+ Meer informatie

Vrijgemaakte leer beperkt zelfonderzoek

3 minuten leestijd

GRONINGEN — Bij uitgeverij De Vuurbaak in Groningen verscheen de vijfde druk van een pennevrucht van ds. F. F. Venema, emeritus predikant der Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt. De titel is: „Wat is een Christen nodig te geloven?"

In het voorwoord stelt de schrijver dat hij beoogt een complete gereformeerde geloofsleer te geven. Dat lijkt mij een wat optimistische poging in een boek van ongeveer driehonderd pagina's. Ds. Venema behandelt ook alle belijdenisgeschriften. Hij zegt dat wij die moeten zien in het licht van Gods Woord en dat deze geschriften voortreffelijke hulpmiddelen zjn om de Schrift te begrijpen. Dat is juist. Het boek geeft zeer veel informatie in beknopte vorm.

Als de schrijver het onderwerp „avondmaal" behandelt komt tot uitdrukking dat hij een andere visie op het begrip „verbond" en „bekering" heeft. Zelfonderzoek is wel nodig zegt hij als men aan het avondmaal aangaat. Wij moeten echter niet naspeuren of de Heilige Geest reeds zijn wederbarend werk in ons hart gedaan heeft. Volgens de schrijver is dat niet schriftuurlijk. Het enige criterium wordt dan of we leven naar het verbond.

Nu is het beslist waar dat leer en leven samengaan, we dienen die twee echter niet op deze manier te scheiden. In de visie van ds. F. F. Venema leidt zelfbeproeving altijd tot avondmaalsviering. Hij beroept zich daarvoor op 1 Cor. 11: 28. (blz. 269).

Automatisme
Mijns inziens is er in deze redenering, hoeveel ware dingen er ook in gezegd worden, te veel sprake van een automatisme.

Ik constateer deze gedachtengang ook bij de opvatting over het sacrament van de doop. Na het belichten van enkele facetten van de doop komt Venema aan bij het niet ten goede komen van de doop aan veel bondelingen.

Die mogelijkheid, dat ook indien men gedoopt is men toch geen deel krijgt aan het heil, wordt verklaard door in feite te stellen dat er binnen het verbond sprake is van een afval der heiligen. Immers God heeft een belofte gegeven en die in de doop bevestigd. Automatisch behoort men dan tot de kring der heiligen. Het is logisch dat men dan ook komt tot een afval der heiligen.

Venema gaat daarna uitvoering in op de gedachte dat er sprake is van een inwendig en uitwendig verbond. Hij doelt hier waarschijnlijk op het boek van wijlen ds. I. Kievit. Tweeërlei kinderen des Verbonds. Venema moet daar niets van hebben. Onder het kopje „bespreking en bestrijding van die leer" tracht hij in twee bladzijden deze benadering van het verbond te weerleggen.

Venema ziet in de leer van een tweeërlei verbond een ontneming van de verantwoordelijkheid. Bovendien zou men aan zelfonderzoek moeten, gaan doen en: „Wij moeten ook niet gaan naspeuren of de Heilige Geest reeds zijn wederbarend werk in ons hart gedaan heeft" aldus Venema.

Ik dacht heel in het kort weergegeven te hebben wat de strekking van het boek is. De schrijver draagt overigens ook veel dingen aan die ik van harte kan onderschrijven.

Vooral in Vrijgemaakte kring zal het boek verslonden worden. Het zal daar op jeugdverenigingen en mannen- en vrouwenverenigingen goede diensten bewijzen. Een compacte en complete geloofsleer voor nog geen vijfentwintig gulden is beslist niet duur te noemen.

N.a.v. „Wat is een christen nodig, te geloven?" door ds. F. F. Venema, uitgave De Vuurbaak te Groningen; 1981, 299 blz.: ƒ 24.75

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.