+ Meer informatie

EG tast vrijheid van onderwijs niet aan

Inrichtdng en bekostiging zaak lidstaten

2 minuten leestijd

DEN HAAG — De Europese Gemeenschap zal geen inbreuk gaan plegen op de vrijheid van onderwijs in ons land zoals verwoord in artikel 23 van de grondwet. „De inrichting en bekostiging van de eigen onderwijsvoorzieningen en het vaststellen of goedkeuren van minimum-onderwijsnormen blijft een zaak van de EG-lidstaten".

Dat schrijft minister Ritzen van onderwijs en wetenschappen in een brief die gisteren naar de Tweede Kamer is gestuurd. De bewindsman reageert in de brief op een notitie die de onderwijsjuristen Mentink en Akkermans hebben opgesteld over de relatie tussen het EG-verdrag en het onderwijsartikel in de grondwet. Op dit moment onderhandelen de lidstaten over een wijziging van de onderwijsparagraaf in het EG-verdrag.

De twee auteurs constateren in hun rapport dat het EG-beleid op dit moment geen gevaar vormt voor het wezen van de onderwijsvrijheid. Minister Ritzen is het daarmee eens. Mentink en Akkermans constateren echter ook dat in Brussel de neiging bestaat om de mogelijkheden om inbreuk te plegen op het onderwijsrecht, steeds meer te benutten. Daarom stelden de twee juristen Gezond zitten is van vitaal belang. voor om via een wijziging van artikel 128 van het EG-verdrag in positieve bewoordingen de grenzen van het EG-onderwijsbeleid vast te leggen. Daarmee wordt voorkomen dat de Gem.eenschap op enig moment toch ingrepen kan doen in de onderwijsstelsels van afzonderlijke lidstaten.

Meer omvattend

Minister Ritzen neemt dat voorstel niet over. Naar zijn oordeel is het voorstel van de onderwijsjuristen te beperkt. De voorstellen die andere landen ondertussen hebben ingediend zijn meer omvattend en spreken onder andere over samenwerking tussen landen en instellingen en de erkenning van diploma's. Daarover wordt in de voorstellen van de onderwijsjuristen niet gesproken. De bewindsman vindt het wel wenselijk dat er in het EG-verdrag een bepaling over wordt opgenomen.

De eerste ronde van de discussie in de EG is inmiddels afgesloten. Zes landen hebben gebruik gemaakt van het recht voorstellen in te dienen. Dat zijn Denemarken, Griekenland, Italië, Duitsland, Spanje en Ierland. Oud-EG-voorzitter Luxemburg heeft een voorstel ingediend dat de voornaamste elementen van de afzonderlijke voorstellen bundelt. Daarmee gaat Nederland akkoord.

Samenbindend

Ritzen schrijft in zijn brief dat de ingediende voorstellen de kernpunten van het nationale beleid en de nationale tradities van het onderwijs niet aantasten. „Alhoewel de voorstellen verschillen in toonzetting, opbouw en mate van verstrekkendheid, is respect voor de autonomie van het onder: wijsbeleid van de afzonderlijke Hdmaten een duidelijk samenbindende factor".

In afwachting van het advies van de onderwijsjuristen heeft Nederland in de eerste ronde geen eigen voorstel ingediend. Eventueel worden in de vervolgfase wijzigingsvoorstellen ingediend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.