gevolg van het drinken van koffie jaarlijks veel mensen overleden en dat er alleen maar zwakke schepseltjes geboren werden. Ook werd er fel geageerd tegen het feit dat het werk bleef liggen vanwege het vele koffiedrinken.

Later kregen de bezwaren een wetenschappelijker onderbouwing. Cafeïne, waarvan menpas rond 1820 ontdekte dat het in koffie zit, werd de grote boosdoener. Tot in onze tijd duurt die discussie voort. Een paar maanden geleden werd nog een onderzoek gepubliceerd waarin cafeïne als oorzaak voor de zaterdagmorgenhoofdpijn wordt aangewezen. En vorige week kwam naar buiten dat kookkoffie slechter is dan filterkoffie, vanwege het cholesterolverhogende effect van het eerstgenoemde produkt.

Max Havelaar

Ook anderszins is koffie een veelbesproken produkt. In de landen die momenteel grote leveranciers zijn, komt de struik oorspronkelijk niet voor. Koffie groeit van nature in een bepaald gebied in Jemen en Ethiopië. Niet de handelsgeest van onze voorouders, maar nieuwsgierigheid van plantenliefhebbers heeft ervoor gezorgd dat net gewas in Java terechtkwam. Daar werd'de koffiestruik aanvankelijk als exotisch gewas in de tuin geplant. Vanaf het begin van de achtttiende eeuw ging de Verenigde Oostindische Comp^nie zich intensief met het opzetten van plantages in onder meer Java en Suriname bezighouden. De bevolking van de koloniën werd geacht in deze tuinen te werken en de bonen te oogsten, onder soms miserabele omstandigheden.

Het boek "Max Havelaar" (1860) van de schrijver Multatuli was een aanklacht tegen het Cultuurstelsel in het toenmalige Nederlandsch-Indië. De bevolking werd door dit systeem opgeja^d tot steeds hogere produktie. Mede als gevolg van de discussie die het boek van Multatuli teweegbracht, werd het Cultuurstelsel twaalf jaar later officieel afgeschaft. Daarmee waren de misstanden echter niet uit de wereld. Reclamekaart van Douwe Egberts uit 1927. Hetkoffieschenkstertjeis—eni^zins aangepast— nogsteeds in junctie.

De naam van Max Havelaar heeft in onze tijd een dubbele lading. Het boek staat nog steeds hoog genoteerd op examenlijsten van middelbare scholieren, maar tegelijkertijd leeft de "makelaar in koffie" voort op pakjes koffie die buiten de reguliere kanalen om zijn gevuld. De bonen worden rechtstreeks ingekocht bij kleine boeren, met voorbijgaan van de wereldmarkt. Doel van de actie voor "zuivere koffie" is de producenten een prijs te betalen waarvan ze kunnen leven. Voor beide Max Havelaars is in Delft een plaatsje ingeruimd.

Filterzakje

Koffie is alledaags geworden. Gedachteloos scheppen we voorgemalen poeder in een filtetzakje, als we trek hebben in een bakje. Alleen al vanwege de miljoenen mensen die bij de omzwervingen van de bonen over de aardbol betrokken zijn, is koffie ook heel bijzonder. Stuk voor stuk zijn de koffiebessen met de hand van een struik geplukt. Tentoonstelling en boek maken het drinken van een kop koffie veel minder gewoontjes. Mede n.suv. "Koffie in Nederland. Vier eeuwen cultuurgeschiedenis", door P. Reinders, T. Wijsenbeek e.a.) uitg. Walburg Pers, Zutphen; 224 blz., prijs 39,50 gulden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.