+ Meer informatie

De ,,zwakke zuster der Tweede Kamer''

Senaat met 'helikoptervisie' heeft nuttige functie in ons politieke bestel

5 minuten leestijd

De Eerste Kamer is een anomalie, een afwijking of tegenstrijdigheid van de regel. De Senaat is de „zwakke zuster" van de Tweede Kamer, verstoken van zedelijke kracht en verkerend in deerniswekkende toestand. Bovendien is zij „een mislukte kopie naar een Engelsch model". Een voorstel tot opheffing van deze nutteloze Kamer heeft geen zin, omdat de Eerste Kamer zelf dat zou afstemmen.

Een niet mis te verstane karakterisering van de Eerste Kamer, die enkele hedendaagse senatoren beslist zouden doen steigeren. Anderen zouden er van harte mee instemmen. Deze uitspraken zijn van niemand minder dan mr. G. Groen van Prinsterer, door hem uitgesproken in een vergadering van de Dubbele Kamer op 6 augustus 1840. Groen was van die Dubbele Vergadering buitengewoon lid, gekozen door de staten van verschillende provincies. In die vergadering is de wijziging van de grondwet, onder andere betrekking hebbend op de artikelen over de Eerste Kamer, in tweede lezing besproken.

De jurist Groen stond niet alleen in zijn kritiek. Zeker, een meerderheid in de toenmalige Tweede Kamer wilde de Eerste Kamer handhaven en zelfs de debatten van dat college openbaar maken. Maar zelfs de voorstanders meenden dat de Senaat „weliswaar een waarborg tegen de aanmatigingen en buitensporigheden der Tweede Kamer opleverde, maar daarentegen ook eene gevaarlijke stremming kon veroorzaken, wanneer zij zich tegen het overeenstemmend gevoelen der Regering en der Vertegenwoordiging (de Tweede Kamer, PvdB) mogt verzetten", zoals het Tweede-Kamerlid mr. J. Corver Hooft het toen kernachtig wist te zeggen.

Omstreden

Uit het voorgaande, te lezen in het vorig jaar verschenen schitterend uitgevoerde gedenkboek ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van de Eerste Kamer, "Aan deze zijde van het. Binnenhof' (een uitgave van SDU), is duidelijk dat de positie van dit college al vanaf het begin van zijn bestaan in de huidige vorm omstreden is geweest. Daaraan is door de loop der jaren niet veel veranderd. Ook nu nog klinken nagenoeg dezelfde argumenten van voor- en tegenstanders als rond 1840. I

Evenwel zullen de Provinciale Staten komende maandag 75 nieuwe senatoren kiezen, die dan op dinsdag 11 juni geïnstalleerd worden. In de senaat in haar nieuwe samenstelling hebben leden zitting die niets liever willen dan de zo spoedig mogelijke afschaffing van de Eerste Kamer. Onder hen is de spraakmakende staatsrechtgeleerde prof. mr. J. J. Vis (D66). Ongetwijfeld zullen er ook senatoren worden beëdigd die voorstander van deze "Chambre de reflexion" zijn. De voormalige en tevens toekomstige SGP-senator mr. G. Holdijk heeft zich duidelijk in die richting uitgelaten.

Nog in 1986 schreef de PvdA in haar verkiezingsprogramma dat de Eerste Kamer moest worden opgeheven. Maar in 1989 wees het partijbestuur voorstellen om deze wens opnieuw in het programma op te nemen resoluut van de hand. De discussie over het voortbestaan van de senaat laait telkens weer op als dit college een wetsvoorstel, waarvoor de uitgangspunten in een regeerakkoord zijn vastgelegd, afwijst of de behandeling daarvan ernstig vertraagt.

Tijdverspilling

De Eerste Kamer verkeert in de weinig benijdenswaardige positie enerzijds voluit een politiek orgaan te zijn (behorend tot onze overheid) maar anderzijds juist haar positie op het spel te moeten zetten als ook voluit aan politiek wordt gedaan. Terwijl bovendien sommige bewindslieden erg veel moeite hebben om niet te laten blijken dat zij het min of meer tijdverspilling vinden om met de senaat te debatteren. Anderen, onder wie de premier, verliezen zich in de Eerste Kamer in allerlei filosofische beschouwingen en depolitiseren daarmee het debat.

Af en toe gaat het mis. Toen de CDA-fractieleider Kaland wat brommerig afstand nam van het regeerakkoord, dat door de huidige coalitie is geproduceerd, kwam premier Lubbers in het geweer om deze dreigende wolken aan de horizon van zijn nieuwe kabinet te laten verdwijnen. De premier waarschuwde de Kamer het politieke werk van de Tweede Kamer niet over te doen, want dan ontstond er „een heel moeilijke situatie". Volgens senaatsvoorzitter Steenkamp pleegde Lubbers met deze uitspraak „een moord op klaarlichte dag".

Bestaansrecht
Heeft de Eerste Kamer bestaansrecht? Zeker, zij het binnen bepaalde randvoorwaarden. De voornaamste daarvan is wel dat het politieke primaat berust bij de Tweede Kamer. Het heeft geen zin dat de senaat het politieke debat, dat al aan de overzijde van het Binnenhof is gevoerd, nog eens dunnetjes overdoet. Maar juist de senaat, waarvan de leden volop actief zijn in de samenleving, omdat het lidmaatschap van de Eerste Kamer maar een beperkt deel van de week vergt, is geschikt om in alle rust de maatschappelijke relevantie van wetsvoorstellen met de regering te bespreken.

De Eerste Kamer heeft niet de bevoegdheid wetsvoorstellen te amenderen. In principe kunnen voorstellen aangenomen of verworpen worden. De commissie-Deetman, die zich bezig houdt met staatkundige en bestuurlijke • vernieuwing, heeft eind vorig jaar in haar vraagpuntennota de suggestie gedaan de Eerste Kamer het terugzendingsrecht toe te kennen, in plaats van het nu bestaande vetorecht.

Als de senatoren in meerderheid onoverkomenlijke bezwaren hebben tegen een wetsvoorstel, zou de Eerste Kamer dit voorstel moeten kunnen terugzenden naar de Tweede Kamer. Maar als de Tweede Kamer niettegenstaande de kritiek van de senaat besluit dat het voorstel blijft zoals het is, zou de Eerste Kamer zich moeten schikken. Schuurman is tegen dit terugzendingsrecht. Hij pleit voor instelling van een constitutioneel hof dat geschillen tussen Eerste Kamer en regering over wetsvoorstellen moet beslechten.

Uitgangspunten

De discussie over het al of niet voortbestaan van de senaat zal ook in de toekomst nog wel eens gevoerd worden. Buiten kijf is dat met name de senaat veel meer dan de Tweede Kamer het orgaan is waarin wetsvoorstellen kunnen worden getoetst op de uitgangspunten van behoorlijk bestuur en van consistentie in het beleid. Immers, Tweede-Kamerleden, professionals van beroep, treden vooral op als belangenbehartigers, soms met oog voor minieme deelbelangen.

De Eerste Kamer in het algemeen en elk der senatoren in het bijzonder behoren het maaiveld van het politiek gewoel te ontstijgen en via hun helikopter-visie een voorstel te toetsen. Als men zich aan die taak houdt, heeft de Eerste Kamer wel degelijk eer» nuttige functie binnen ons politiek bestel. Alleen daardoor is er voor de „zwakke zuster" van Groen van Prinsterer plaats als de onmisbare, vriendelijke doch tegelijk streng-rechtvaardige gouvernante van de Tweede Kamer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.