+ Meer informatie

VRAGENBUS

3 minuten leestijd

. Correspondentie voor deze rubriek aan : T. MOLENAAR, Leede 18. Rotterdam Zuid ^ J

A. K. te R. vraagt of ik iets wil schrijven over 2 Kon. 3 : 27.

Antwoord: Het is nodig om dit schriftwoord te verstaan, dat wij even nagaan in welk verband het voorkomt. Achabs tweede zoon Joram zit op de troon. Hij onderneemt met Josafat, de koning van Juda een krijgstocht tegen de van Israël afgevallene Moabieten. De vazal van Josafat n.1. Edom trekt ook mee ten strijde.

Op de grens van Moab komt het geallieerde leger in grote nood. Er is geen water.

Joram acht alles verloren, maar de godvrezende Josafat informeert naar een profeet des Heeren, door wiens mond men God zal vragen.

Ziet, Elisa is in het leger, die Gods hulp voorspelt. Reeds de volgende morgen, zijn de grachten, die in der haast in het dal zijn gegraven met water gevuld.

De Moabieten, die aan de grenzen gelegerd, het water door de zon beschenen voor bloed houden, menen, dat de verbonden legers elkaar hebben vermoord. Terwijl zij nu in het Israëlietische leger dringen, worden zij volkomen verslagen.

Hun steden worden ingenomen en hun velden verwoest. Alleen Kir-Moab, op een hoge rots gelegen, en aan alle zijden door een diep dal omgeven, blijft zich nog verdedigen.

Reeds verkeert deze vesting in gevaar van ingenomen te worden, echter de Koning van Moab waagt het met 700 man élite-troepen zich een doortocht te wagen.

Deze uitval geschiedt op de verschansing van de koning van Edom. Dit gelukt hem echter niet, want zelfs de Edomieten waren hem te sterk, zodat hij zich genoodzaakt zag, terug te trekken. Nu komt vers 27 en daar lezen we: „Toen nam hij zijn eerstgeboren zoon, die in zijn plaats koning zou worden en offerde hem ten brandoffer op de muur. Daaruit werd een zeer grote toorn in Israël, daarom trokken zij van hem af en keerden weder in hun land."

Nu rijst de vraag wie die „hij" is.

De Statenvertalers, hoewel van mening, dat de koning van Moab zijn eigen zoon geofferd heeft, geeft ruimte aan de gedachte van anderen, die zeggen, dat de koning van Moab de zoon van de koning van Edom die zij bij de uitval gevangen genomen hadden, geofferd heeft.

Voor deze laatste gedachte gevoel ik niet veel, omdat ten eerste rustige lezing ons niet anders doet zien dan dat Moabs koning z'n eigen kind offert. Ten tweede, omdat al mijn ten dienste staande commentaren dezelfde gedachte zijn toegedaan en ten derde, omdat Gods Woord helemaal niet spreekt van de kroonprins van Edom die door Moab gevangen is genomen.

Nu nog een verklaring over: „Daaruit werd een zeer grote toorn in Israël".

De zin is dan deze, dat in het midden van Israël, d.i. temidden van de bondgenoten een grote toorn ontstond, niet alleen over het feit, dat Moabs koning tot deze gruweldaad overging, maar wellicht van de zijde van Edom. dat zij hem tot zulk een daad gedwongen hadden, zodat zij besloten af te trekken.

Zij hadden toch in betrekkelijke zin hun doel bereikt, zij hadden de koning" van Moab getuchtigd voor zijn opstand; zij hadden zijn land verwoest en hem weder onschadelijk gemaakt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.