+ Meer informatie

De lange geschiedenis van de Vermogensaanwasdeling

4 minuten leestijd

DEN HAAG — In oktober 1974 kondigde premier Den Uyl aan dat „zijn" kabinet van plan was een regeling in het leven te roepen die het karakter had van een winsten vermogensaanwasdeling. Het met het oog daarop te redigeren wetsontwerp zou over een jaar bij de Tweede kamer ingediend worden zodat het per 1 januari 1976 van kracht zou kunnen worden.

We weten nu dat dat niet doorgegaan is, dat laatste. Op dit moment is sowieso geen wetsontwerp door de Kamer behandeld. Wel zal deze week het eerste deel van het VAD-ontwerp bij de Kamer worden ingediend.

Het idee van premier Den Uyl om een vermogensaanwasdeling in het leven te roepen, was niet erg oorspronkelijk. Al in 1946 sleutelden Romme en de huidige AMRO-bankpresident Van den Brink aan een voorstel. Ook in de jaren daarop kwamen van diverse kanten bijdragen om te komen tot een regeling voor de winst- en vermogensaanwasdeling. Gedachte daarachter was de steeds meer aangevoelde - of beweerde ? - noodzaak om "de werknemers te laten delen in de groei van de onderneming.

De van alle kanten ingediende bezwaren deden de diverse voorstellen toch weer snel in de ijskast verdwijnen. Vooral de vrees dat de vakbonden een VAD-regeling zouden willen aangrijpen om meer macht te krijgen en dat de ondernemingen zouden wegvluchten naar het buitenland deed de politici besluiten de VAD te laten voor wat het was.

Toch weer eruit

Dat het kabinet-Den Uyl daarna toch de VAD uit de ijskast haalde, is niet zo verwonderlijk. Bij de regeringsverklaring in 1973 had de kersverse premier immers aangekondigd een herverdeling van inkomens en vermogens door te willen voeren. Dat toch zijn „Leuke dingen voor linkse mensen". De reakties van de voorzitters van NW en NKV na de aankondiging van Den Uyl getuigden daarvan.

Invulling

In mei 1975 komt het kabinet met de invulling van de door Den Uyl gedane belofte. De interim-nota inkomensbeleid wordt vrijgegeven voor publicatie en onder het hoofdstukje Vermogensaanwasdeling valt (samengevat) het volgende te lezen:

Het kabinet wil de overwinsten van de bedrijven gedeeltelijk aan de werknemers ten goede laten komen. Een exact percentage wordt niet gememd, maar de suggestie wordt gewekt dat het om ongeveer tien procent zal gaan. Dat gedeelte krijgen de werknemers in de vorm van aandelen in handen. Het beheer van die aandelen komt te berusten bij een nationaal fonds. Dat fonds staat onder leiding van werknemers (de vakbonden) en eventueel werkgevers.

De „overwinst", die voor deling in aanmerking komt is volgens de interim-nota de winst waarover belasting betaald is en waarvan het deel dat voor investering in het bedrijf nodig is, afgehaald is. Ook moeten de aandeelhouders eerst het hen toekomende rendement krijgen en wat dan overblijft, is voor de werknemers, dat wil zeggen, gedeeltelijk voor alle werknemers (dus ook voor hen die in niet- of minder winstgevende bedrijven werken) en voor een deel voor de werknemers van het ,,afgeroomde" bedrijf. Dat geld komt ook weer niet direkt beschikbaar, en wordt ook niet in klinkende munt uitbetaald, maar opgepot. '

Kritiek

De publicatie van deze plannen wekt veel beroering. Enerzijds hekelen de werkgevers en de liberaal denkende politieke partijen dt toenemende macht van de vakbonden (die de fondsen zouden gaan beheren), anderzijds zijn ook de vakbonden lang niet tevreden. De voorstellen zijn volgens de vakbeweging te vaag en te haastig in elkaar gezet.

In de maanden daarna blijft de VAD de gemoederen nog bezig houden maar door het uitblijven van uitDR. VAN DEN BRINK ..ooktkeegewerkt.. sluitsel wordt het toch rustiger. Totdat (uiteindelijk) premier Den Uyl kan meedelen dat het kabinet eruit is .en een wetsontwerp bij de Raad van State voor advies is ingediend. Belangrijkste punten zijn: • de vakbeweging krijgt het alleenbeheer over het centrale fonds; • alle werknemers gezamenlijk krijgen aanspraak op het VAD-fonds, (de collectieve pot); ambtenaren worden uitgesloten; • het percentage dat voor verdeling in aanmerking komt, zal variëren van tien en twintig procent; • werknemers in bedrijven die door de VAD „afgeroomd" zullen worden, hebben niet alleen aanspraak op het deel uit de collectieve pot, maar ook recht op een portie van de winst van het eigen bedrijf.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.