+ Meer informatie

Voor de jeugd

8 minuten leestijd

BESTE JONGELUI !

Beste Jongelui !

Gideon 24 (Richt 6 : 27)

„Toen nam Gideon tien mannen uit zijne knechten, en deed, gelijk als de HEERE tot hem gesproken had. Doch het geschiedde, dewijl hij zijns vaders huis en de mannen van die stad vreesde om het te doen bij dag, dat hij het deed bij nacht”.

Gideon schuwde de strijd niet. Dat zegt de tekst, die hierboven afgeschreven staat, duidelijk. Toen nam Gideon tien mannen’ uit zijn knechten .... Er zijn er die menen dat Gideon het nog diezelfde nacht gedaan heeft. Anderen zijn van mening, dat er voor zijn reformatorische daad een zekere tijd van voorbereiding nodig geweest is. Hij moest die tien mannen toch ook waarschuwen en met hen overleg plegen. Ze moesten tenslotte weten, bij het verrichten van zulk een daad, wat ze aan elkander hadden.

Ik acht het één zowel als het ander mogelijk. Het staat er echter niet met zoveel woorden, dat hij het nog diezelfde nacht heeft gedaan. Dit is echter wel zeker, dat hij niet uitgesteld heeft om de opdracht uit te voeren. Uitstel is overigens wel een zaak, die veel voorkomt, vooral als het gaat over het uitvoeren van dingen, die niet zo gemakkelijk zijn, die moeilijkheden kunnen veroorzaken. We zijn dan in ons geweten overtuigd, dat er iets gebeuren moet. Je moet bijvoorbeeld tegen een vriend(-in) zeggen, dat je niet meer met hem/haar mee kan. De verhouding moet verbroken worden, omdat je, door nog langer met hem/haar om te gaan, in strijd komt met het Woord van God. Doch je durft het niet aan. Want je bent bang, dat je uitgelachen zult worden, dat men je voor achterlijk verslijten zal. En dat heb je liever niet. Gevolg is, dat je uit gaat stellen om het te zeggen. Daardoor blijft de verkeerde verhouding bestaan en wordt het voor jezelf alleen maar moeilijker. En nu zijn er twee mogelijkheden: Je komt òf helemaal in de knoop terecht, ef je geweten wordt op de duur het zwijgen opgelegd. Je verzoent jezelf met datgeen, wat je eerst als verkeerd voorkwam en uitstel is afstel geworden.

Zo zijn er natuurlijk nog heel veel voorbeelden te noemen. Misschien is het niet verkeerd om op nog een geval te wijzen. Je leeft in een omgeving waar Gods Naam veel misbruikt wordt, waar de zonden driest bedreven worden. Je gevoelt je geroepen om iets te zeggen, om een vermanend woord te laten horen. Maar het komt niet tot de daad. Het is steeds: Nu nog niet. Nog even wachten. Straks komt er wel een betere gelegenheid om je voornemen uit te voeren. Doch het resultaat is, dat de gelegenheid waarop je zit te wachten, nooit komt. Dit komt omdat de gelegenheid die er iedere keer weer is, niet gebruikt wordt. Ik zou jullie daarom aan willen raden, houdt je aan de regel: Stel niet uit tot morgen, wat ge heden doen kunt. Daar kun je alleen maar gemak van hebben. Als je je kansen voorbij laat gaan, om te waarschuwen — en hoe dikwijls gebeurt dat niet — dan kan het wel eens wezen, dat dit tot eeuwige schade is van onze medemens. Want juist door de daad te stellen, hoe moeilijk dit ook wezen kan, zou je een middel in Gods hand kunnen wezen, om een ander van het verkeerde pad af te brengen, ja hem tot bekering te brengen.

Ik weet heel goed, dat bekeren geen mensenwerk is. Het is Gods werk. Maar God wil er wel mensen voor gebruiken. En zou het niet groot zijn, als God jullie daarvoor gebruikte? Hij kan ook jonge mensen gebruiken. Wat zegt Jacobus daar ook weer van, weten jullie dat? Leest maar eens, wat er staat in Jac. 5 : 19, 20: „Broeders! indien iemand onder u van de waarheid is afgedwaald, en hem iemand bekeert, die wete, dat degene die een zondaar van de dwaling zijns wegs bekeert, een ziel van de dood zal behouden, en menigte der zonden zal bedekken.”

Gideon stelde het niet uit. Hij nam tien mannen uit zijn knechten. Men heeft bij Gideon bepaald een groot bedrijf gehad met veel personeel. Als je daar dagelijks mee omgaat, weet je wel zo ongeveer, hoe ze over de dingen denken. De tien mannen die Gideon genomen heeft, zullen wel mannen geweest zijn, die niet zulke enthousiaste dienaars van Baäl waren. We kunnen wel aannemen dat zij de knie voor Baal niet gebogen hebben. Het waren geen koplopers in de dienst des HEEREN, maar achteraankomers. Zo zou je ze kunnen noemen. Maar al kwamen ze dan wat achteraan, ze kwamen toch. Toen het er op aan ging komen, stonden ze àchter Gideon en waren zij vóór de HEERE en Zijn dienst.

Zulke figuren heb je nog. Misschien zitten er zulke ook wel onder mijn jonge vrienden. Jongens en meisjes, die de moed niet hebben om voor de eer en de dienst des HEEREN uit te komen, maar als een ander hen voorgaat, dan komen ze ook voor de dag. Ja dan worden zwakken soms ineens helden. Ter verduidelijking wil ik jullie vertellen, wat ik jaren geleden, ten deze eens meemaakte. We zaten op een gezelschap. Misschien is dat wel te veel gezegd. Want een „gezelschap” dat is een vergadering van mensen, die expresselijk bij elkaar gekomen zijn, om met elkaar over het geestelijke leven te praten. Vroeger kwam dat meer voor dan tegenwoordig. Mogelijk was er toen meer te verhandelen. Kortom, met dat doel waren we nu niet bepaald bij elkaar. En toch kwamen we er toe, Ongedacht en onverwacht gaat het menigmaal nog het beste.

In onze kring bevond zich toen nog een betrekkelijk jeugdig iemand. Zij had in haar leven de goede keus mogen doen. Maar ze durfde er nooit zo voor uit te komen. Als haar eens gevraagd werd of ze toch ook werkelijk de Heere liefhad, dan was haar antwoord altijd: Ja, maar dat zeg ik niet. Ze was maar bang dat men te veel van haar denken zou. Doch op die avond kwam ze zo maar ineens voor de dag. Ongevraagd begon ze te getuigen van de goedheid des Heeren. Het was een lust om er naar te luisteren. Haar hart was er vol van en daarom liep de mond over. Het was om er jaloers op te worden. Zijn jullie dat ook wel eens, als je iemand uit de volheid van het gemoed mag horen getuigen van de goedertierenheden des Heeren? Wordt je dan nooit eens innerlijk geprikkeld, om het ook zo eens te mogen doen. En heb je het wel eens gedaan? O neen, niet om er wat mee te worden, om ook eens wat te kunnen zeggen. Dat kan natuur lijk ook, maar dan heb je meer jezelf op het oog dan de Heere. Doch dat je het deed, omdat je er innerlijk toe gedreven werd. Je vergat dan als ’t ware jezelf en vond je vermaak erin, om goed van God te getuigen. En vanwaar komt nu dat vermaak? Dat is een bewijs van de goedkeuring Gods. Die Mij eren, zegt de Heere, die zal Ik eren. Daar behoef je nooit spijt van te hebben. Ik zou zeggen, denk hier maar eens over na.

Gideon deed, gelijk als de Heere tot hem gesproken had. De opdracht werd stipt uitgevoerd. Dat zegt dat woord „gelijk”. Hier komt de oprechtheid des harten van Gideon voor de Heere uit. Je leest in de bijbel dat men zo menigmaal de opdrachten des Heeren uitvoert, doch dat men het niet deed met een volkomen hart. Zo b.v. Jehu. Hij roeide wel de Baalsdienst uit in Israël, maar de gouden-kalverdienst liet hij in ere. Daarmee gaf hij het bewijs dat zijn hart niet volkomen was voor de Heere. Hoe moeten we toch iedere keer weer acht geven op ons eigen hart. Want de mens ziet aan wat voor ogen is, en dat kan soms heel wat lijken. Maar de Heere ziet het hart aan. Als je daaraan denkt, kun je nog wel eens schrikken. Want, o dat hart heeft zulke ongekende diepten. Diepten van gruwelen. Als je er aan ontdekt wordt, dan zou je van binnen ook alles wel uit willen roeien, wat in strijd is met de dienst des Heeren. Dan komt er plaats voor het gebed in je leven, en daar wilde ik dan voor ditmaal maar mee eindigen:

Leer mij, o God van zaligheden;


Mijn leven in Uw dienst besteden.

Gij zijt mijn God, vat Gij mijn hand;

Uw goede Geest bestier’ mijn schreden,

En leid’ mij in een effen land.

Vindt dit weerklank bij jullie? Ik hoop het van ganser harte. Ik ga nu ophouden. Als je in een examenperiode zit, wens ik je veel sterkte toe. Dat je verwachting dan maar van de Heere zal mogen zijn. Hij kan het in alle omstandigheden goed maken. Hij kan je zelfs in tegenspoeden stil maken.

Jullie aller vriend,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.