+ Meer informatie

ONZE Catechismus

3 minuten leestijd

(XXII)

Dat is het wat ik mis, zegt het bedrukte hart. Ik weet wel, dat het door een ander kan, maar ik heb hem nog niet gevonden en ik zoek al zo lang. Laat dit u tot bemoediging zijn, dat de kamerling hem heeft gevonden en mogelijk heeft hij nog wel langer gezocht dan gij. U moogt vrij moed scheppen uit zijn behoudenis. Wat de Heere hem geschonken heeft kan Hij ook u schenken en daarom moet u blijven wandelen in de .weg van Gods inzettingen al komt u er nog niet door tot ruimte.

Het is best mogelijk, dat de kamerling in de tempel door de ceremoniële diensten meer klaarheid heeft bekomen in de gedachte van een ander. Daar heeft hg het aanschouwd, dat de offeraars hun hand kwamen te leggen op het hoofd van. het offerdier, want de oud-testamentische godsdienst werd door hem nog onderhouden. Door zijn hand te leggen op het hoofd van het offerdier kwam de offeraar zijn zonden te leggen op een ander. Het ging dus in de gehele ceremoniele offerdienst om een ander. Lev. 3 : 2.

Op het hoofd van de levende bok moest de priester zijn beide handen leggen en zo werd hij met de zonden des volks, die beleden en beweend waren voor het aangezicht des Heeren de woestijn in gezonden. Volgens de rabbijnen werd dit gebed bij die plechtigheid gebeden: „Ach, Heere! ik heb gedwaald, ik heb mg tegén U, verheven, ik heb tegen U gezondigd, ik en mijn huis. Maar, o God! ik smeek U, vergeef mg mijn zonde en misdaad, die ik met mijn huis gepleegd heb; gelijk geschreven staat in de wet van Mozes Uw knecht: Want op die dag aal hij voor u versoning

doen om u te reinigen; van al uw zonden zult gij voor het aangezicht des Heeren gereinigd worden." Lev. 16 : 30.

Deze bok was een symbool van de vergeving der zonden. De zonde des volks werd weggedragen in de woestijn en geworpen in een zee van eeuwige vergetelheid.

Het wegzenden van deze bok stond in verband met de bok wiens bloed gebracht was tot verzoening voor het aangezicht des Heeren. Door het lot was het lot van beide bokken vastgesteld. Door de bok die geslacht werd zag het volk op de verzoening der zonde en door de bok die weggezonden werd op de vergeving der zonde. Dit was op een ander, door wiens dood de vergeving der zonde en door wiens opwekking en leven de vergeving der zonden zou gepredikt worden.

En zo leert men in het leven der genade het onderscheid kennen tussen een weg en de weg. Het is best mogelijk, dat in uw hart verklaard ligt, dat er een weg, een mogelijkheid is om zalig te worden, door de zoete' indrukken van Gods goedertierenheden, die u mocht smaken, maar dat doet u gedurig terug vallen in moedeloosheid, daar u de weg niet kunt vinden. Het is door de lieve werkingen des Heiligen Geestes, die wij hebben te erkennen, als een mens het in zichzelf niet meer kan vinden en het buiten zichzelf bij een ander gaat zoeken. En het is alleen mogelijk door het werk des Geestes in ons tot een ander geleid te worden, die aan de eis Van Gods gerechtigheid heeft voldaan. Bovendien is het ook noodzakelijk, daar wij niet door onszelven kunnen betalen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.