+ Meer informatie

Kleinigheden

2 minuten leestijd

Want wie is meerder, die aanzit, of die dient? Is het niet, die aanzit? (Luk. 22:27a)

Het gaat u allen aan! In 1 Cor. 6:1 en vervolgens lezen wij: "Durft iemand van ulieden die een zaak heeft tegen een ander, terecht gaan voor de onrechtvaardigen", dat is de kinderen der wereld, wanneer misschien een ander lid der gemeente hem zijn geld niet zo dadelijk betalen kan of hem op andere wijze onrecht heeft gedaan - „en niet voor de heiligen?"

Weet gij niet, dat de heiligen de wereld oordelen zullen? Daar is een arme schoenmaker, hij kan nauwelijks vrouw en kind het nodige geven maar hij is een koning bij de Koning aan het kruis, hij zal de ganse wereld oordelen.

,,En indien door u de wereld geoordeeld wordt, zijt gij onwaardig de minste gerechtzaken?" - voor enige guldens om enige woorden, die de ander gezegd heeft.

„Weet gij niet, dat wij de engelen oordelen zullen en hoe veel meer de zaken, die dit leven aangaan": want God heeft ons hoog boven de engelen gesteld. „Zo gij dan gerechtzaken hebt, die dit leven aangaan, zet die daarover, die in de gemeente minst geacht zijn"; dat is: neem hen die in geen bijzonder aanzien staan die het minst betekenen in de gemeente en laat hen oordelen over zulke kleinigheden en zaken, waarbij van niets dan gelijk willen hebben sprake is.

H. F. Kohlbrugge

(Schriftverklaringen)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.