+ Meer informatie

Onderhoud joods graf christelijke troost"

Werkgroep verzorgt rustplaats joden

3 minuten leestijd

VEENDAM/OUDE PEKELA - Troost voor joden. Dat is volgens de leiding van een team van dertig vrijwilligers uit de kerken de drijfveer achter hun initiatief om ieder jaar een week lang bezig te zijn met het onderhoud van joodse begraafplaatsen. Deze week houdt de groep zich bezig met onderhoudswerk in Veendam en Oude Pekela.

„De kerk is als instituut vaak een vloek voor de joden geweest, vanwege de diefstal en vanwege verbanning en uitmoording van joden. We moeten ons nu afvragen wat we nog kunnen doen opdat de joden ons zegenen", zegt mevrouw E. Leestemaker uit Alkmaar. Mevrouw Leestemaker is bestuurslid van de interkerkelijke "Stichting voor boete en verzoening met betrekking tot Israël, Ismaël en anderen". Het onderhoudswerk op de joodse begraafplaatsen vindt plaats onder verantwoordelijkheid van deze stichting. Vanuit deze stichting wordt contact onderhouden met de consulent voor de joodse begraafplaatsen van het Nederlands-Israëlietisch Kerkgenootschap.

Christenen die hoogmoedig zijn tegenover Israël, zijn volgens mevrouw Leestemaker verkeerd bezig. De kerk moet schuld belijden, maar ook een voorbeelden geven van verzoening, vindt zij. Zelf ervaart zij het als een „genade" om te mogen werken op een laatste rustplaats voor de joden. „Ze hebben het recht om ons, christenen, van hun grondgebied af te sturen. Maar het tegendeel blijkt. We krijgen allemaal positieve reacties. Ook van joodse zijde".

Gemêleerd

Volgens mevrouw Leestemaker is de groep zeer gemêleerd. Dat geldt de leeftijdsopbouw („7 tot 70 jaar"), maar ook het opleidingsniveau. „Een boerenman uit Sommelsdijk houdt zich hier bezig met het snoeiwerk, maar er is ook een afgestudeerde theologe die de Hebreeuwse teksten ontcijfert". Verder komen de deelnemers „overal uit Nederland" en „uit alle kerken en gezindten".

G. Rietberg, een gepensioneerde smid uit Lelystad, raakte bij het werk op joodse begraafplaatsen betrokken door toedoen van ds. C. P. Sybrandi, die predikant is in de Samen-op-Weggemeente daar. Tijdens zijn werk draagt hij „uit eerbied voor de gestorvenen" een keppeltje. „Het is hier een beth gajim, een huis voor de levenden", zo weet hij. De gebedswacht, die gezeten achter een van de zerken Jesaja 9 leest, beaamt dat. „God zal opstaan over zijn volk. De graven gaan weer spreken".

Oud-ouderling L. de Visser uit Kockengen vertelt dat de groep dagelijks meermalen in gebed gaat voor „allerlei kleine dingen" in het leven. „We zijn enorm afhankelijk van het weer. Als het regent, kunnen de letters op de zerken niet worden geschilderd. Maar we zijn een hechte groep. We beseffen gezamenlijk onze afhankelijkheid van God".

Wiesenthal

Tijdens de maaltijden wordt volgens De Visser gelezen uit de kroniek van Simon Wiesenthal, om zo de betrokkenheid bij het lijden van het joodse volk te vergroten. „Het is een druppel op de gloeiende plaat, maar God ziet de wil aan", zo zei hij gisteren met een beroep op de nadere reformator Willem Teellinck.

Gisteravond kreeg de groep bezoek van een hoogbejaard lid van de joodse gemeenschap uit Vlagtwedde en Oude-Pekela. Deze lichtte hen in over het verleden van de teniet gegane joodse gemeente Veendam-Wildervank-Muntendam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.