+ Meer informatie

De taak van de Tafelwacht bij het H. Avondmaal

9 minuten leestijd

Zo op het eerste gezicht zou men zeggen — wat valt er nu over dit onderwerp te zeggen. Feitelijk staan hierover ook maar weinig gegevens ter beschikking.

Toch kan er, zij het op negatieve aanwijzingen wel het één ander over gezegd worden.

De Dordtse Kerkorde ten dienste van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland bevat 3 artikelen over het Heilig Avondmaal, n.1. 61, 62 en 63.

Het dunkt mij goed deze eens met elkander te lezen.

Arf. 61.

Niemand kan tot het Avondmaal des Heeren worden toegelaten, dan die overeenkomstig de regeling van de plaatselijke Kerk belijdenis des geloofs heeft afgelegd en getuigenis heeft van een godvruchtige wandel, zonder welke ook zij, die uit andere Kerken komen, niet kunnen worden toegelaten.

Art. 62.

Ledere Kerk zal het Avondmaal op zodanige wijze vieren, als naar het oordeel het meest tot stichting der gemeente dienen kan, met dien verstande, dat de uitwendige ceremoniën, in Gods Woord voorgeschreven, onderhouden worden en dat het Formulier van het Avondmaal en het daarin opgenomen gebed zal worden gebruikt.

Art. 63.

De bediening van het Avondmaal mag alleen plaats hebben onder toezicht van ouderlingen, volgens kerkelijke orde en in een openbare samenkomst der gemeente.

Het Avondmaal des Heeren zal minstens eens per drie maanden na gehouden voorbereiding worden gevierd.

In art. 63 is er dus sprake van, dat het H.A. alleen mag plaats hebben onder toezicht van ouderlingen welke er voor hebben te zorgen, dat aan de 3 artikelen der D.K.O. wordt voldaan.

In onze Kerken is het gewoonte en zover mij bekend in alle Kerken van Geref. confessie, dat de kerkeraad voor ieder Heilig Avondmaal twee ouderlingen naar toerbeurt aanwijst om bij de viering van het H.A. de tafelwacht waar te nemen.

De benaming „tafelwacht” trof ik alleen maar aan in het boek „Liturgie en Ambt in de Apostolische Kerk” van Dr. J. L. Koole. In het „Handboek voor de ouderling” spreekt Prof. Dr. K. Dijk van „tafeldienst”.

Laten wij eerst eens nagaan wat de bijbel er van zegt. Het zijn slechts negatieve aanwijzingen, althans niet direct positieve aanwijzingen, doch ze kunnen voor ons toch leerzaam zijn, mèt de schriftuurlijke aanwijzing, dat alles in de gemeente in goede orde zal geschieden zoals wij lezen in Kor. 14: 40: Laat alles betamelijk en in goede orde geschieden.

Prof. Dijk zegt hiervan het volgende:

We denken met name aan de moeilijkheden, die zich in de gemeente te Korinthe met betrekking tot de Avondmaalsviering hebben voorgedaan. In de oudste tijd van de Christelijke Kerk is met de Avondmaalsviering zeer nauw verbonden de z.g. liefdemaaltijd. De leden der Kerk nemen ieder hun eigen eten mee naar de samenkomst van de gemeente en plaatsen dit op de gereedstaande tafels, opdat alles gemeenschappelijk gebruikt zal worden. De bedoeling hiervan is om in het samen eten de gemeenschap der heiligen tot uitdrukking te doen komen en om tegelijk de minder met aardse goederen gezegende gemeenteleden te doen meegenieten van wat anderen kunnen aanbieden. Bij de gemeente van Korinthe heeft dit gebruik, waarin men een uitwerking zal moeten zien van wat ons van de gemeente te leruzalem verhaald wordt, tot ernstige misstanden geleid. Zodra de maaltijd begofinen is, haalt ieder haastig zijn eigen deel naar zich toe, zodat de één hongerig blijft en de ander dronken wordt, en de armverzorging hierdoor een aanfluiting wordt. 1 Kor. 11 : 21 en 22. Hoe kan men onder deze omstandigheden nog een gezegende Avondmaalsviering verwachten? Paulus heeft de gemeente van Korinthe ernstig vermaand en berispt. Nu ligt het ontstaan van deze misstanden vermoedelijk hieraan, dat het ouderlingambt zich niet heef ontwikkeld zoals dit in andere gemeenten geschiedde. Als gevolg van dit alles ontbreekt het aan krachtige leiding.

Paulus is zo onthutst over de gang van zaken te Korinthe, dat hij zelf heeft ingegrepen, en krasse waarschuwingen doet horen, maar ook dringt hij er sterk op aan, dat alles betamelijk en in goede orde zal geschieden en voorts, dat men zich toch zal stellen onder de leiding van de gewone ambtsdragers. 1 Kor. 16 : 16 waar staat: stelt u dan ook onder zulke mensen, en onder ieder, die medewerkt en arbeidt. Dit moet ook op de Avondmaalsviering van toepassing worden geacht. Er heersen verkeerde praktijken, zodat de tafel des Heeren ontheiligd wordt. Daarom schrijft Paulus „als gij samenkomt om te eten, wacht op elkander”, 1 Kor. 11 : 33, d.w.z. er moet voor gezorgd worden, dat ieder zijn deel krijgt, opdat de gehele maaltijd, en ook de daarop aansluitende Avondmaalsviering op stichtelijke wijze mag verlopen. Men moet daarbij gehoor geven aan de wenken van de ouderlingen, en zich schikken onder de leiding van de ambtsdragers. Tot zover prof. Dijk.

Is dat dan ook voor ons broeders geen schriftuurlijke aanwijzing om gedurende de tafelwacht regelend op te treden opdat het aangaan en plaats nemen aan de Avondmaalstafel met orde geschiede en er geen gedrang ontstaat zodat deze dingen onstichtelijk kunnen werken?

De dienstdoende ouderling vraagt toch in de consistorie, voordat de dienst begint, altijd of deze stichtelijk en met orde mag verlopen?

En zijn wij niet aangewezen om regelend op te treden en voor alle leden der Kerk zorg te dragen?

Nu kom ik weer even terug op art. 63 van de D.K.O. Onze vaderen hebben reeds ingezien, dat de bediening van het Sacrament geen particuliere zaak van enkele gelovigen is maar een kerkelijke handeling die alleen op last van de Kerkeraad mag plaats hebben.

In de Geref. Kerk heeft men het verouderde artikel 63 gesplitst in twee artikelen n.l. 63 en 64. In het oude art. 63 stond n.l. „doch ter plaatse waar nog geen kerkelijke orde is, zal men eerst ouderlingen en diakenen bij provisie stellen.” Dit sloeg op plaatsen waar de Kerk nog niet was geïnstitueerd. Doch de Kerkorde van de Geref. Kerk zowel als van de Chr. Ger. Kerken gaat uit van de gedachte dat de reformatie genoegzaam heeft doorgewerkt, en stelt nu als regel, dat het Avondmaal alleen bediend mag worden waar toezicht is van ouderlingen d.i. in reeds geinstituëerde Kerken.

Enkele taken van de tafelwacht zijn nu reeds naar voren gebracht. Maar er i& nog meer. Het toezicht van de tafelwacht bestaat ook hierin, dat de ouderlingen er voor hebben te waken, dat niemand tot het Avondmaal komt die niet gerechtigd is. Gecensureerde en niet belijdende leden mogen niet aanzitten.

Het toezicht gaat dus niet alleen over de dominee of deze het Sacrament zuiver bedient en het formulier leest met het daarin voorkomende gebed, maar het toezicht gaat over de gehele gemeente. Vandaar moet de tafelwacht plaats nemen aan het eind der tafel waaraan de leden der gemeente aangaan om zo nauwkeurig mogelijk na te gaan wie aangaan en ook — en dat is heel belangrijk … wie wegblijven.

Gelukkig is dit toezicht in onze Kerken nog mogelijk. Maar wat denkt men b.v. van de interkerkelijke Avondmaalsdiensten in de Ned. Herv. Kerk en bovendien nog de concensus van deze Kerk met de Lutherse Kerk. Het moet er daar toch toe leiden, dat men figuren aan de Avondmaalstafel krijgt, waarvan handel en wandel in het minst niet bekend is en waar blijft dan het opzienersambt dat „;ij de heilige grond van het Sacrament de wacht heeft te betrekken? Dit alles moet de Heilige Geest toch wel zeer bedroeven.

En nu het moeilijke geval; Hoe moet de tafelwacht optreden als een niet gerechtigde tot het Avondmaal toetreedt?

Mijns inziens moet dit zeer rustig gebeuren zonder tumult te verwekken. Het moet de mensen netjes gezegd worden, dat zij zich hebben te onthouden. Helpt dit niet, dan even de dominee waarschuwen, dat de indringer overgeslagen moet worden. De dominee zou dan de ouderling met brood en beker kunnen doen rondgaan. En, zou het dan onverhoopt tot daden komen, dan dient het Avondmaal opgeschort te worden. De tafel des Heeren mag niet ontheiligd worden €n is het beter de viering van het Sacrament uit te stellen.

Heeft de tafelwacht ook toe te zien in welke kleding men aan het Avondmaal verschijnt? Wat een verschil van mening bestaat hierover!

Mag ik u de bonte rij van avondmaalgangers eens schilderen?

Er zijn plaatsen waar bijna allen in het stemmig zwart toetreden. In het Toradjaland is de kleding weer geheel anders en dragen de zusters nagenoeg geen hoedje of doekje op het hoofd. En wat te denken van de mannen wier kleding geheel anders is dan bij ons in het Westen? Gaan we ook eens naar de overkant van de oceaan waar de stijl zo geheel anders is dan bij ons. De makeup der zusters is daar gewoontestijl geworden. Het is voor hen geen modegril meer maar het behoort tot de gewone dagelijkse verzorging van het lichaam.

U denkt misschien, dat het de bedoeling van mij is om de zaak belachelijk te maken. Helemaal niet, het is volle ernst! Hiervan ben ik diep overtuigd, wij mensen zien aan wat voor ogen is, maar de Heere ziet het hart aan.

Wat moet de tafelwacht nu doen als iemand aan het Avondmaal verschijnt die uit de toon valt? Terugsturen? De hele Kerk in opschudding brengen? Ook die zuster zonder hoedje de toegang weigeren? Gods Woord geeft geen directe aanwijzing. Het is dus geen principiël zaak.

In onze Veluwse bossen liggen op de wegen tussen de hekken roosters opdat de herten het reservaat niet kunnen verlaten.

Wanneer wij op de weg naar de tafel ook van die roosters leggen dan komt menigeen niet op de plaats van bestemming.

Ik geloof, dat het de taak van de kerkeraad is om te zeggen wat wenselijk is. Ieder weldenkend deelnemer aan het Heilig Avondmaal zal hiermede rekening houden. Doet men dit niet, dan handelt de broeder of zuster tegen de gewoontestijl in.

De tafelwacht kan die gevallen signaleren en op de kerkeraadsvergadering ter sprake brengen.

Gezamenlijk kunnen we ons dan beraden op welke wijze degene, die niet handelt in overeenstemming met de stijl opgevoed kan worden. Dus laten wij als tafelwacht niet eigenhandig optreden.

Broeders, ik heb een bescheiden poging gewaagd om iets over de taak der tafelwacht te zeggen. Moge het meewerken tot een goed begrip wat onze taak is die wij als ambtsdragers te vervullen hebben en voorkomen, dat wij niet als figuranten dienst doen.

Apeldoorn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.