+ Meer informatie

Vernieuwing en verwarring (1)

4 minuten leestijd

… onze medemens. We moeten hem recht doen, zowel de levende als de dode. En daarom moeten we hem leren kennen. Dus zoeken we in de geschiedenis niet naar wat nuttig is, maar naar wat waar is. De gestorvenen mogen we evenmin belasteren als de levenden. Je moet de waarheid over hen spreken. Dat kan nu eenmaal niet zonder dat je iets van hen weet. En je moet iets van hen weten, want het verleden dat zij geschapen hebben, is nog overal om ons heen.

Woorden van wijlen dr. A.Th. van Deursen. Ze geven zijn opvatting weer over nut en taak van de geschiedeniswetenschap. Ds. M. Golverdingen heeft ze tot het motto van zijn boek gemaakt: recht doen aan de doden, de waarheid over hen spreken… Over welk boek heb ik het? Ik heb het over de dissertatie die ds. Golverdingen op 4 maart jongstleden met goed gevolg verdedigde aan de Theologische Universiteit te Apeldoorn. Dat vond plaats in het drukbezette kerkgebouw van de Apeldoornse Gereformeerde Gemeente. Het mag een wonder van Boven heten dat deze dominee na zijn ingrijpende ziekte van een jaar geleden de kracht ontving om zijn proefschrift te voltooien en nu tot doctor in de theologie promoveerde. Namens de redactie en de lezers van Bewaar het Pand wil ik mijn Dordtse collega van harte feliciteren met dit mooie gebeuren. Ik voeg er de wens bij dat de Heere het resultaat van zijn studie zegenen wil tot heil van de kerken. Daarbij denk ik allereerst aan zijn eigen kerkverband, dat van de Gereformeerde Gemeenten, maar misschien mogen ook andere kerken in die zegen delen…

In zijn proefschrift richt ds. Golverdingen zich op de geschiedenis van de Gereformeerde Gemeenten in de jaren 1946-1950. Blijkens de titel typeert hij die met de twee woorden ‘vernieuwing’ en ‘verwarring’. In de jaren na de Duitse bezetting komen er allerlei nieuwe ontwikkelingen binnen de kring van de gemeenten openbaar. De schrijver somt er wel zo’n tiental op. Maar in diezelfde jaren is er eveneens sprake van veel spanning en onderlinge confrontatie rond de leer en de praktijk van verbond en prediking. Daarbij brengt hij met name een viertal ‘hoofdrolspelers’ voor het voetlicht: ds. G.H. Kersten, veel jaren lang de onbetwiste leider van de kring van gemeenten, ds. A. Verhagen, wiens naam vooral verbonden is aan het kerkelijk jeugdwerk, dr. C. Steenblok, een gepromoveerd gereformeerd predikant die in 1943 naar de Gereformeerde Gemeenten overkwam, en ds. R Kok, wiens kracht lag in een hartelijke prediking en een toegewijd pastoraat. Tegelijkertijd moet van ds. Kok gezegd worden dat hij in zijn optreden vasthoudend en bij tijden onverzettelijk was.

Uitvoerig en met de precisie van een kroniekschrijver gaat ds. Golverdingen de gang van zaken na van wat later als de ‘kwestie ds. Kok’ bekend geworden is. Tegen de prediking van ds. Kok, die veel nadruk legde op het aanbod van Gods genade, kwam in de loop van de jaren meer en meer kritiek. Met name zijn vele publicaties in die jaren hebben weerstand opgeroepen. De aanklacht die tegen ds. Kok werd ingebracht, betrof vooral, wat men noemde: de vereenzelviging van de algemene aanbieding van de genade en de belofte van de zaligheid aan allen. Dat strookte niet, zo meenden zijn tegenstanders, met de uitspraken die de synode van de Gereformeerde Gemeenten in 1931 had gedaan, namelijk dat het verbond der genade staat onder de beheersing van de eeuwige verkiezing. Het was, zo meende men, onmogelijk dat de beloften die tot dat verbond behoorden allen en een ieder zouden gelden. Men verweet ds. Kok dan ook een verwarde verbondsbeschouwing. Een in 1950 inderhaast samengeroepen generale synode besloot ds. R. Kok voor een periode van zes maanden te schorsen. Het gevolg was dat ds. Kok buiten het kerkverband kwam te staan. Vanaf 1956 tot aan zijn sterven in 1982 was hij een gewaardeerd christelijk gereformeerd predikant. Vele keren vulde hij ook de kolommen van ons blad Bewaar het Pand.

In ds. Golverdingen’s boek is het verloop van de dingen in de jaren 1946 tot 1950 minutieus te volgen. Veel feiten die tot heden onbekend waren, heeft hij aan de stoffige archieven ontrukt. Het is hem er in zijn studie om begonnen recht te doen aan personen en over hen de waarheid te spreken. Het is buitengewoon te waarderen dat ds. Golverdingen de zaak ‘ds. Kok’, die in die (en ook in latere!) jaren zozeer de gemoederen heeft bezig gehouden, op een uiterst feitelijke en daarmee zo objectief mogelijk wijze beschrijft. Op diverse bladzijden spatten de emoties bijna van het papier af, maar voortdurend worden deze in de presentatie van ds. Golverdingen beteugeld. Het is hem om de waarheid te doen. Wat overigens niet wil zeggen dat de schrijver de gebeurtenissen niet toetst. Dat doet hij wel zeker, en wel aan de bepalingen van de kerkorde en ook aan (wat ik zou willen noemen) bijbelse betamelijkheid. De vijfde stelling bij de dissertatie is dan ook onthullend: “Kerkelijke conflicten, zoals in de Gereformeerde Gemeente van Veenendaal in de jaren 1948-1950, kunnen als regel worden herleid tot een gebrek aan goede communicatie of het niet of onvoldoende praktiseren van de heiligmaking.” Een spiegel voor toen en nu.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.