+ Meer informatie

Verslag regionale vergadering Barneveld

7 minuten leestijd

Ds. G. M. de Leeuw, predikant van de Gereformeerde Gemeente te Barneveld, opent de vergadering. Hij verzoekt te zingen Psalm 75:5. Daarna leest hij 1 Koningen 10:1-13 en gaat voor in gebed. Namens het bondsbestuur spreekt ds. De Leeuw een woord van welkom tot alle vrouwenverenigingen uit de regio, despreker; de kerkeraad, aanwezige deputaten en alle andere belangstellenden.

Vervolgens vraagt hij aandacht voor 1 Koningen 10:2b en 3. „En zij kwam tot Salomo en sprak tot hem al wat in haar hart was. En Salomo verklaarde haar al haar woorden; geen ding was er verborgen voor de koning dat hij haar niet verklaarde”.

De koningin van Scheba was een nakomelinge van Cham, die doorzijn vader meteen vloek was heengezonden. Ook uit dit geslacht worden echter mensen toegebracht.

Zij had grote belangstelling voor de koning van Israël, niet vanwege de persoon van Salomo, maar vanwege de Naam des Heeren. Zo kwam zij dan overeenkomstig haar stand meteen groot heir en met vele geschenken en zij sprak tot hem al wat in haar hart was. Wat was er dan in haar hart? Van nature leeft er in ons hart niets goeds. Van de koningin van Scheba lezen wij echter in vers 1, dat zij kwam om hem met raadselen te verzoeken. Zij wilde antwoord krijgen op haar levensvragen.

En Salomo verklaarde haar al haar woorden. Geen ding was ervoor hem verborgen. Hij beantwoordde aan haar verwachting; zij ging niet teleurgesteld naar huis. En als wij dan eens verder denken: meer dan Salomo is hier. Met welke vragen gaan wij tot de meerdere Salomo? Wat zijn de raadselen in ons leven? Ons verstand is verduisterd, wij weten geen antwoord.

De heidense vorstin maakte een lange reis om antwoord te krijgen op haar levensvragen. Zij werd niet afgeweerd omdat zij een andere huidskleur had, maarzij kreeg wat zij begeerde. Zo gebruikt de meerdere Salomo nog Zijn knechten om onze raadselen op te lossen.

Wij gaan veelal uit gewoonte naar Gods huis, niet uit een innerlijke behoefte. Wij krijgen dan geen antwoorden omdat er ook geen raadselen in ons hart leven. Christus is uiteindelijk het enige antwoord op alle vragen. Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven.

De Heere geve ons een hart vol raadselen. De meerdere Salomo leeft nog om antwoord te geven. Laten wij gebruik maken van de voorrechten, die de Heere nog schenkt. Wij hebben datgene binnen handbereik, waar de koningin van Scheba een lange reis voor moest maken.

Hoe meer raadselen er worden opgelost, hoe armer en geringer wij in onszelf worden. Zo ging de geleerde john Owen gedurig bij de eenvoudige John Bunyan naar de kerk om van hem onderwijs te ontvangen.

De Heere geve ons, dat de meerdere Salomo ons in onze dwaasheid gedurig genadig mocht zijn, aldus ds. De Leeuw.

Referaat

Veivolgens krijgt de heerj. de jager uit Scherpenzeel gelegenheid tot het houden van zijn referaat, getiteld: 'Enkele hoofdpersonen uit de Christinnereis’.

In het leven van John Bunyan is niet sprake van één raadsel, maar van een opeenstapeling van raadselen. Na zijn krachtdadige bekering wordt er van binnen gezegd: „Voor jou kan het niet, kijk maar naar het goddeloze leven dat achter je ligt". Als hij van deze bestrijding is verlost, krijgt hij te vrezen, dat hij de zonde tegen de Heilige Geest heeft bedreven. Vervolgens stort de satan aanhoudend vloeken in zijn hart uit. Weer later fluistert de satan hem voortdurend in: „Vloek Christus". Pas later heeft hij begrepen, waarom hij zulke diepe wegen heeft moeten doormaken: om arme bekommerde zielen tot een hand en een voet te kunnen zijn. Uit deze benauwdheden zijn kostelijke vruchten voortgekomen. Zijn belangrijkste werken zijn 'De Christenreis' en 'De Christinnereis' (eigenlijk genoemd 'De Pelgrimsreis' deel 1 en 2).

Enkele hoofdpersonen uit ’De Christinnereis’

In het begin van het verhaal ontmoet de schrijver meneer Schranderheid. Deze vertelt hoe de vrouw van Christen op reis is gegaan naar de hemelstad. Zij is de hoofdpersoon uit dit boek, namelijk Christinne. Het is haar tot smart geworden, dat zij zich zo ruw jegens haar man heeft gedragen. Zij droomt van een vel perkament, waarop al haar daden zijn opgeschreven. Haar leven komt terug. Zij raakt overtuigd van haar zonden en zegt tegen haar kinderen: „Wij zijn verloren!" Haar droefheid eindigt echter niet in wanhoop. De volgende nacht mag zij iets zien van het geluk van haarman. Dit veivult haar met jaloersheid.

Dan komt er een vreemdeling aan de deur. Zijn naam is Geheim. Hij is gezonden door de Koning van het land waar haar man nu is. Haar berouw is in de hemel gezien. Geheim overhandigt haar een brief, als beeld van een bemoediging uit Gods Woord. Christinne smeekt Geheim om haar mee te nemen, maar deze zegt, dat zij zelf de weg moet gaan. Zo maakt zij zich met haar kinderen reisvaardig. Haar buurvrouw Vreesachtig drijft er de spot mee en probeert haar eivan af te houden. Een andere buurvrouw, genaamd Barmhartig, wordt echter stilgezet. Vreesachtig keert terug tot haar gezelschap, maar Barmhartig gaat met Christinne mee naar de Poort. Het gaan door die Poort is immers het kenmerk van het ware.

Voor de Poort ligt echter nog een obstakel: de poel Mistrouwen. Hier heeft Barmhartig, die zich het meest afvraagt of haar werk wel waarheid is, het meeste vertrouwen. Zij zegt Christinne goed op de stenen te letten. Dat zijn de toezeggingen in GodsWoord.

Zo bereiken zij de Poorten kloppen aan. Daar worden zij afgeschrikt door het blaffen van een hond, een zinnebeeld voor de bestrijding van de vorst der duisternis. De vrouwen vormen hier een beeld van een ziel, die het te doen is om Christus, ook al kennen ze Hem nog niet. Wij moeten hier goed letten op de betekenis van de Poort. Sommigen menen, dat het gaan door de Poort de wedergeboorte is. Dat is echter niet waar. Hier wordt voor het eerst de weg ontsloten: de mogelijkheid van zalig worden in een Ander.

Uiteindelijk wordt de Poort geopend en mogen Christinne en haar kinderen naar binnen. Barmhartig wordt buitengesloten en klopt opnieuw. Als de poortwachter op aandringen van Christinne de Poort weer opent, blijkt Barmhartig van vrees te zijn flauwgevallen. De poortwachter stuurt een dienaar, die haar laat ruiken aan een bosje mirre. Zij mag hier een teugje smaken van Christus' liefde. Dat geeft haar kracht om, geholpen door de dienaar, de Poort door te gaan. In de rest van het boek komen nog vele opmerkelijke personen voor, maar de tijd ontbreekt om er verder bij stil te staan. Enkele worden er hier nog genoemd. Een geoefend dienaar, genaamd Groothart, leidt het gezelschap op weg naar de hemelpoort. Kleinmoedig, die verlost wordt uit de handen van een reus, en Hinkende, die op krukken loopt, komen weliswaar achteraan, maarzij komen er toch! Vrezende is het beeld van een bekommerde ziel. Aan het einde van het boek mogen zij allen over de Doodsjordaan gaan. En de kinderen? Van hen wordt geschreven, dat zij nog achter mogen blijven om het woord Gods te verkondigen. Hiermee besluit de heer De jager zijn referaat.

Ds. De Leeuw betuigt zijn hartelijke instemming met de woorden van de heer De Jager. Hij onderstreept het belang van het gaan door de Poort. Alleen dat geeft zekerheid. Voor de Poort kan het nog twee kanten opvallen.

Tijdens het zingen van Psalm 45:6 wordt een collecte gehouden ten bate van de vakantieweken voor gehandicapten. Hierna is het pauze. Na de pauze verzoekt ds. De Leeuw te zingen Psalm 146:3. Hij deeltmee, dat de collecte ƒ 1.205, 70 heeft opgebracht. Daarna geeft hij het woord aan mevrouw Jansen, die het gedicht 'Zijn wij een levend lid? ' voordraagt.

De heer De Jager geeft veivolgens antwoord op enkele ingediende vragen. Tenslotte betuigt ds. De Leeuw namens het Bondsbestuur dank aan allen die aan de avond hun medewerking hebben verleend.

De vergadering wordt gesloten door de heer De Jager, die nog laat zingen Psalm 25:7 en voorgaat in gebed.

Amersfoort J. van Haaren-van der Spek

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.