+ Meer informatie

OPENINGSWOORD

5 minuten leestijd

Geachte broeders,

Deze conferentie zal een vervolg zijn op de voorjaarsconferentie 2000, waarin drs. Andries Knevel met ons nadacht over de vraag hoe het naar buiten treden met het Evangelie bij de Evangelische Omroep gestalte krijgt, en hoe zich dat verhoudt tot de manier waarop de traditionele kerken dat doen. In die conferentie zijn door de inleider nogal prikkelende dingen gezegd, die kort aangeduid hierop neerkwamen dat we in de kerk en zeker daarbuiten met de klassieke gereformeerde theologie en met de klassieke manier van preken eigenlijk niet meer uit de voeten kunnen. Wie denkt van wel, staat met zijn rug naar de werkelijkheid. De argumenten waarmee deze en ermee samenhangende stellingen werden onderbouwd, leverden bijval en protest op. In het confe-rentienummer van Ambtelijk Contact is het allemaal uitvoerig weergegeven.

Wat hiervan zij, voor veel ambtsdragers wordt het steeds moeilijker om in de ambtelijke praktijk (toezicht, pastoraat, toezien op de prediking) uit te gaan van de gereformeerde theologie. Sommigen weten te weinig van wat die theologie ten diepste inhoudt. Anderen vinden dat je de geloofsbegrippen die erin zijn vervat, niet meer kunt verwoorden in termen waarin die theologie is ‘opgezet’. Nog weer anderen zijn van oordeel dat die theologie op onderdelen niet meer spoort met de werkelijkheidservaring van onze tijd. Een enkele ambtsdrager meent bij aantreden voor, of herintreding in het ambt voorbehouden te moeten maken bij het ondertekenen van het verbindingsformulier. Anderen gaan aan wat de geesten vandaag bezighoudt liever maar voorbij en zijn blij met de toenemende evangelische invloeden in de gemeenten (in sommige opzichten heilzaam, maar bedenkelijk als het alleen wat opgeblazen vrolijkheid oplevert).

Er is heel wat aan de orde vandaag dat om grondige bezinning vraagt. Op de godsdienstige ‘markt’ gaat heel veel om. Openlijk worden pogingen gedaan, althans in onze gewesten, om de laatste fundamenten van het christelijk geloof weg te graven. ‘Jezus meer mens dan God’, ‘de klassieke verzoeningsleer niet langer houdbaar en aan bijstelling toe’, ‘God als persoon, tot wie wij mensen in een positie van persoonlijke verantwoordelijkheid staan en die ons onder miljoenen in het oog heeft en houdt, is een fictie’, aldus H.M Kuitert, die daarmee — zoals in de dagbladen stond — het laatste schap van het christelijke geloof heeft ‘geschoond’. De relevantie van de gereformeerde belijdenisgeschriften is ook in discussie. Bij de artikel 41-rapportage werd op een classis-vergadering gerapporteerd dat sommige leden van de gemeente het moeilijk hebben met de verzoeningsleer zoals die in onze belijdenissen is hervat. Het is een illusie te menen dat al deze en andere dingen het leven van de gemeente onberoerd laten.

Niet van vandaag of gisteren

Deze dingen zijn niet nieuw. Al lang zijn er rond deze dingen discussies gaande. Die voltrokken zich tot voor kort min of meer buiten de waarneming van een eenvoudige kerkganger. En wat erover doorsijpelde, bracht in elk geval weinig of geen beroering. Dat is anders geworden. Alle producten van wat we geseculariseerde wetenschap zouden kunnen noemen, komen in de krant, of via de radio en televisie, dagelijks aan iedereen voorbij en nestelen zich in de denk- en belevingswereld van mensen, tenzij men het zonder dieper doordenken van zich laat afglijden. Maar ook dan kan het mensen op enigerlei manier onbewust beïnvloeden. In elk geval staat vast dat er christenen zijn bij wie de vraag leeft wat men hiervan denken moet en wat men ervan kan geloven. Als we het hebben over kerkverlating, afnemende betrokkenheid bij het kerkelijk leven in het algemeen, situaties van geesteloosheid, ongeregelde kerkgang en wat ons verder in de kerken misschien zorg geeft, moeten we ook in aanmerking nemen dat bij veel meer mensen dan wij vermoeden in de diepere lagen van hun ziel de vraag woelt, of het met bepaalde dingen toch niet iets anders ligt dan hen in hunorthodoxe opvoeding vanuit de oude geloofsopvattingen en -tradities is bijgebracht. Halverwege de vijftiger jaren maakte een docent aan de Vrije Universiteit in Amsterdam tegenover mij de opmerking dat men aan de VU bezig was een nieuwe visie op de bijbel te ontwikkelen die de zekerheden waarin men zich sterk en onaantastbaar waande, onder de gereformeerde kerken zou weghalen. In een overrompelend tempo zou die nieuwe visie verwarring teweeg brengen en verlegenheid oproepen. Men zou uiteindelijk niet meer goed in staat zijn de resultaten van het voorgaande Schriftonderzoek op evenwichtige wijze te beoordelen en het goede van het verkeerde te onderscheiden. Hij heeft gelijk gekregen.

Wat hiervan zij, er zijn voor gereformeerde theologen dringende redenen om de kerken aan de basis in de verwarring en onzekerheid die publicaties als waarom het hier gaat veroorzaken, in de verwerking van de vragen bij te lichten en richting te wijzen. In de collegezalen zullen deze vragen ongetwijfeld aandacht krijgen, maar ook leden van Christus’ gemeente hebben er recht op te weten waar we moeten (blijven) staan en welke argumenten er zijn om de overgeleverde vastigheden van het geloof in en de visie op de bijbel niet los te laten.

Hoe kijken we hiertegen aan en hoe gaan we hier mee om?

Op de vorige conferentie is met het beantwoorden van die vraag een begin gemaakt. Dat vroeg om een vervolg. Er zijn toen, zoals gezegd, indringende dingen gezegd over prediking, pastoraat en missionair bezig zijn, over liturgische vormgeving en inrichting van het kerkelijk leven, over de klassieke gereformeerde theologie en evangelische invloeden. Dat alles tegen de achtergrond van de culturele context waarin wij kerk zijn.

Van Werner Finck, een Duitse schrijver, zijn de woorden: ‘Conferenties zijn vergaderingen waar velen naar binnengaan, maar waar weinig uitkomt’. Ik hoop dat deze woorden niet op deze ambtsdragersconferentie van toepassing zullen zijn, maar dat we onder de zegen van onze God op deze dag richtingwijzend en tot bemoediging van elkaar bezig zullen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.