+ Meer informatie

Ambities Nijmegen niet te temmen

Na Waalsprong stort gemeente zich op modernisering binnenstad

5 minuten leestijd

NUMEGEN - De discussie over de Waalsprong is nog niet verstomd of het volgende ambitieuze plan ligt op tafel. Nijmegen blijft in beeld. Dit keer vanwege een 230 miljoen gulden kostend project om het stadscentrum te moderniseren. De Waalstad maakt zich op voor het jaar 2000. Aan zelfvertrouwen is geen gebrek. Een aanvraag om het predikaat "voorbeeldprojecf binnen te slepen, ligt reeds bij het Rijk.

Rigoureuze plannen komen meestal niet uit de lucht vallen. Ook in Nijmegen niet. De wortels van het centrumplan gaan terug tot 1987. De toen uitgebrachte nota "Stadscentrum in beweging" bevatte een evaluatie van tien jaar binnenstadbeleid. De reacties van zowel particulieren als instanties waren bemoedigend. In 1989 besloot de gemeenteraad dat het stadsbestuur maar op de ingeslagen weg moest doorgaan.

Dat deed het college. Vorig jaar verscheen het fraai ogende boekwerkje "Centrum 2000". Het bevat voorstellen om de meest wezenlijke problemen in het stadscentrum (wonen, bereikbaarheid en winkelbestand) aan te pakken. De nota staat bol van het begrip kwaliteit. Tientallen mensen reageerden op de plannen, soms met een complete tegen-nota. Het stadsbestuur vatte de kritiek positief op: „De plannenmakers zijn erin geslaagd een prikkelende visie te ontvouwen".

Alle mooie woorden ten spijt was het project, dat 252 miljoen gulden ging kosten, duidelijk te ambitieus. De gemeente moest zelf UI miljoen op tafel leggen en dat lukte met geen mogelijkheid. Terug dus. Het mes ging erin en het eerder gehanteerde "ambitieniveau" veranderde in "realiteitsniveau". De begroting zakte terug naar 230 miljoen gulden, met een gemeentelijke bijdrage van 86 miljoen.

Derde warenhuis

Ook in de nieuwe nota, getiteld "Centrum 2000, de weg naar realisatie", komt het woord kwaliteit veelvuldig voor. Om te beginnen moet het winkelbestand in de Nijmeegse binnenstad drastisch verbeterd worden. Het college stelt voor een winkelpassage te creëren en te zorgen voor betere circulatiemogelijkheden in het bestaande kernwinkelgebied. Verder mist Nijmegen een derde warenhuis, naast V&D en C&A. De nieuwe regionale publiekstrekker kan gevestigd worden op Plein 1944, een locatie die nu nog gedeeltelijk onbebouwd is. Ook op woongebied heeft het stadsbestuur de nodige wensen. De locatie Hessenberg, een bedrijventerrein in het stadshart dat binnenkort vrijkomt, kan uitstekend worden gebruikt voor woningbouw voor kapitaalkrachtigen. Men denkt aan appartementen van rond de drie ton. Ook het wonen boven winkels moet gestimuleerd worden. Het college verwacht dat door deze vorm van sociale controle bezoekers van de binnenstad zich 's avonds veiliger zullen voelen.

Grote verwachtingen heeft het college van de uitstraling van de Waalkade. Met z'n vele terrasjes, dancings, bars en een casino trekt de boulevard jaarlijks honderdduizenden bezoekers. Het stadsbestuur wil het gebied tussen de Waalkade en het centrum aantrekkelijker maken, zodat de bezoekers vanzelf de binnenstad ingelokt worden. De verbetering en uitbreiding van culturele voorzieningen moet daarbij een handje helpen. Het Mariënburg biedt daarvoor, door de komende verhuizing van het politiebureau, genoeg mogelijkheden. Op het Kelfkensbos moet een nieuw museum komen, waarin naast de gemeentelijke kunst- en oudheidscollecties ook de collectie Romeinse oudheid van het provinciale Kam-museum te zien zullen zijn.

Markten

Grote problemen zijn er met het verkeer in de binnenstad. Auto's rijden massaal door verboden straten. De politie treedt niet meer op, omdat de gemeente zelf verantwoordelijk zou zijn voor de chaos. Ook het openbaar vervoer, zelfs regionaal busverkeer, doorkruist de binnenstad veelvuldig. Onnodig, oordeelt het college. Een zogenaamd duaal vervoerssysteem, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen de bestemmingen van reizigers, moet de problemen oplossen. Het college stimuleert uiteraard het fietsgebruik door ervoor te zorgen dat fietsers tot ver in de binnenstad kunnen komen en door het aantal bewaakte stallingen uit te breiden.

De positie van de wekelijkse markten staat ter discussie door het te verwachten ruimtegebrek in het centrum. De maandagmarkt, een van de grootste in Oost-Nederland, doet vooral goede zaken in de textielbranche. Vanwege de grote stimulans, juist voor de winkeliers, wil het college deze markt handhaven op de huidige locatie. Anders ligt het voor de zaterdagmarkt. Deze fungeert meer als passantenmarkt en zou volgens het college beter kunnen verhuizen. Of dat doorgaat, is de vraag. De handelaren staan niet te popelen.

Projectleider H. van Beers, sinds een halfjaar intensief bij de centrumplannen betrokken, is het zich bewust dat nog veel ideeën uitgewerkt moeten worden. „Laatst was ik op een jaarvergadering van de binnenstadondernemers. Daar werden heel gedetailleerde vragen gesteld die ik niet kon beantwoorden. De nota Centrum 2000 geeft slechts een oplossingsrichting aan. Het doel moet in stappen bereikt worden. Tussentijdse veranderingen blijven mogelijk. Veel zal bij voorbeeld afhangen van de Waalsprong".

Absoluut minimum

Volgens Van Beers past deze strategie volledig in het eigentijdse denken over grootschalige projecten. „Vroeger had men het liefst een tekening aan de muur waarop iedereen kon zien: zo wordt het. Als mensen nu aan mij vragen: Hoe komt het centrum er uit te zien?, dan antwoord ik; In ieder geval niet zoals de nota het beschrijft, want ik heb nog nooit meegemaakt dat een nota letterlijk werd uitgevoerd".

De plannen komen op 5 juni aan de orde in een gecombineerde commissievergadering en op 12 juni in de raad. Van Beers verwacht geen veto. „Het draagvlak, zowel in als buiten de politiek, is groot". Mocht er onverhoopt toch veel kritiek losbarsten, dan is er volgens de projectleider maar één mogelijkheid: iets totaal anders bedenken voor het centrum. „Onderdelen schrappen uit dit plan kan niet. Het is het absolute minimum". Over belangstelling van projectontwikkelaars heeft Van Beers niet te klagen. „We kunnen zelfs kiezen. Tien jaar geleden liet men zich afschrikken door het imago van Nijmegen: rood, rellen en krakers. Daar hebben we nu totaal geen last van".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.