+ Meer informatie

TER OVERWEGING

6 minuten leestijd

C.H. Spurgeon, Pastorale adviezen deel 1-3. Uitg. De Banier, Utrecht 1999. 210-220 blz. Perdeel f 28,50; alle delen f 75,-.

Uitgeverij De Banier heeft er goed aan gedaan de vroeger al versehenen twee delen van de pastorale adviezen van de bekende prediker Spurgeon opnieuw het licht te doen zien. Ook is nu het derde deel versehenen, dat tot nu toe alleen in het Engels verkrijgbaar was. De meeste predikanten onder ons zullen deze boeken kennen, al is het in ‘Apeldoorn’ geen ‘verplichte kost’. Ik kwam bij het (her)lezen van de eerste twee delen opnieuw onder de indruk van de wijze waarop Spurgeon geestelijke degelijkheid en eenvoudige nuchterheid aan elkaar paart. Men leert van zijn adviezen zodoende op twee manieren. Er spreekt een zeer grote eerbied uit voor de Heilige Schrift, waarvan de prediker geroepen wordt die te verklaren. Men kijkt de auteur daar in het hart. Anderzijds, bijv. als het gaat over de roeping tot predikant, staan er heerlijk nüchtere dingen in: ‘Een nauwe borstkas is geen aanwijzing, dat iemand geschikt is voor openbare prediking’, deel 1 blz. 49.

In het - nieuwe - derde deel wordt de kwestie van illustraties en anekdotes behandeld en dat is, zoals bekend, een actueel punt. Het is hier (blz. 11) als met rozijnentaart: sommigen verlangen ‘een taart te hebben, die geheel van rozijnen gemaakt is; maar zo moet het niet’. In de gulden middenweg is dan nog heel wat te zeggen. Uiteraard zijn de voorbeelden goeddeels gedateerd. Maar men wordt van het lezen ervan bepaald wijzer.

Drs. H. de Jong, Hete hangijzers. Over moeilijke bijbelteksten en omstreden thema’s. Uitg. Voorhoeve, Kampen 1999. 128 blz. f 19,90.

De Ned. Geref. emeritus-predikant H. de Jong staat bekend om zijn openhartige, diep-borende Schriftuitleg, waarin hij het sola Scriptura hoog wil houden. Daarbij schuwt hij de discussie met oude en nieuwe theologieën bepaald niet. Daarvan legt dit nieuwe boekje getuigenis af. Ik denk dan aan de preek over 2 Kon. 2:8:1-6 met als opschrift ‘Echt gebeurd’, en aan de preek over antw. 80 van de Heid. Catechismus (de ‘vervloekte afgoderij), ingegeven door het huwelijk in koninklijke kring in 1998. Men wordt wijzer van het lezen van deze - en de andere - preken. Terecht schrijft de auteur in zijn voorwoord dat ze meer bedoeld zijn om te lezen dan om gehouden te worden. Dan zou men nog wel iets aan de stijl doen, en enkele toespitsingen maken. Ook is het waar dat ze ‘iets betogends’ hebben (blz. 7), maar die ervaring zal iedere predikant hebben wanneer hij een moeilijk Schriftgedeelte wil bepreken. Dit boekje helpt om over de drempel die we daar vaak bij voelen heen te komen.

Ds. W. van Vlastuin, Het huwelijksformulier. De actualiteit van het klassiek formulier. Uitg. Groen, Heerenveen 1999. 104 blz. f 22,50.

De auteur, tot voor kort Ned. Herv. predikant te Opheusden, nu te Katwijk, beiicht het oude, klassieke huwelijksformulier stap voor stap. Zodoende wordt een aantal kerkbladartikelen voor een bredere kring toegankelijk gemaakt. Te prijzen is de eerbiedige instelling: ds. Van Vlastuin zoekt voortdurend naar Gods wijze bedoeling in de levenslange eenwording van man en vrouw. Daarbij gaat hij meermalen - terecht - in discussie met een geest die dat vandaag uitholt, met alle gevolgen vandien. Soms plaatste ik uitroeptekens bij bepaalde gedeelten; ik noem het primaat van het stadhuis boven de kerk, met gevolgen voor de wisseling van de ringen (blz. 13). Soms waren uitroeptekens en vraagtekens beide aanwezig, zoals bij het gedeelte over vruchtbaarheid en kindertal (blz. 40 e.V.). Soms waren het alleen vraagtekens die ik plaatste, bijv. bij het in één adem noemen van homofilie en homosexualiteit als zonde (blz. 56, daar hebben gezaghebbende gereformeerde auteurs ons voorzichtiger leren spreken). Gaat het in het Hooglied werkelijk in eerste instantie over de liefde tussen Christus en zijn bruid (blz. 59)? En ook de gedachte dat de kwestie van Gen. 3:16 een ‘ordinantie Gods’ zou zijn, zoais het klassieke formulier dat aanhaalt, lijkt mij beslist niet houdbaar (blz. 84). Dan ben ik toch blij met een nieuwer formulier zoals dat van onze kerken uit 1971-1974.

Drs. M. van Campen, Bijbels ABC deel 1 en Stenen of diamanten? Twee deeltjes uit de catechisatiemethode ‘Reflector’. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer 1999. leder 72 blz. per deel. f 14,90.

Er Staat een nieuwe catechisatiemethode op stapel, onder auteurschap van drs. M. van Campen, docent catechetiek, verbunden o.a. aan de Chr. Hogeschool Ede. De nu versehenen deeltjes spreken van frisheid en betrouwbaarheid, een combinatie die voor het catechiseren in onze tijd heel hard nodig is. In ‘Bijbels ABC, voor de jongeren van 14-16 jaar, wordt alfabetisch (!) een aantal bijbelse grondwoorden beiicht (o.a. aanbidden, bekering, eilende, heilig, kruis). In ‘Stenen of diamanten’ (wat een mooie titel!) worden de 10 geboden toegelicht op het niveau van 16 jaar en ouder. De indeling van elk hoofdstuk is als volgt: verkenning, bijbelstudie, informatie, verwerking, belijdenisfragment, leesrooster. Vooral het laatste is een prikkel om de bijbel niet alleen voor het catechisatie-uur te gebruiken. Overigens zal dat rooster wel moeten worden uitgebreid door de catecheet, want (zoals bij alle catechisatiemethoden) de aangeboden stof is te veel om in één uur behandeld te worden.

Drs. E.F. Vergunst, Rusten in Uw schaduw. Het leven van ouderen onder de glans van het Evangelie. Uitg. Groen, Heerenveen 1999. 128 blz. f 19,95.

Een bundel meditaties, geschreven als concrete handreiking in de noden en behoeften van ouderen. Geschreven door iemand die weet heeft van de vele zorgen en vragen die er bij ouderen leven: over de afbraak van het eigen lichaam, over het (ontbreken van) wezenlijk contact met hen die hen na staan, over de eenzaamheid van het bestaan en de verwachting van de toekomst. Vele facetten van deze fase van het leven worden aan de hand van bijbeioverdenkingen belicht, op een persoonlijk-behoedzame en bijbels-duidelijke toon. Dat maakt het boek tot een waardig geschenk voor kerkenraad of diaconie, bijv. bij speciale gelegenheden. Eén ding trof mij speciaal: de waarde en de kracht van de doop, niet alleen voor jongeren (die daar meestal op aangesproken worden), maar ook voor ouderen (blz. 21)1

A.F.J. Klijn, Jezus in de apocriefe evangeliën. Buitenbijbelse beeiden van Jezus. Uitg. Kok, Kampen 1999. 174 blz.

Het zal de meeste lezers bekend zijn dat er meer beeiden van Jezus in omloop zijn dan degene die we kennen uit de bijbeise evangeliën. Dr. Klijn (emeritus-hoogleraar NT) heeft een studie gemaakt over deze zogenaamde apocriefe evangeliën. Na een inleiding volgt een beschrijving via vier ingangen: het joden-christelijke beeld, het gnostieke beeld, correcties op het bestaande beeld en aanvullingen op het bestaande beeld van Jezus. De teksten uit de overgeleverde boeken worden vertaald en becommentarieerd. Dat levert soms interessante gedachten op, soms ook fantastische. Bij het laatste denk ik aan het protevangelie van Jacobus (blz. 104 e.V.), dat de gang van zaken rond de geboorte van Jezus verder ‘inkleurt’ en wel vanaf de geboorte van Maria. De hamvraag bij dit alles komt op blz. 164 aan de orde: ‘Hoe is het gekomen dat sommige opvattingen over Jezus ‘canoniek’ zijn geworden en andere ‘apocrief? Deze vraag beantwoordt de auteur op historisch-wetenschappelijke wijze. Er is nog wel een ander antwoord op te geven: men zie 2 Petr. 1:21.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.