+ Meer informatie

verhaaltjesklok

6 minuten leestijd

8. Hoe noemt men de Heiland? 10. Een Nazarener kwam uit 11. Een Nazireër had lane:e 12. S was zulk een man. 13. Welke discipel sloeg met het zwaard? 14. Het zwaard trof 16. De 2 hogepriesters heetten en

RAADSEL 666
(Voor de groten) In Exodus 16 vind je veel antwoorden.

1. Welke Zee was Isrel doorgetrokken? 2. Aan de' overkant gingen ze . 3. Wat is de keur der hoofdlieden van Farao? 4. De vijanden zonken als 6. Ood strekte Zijn ..... uit. 6. Wie is de profetes? 7. Wat had ze in haar hand? 8. Van de Schelfzee gaan ze naar de woestijn 9. Te was bitter water. 10. Te ..... waren palmbomen.

De lange schooldag is voorbif. Jan-Jaap is een klein beetje moe. Hij moet ook zo hard werken op school. Iedere dag leren ze weer nieuwe dingen. Jan-Jaap heeft ook al een boekje mee naar huis gekregen, daar staan allemaal tekeningetjes enwoordjes in. Die woordjes heeft Jan-Jaap zelf op rrioeten schrijven, bij ieder tekeningetje een woordje.

En vandaag hebben ze geverfd. Ieder kind kreeg van de juffrouw een groot vel papier. ,Jfu mogen jullie daar een mooi schilderij van maken", zei juf. Ze kregen bakjes met allemaal kleurtjes verf en een kwast. Jan-Jaap ipist niet wat hij moest verven, „een huis"? nee dat had hij pas getekend, „een boot? nee ook iiiet". Wacht eens, wat had hij vanmorgen langs zien komen? Een brandweerauto. Ja, hij zou een schilderij maken met een brandweerauto erop en een grote brand. Jan-Jaap z'n tong hing uit zijn mond, zo druk was hij aan het verven. Prachtig werd het, zo daar nog wat vlammen en daar. „Jan-Jaap wat doe je?", roept de juffrouw verschrikt.

Jan-Jaap kijkt op. „Wat doe je?" Ziet de ji^rouw dat dan niet? Hij schildert een echte brand. Verwonderd kijkt hij de juffrouw aan. „Kijk eens naar de mouw van je trui", zegt ze. Jan-Jaap kijkt. „O" er zit allemaal verf op zijn m.ouw. Het lijkt wel offaj zijn mouw ook meegeverfd heeft. „Je hebt met je a/T» op je schilderij gelegen", zegt juf.

Als ze zijn beteuterd gezicht ziet, zegt ze, „kom maar gauw, dan zal ik proberen of we je mouw wat schoon kunnen krijgen". Gelukkig gaat de verf er wat af. „Vraag maar of mama de rest eruit wü wassen", zegt de juffrouw. ,Jk vind je schilderij erg mooi Jan-Jaap. En weten jullie wat ik met jullie schilderijen ga doen?", vraagt de juffrouw aan de kiruleren. ,Jk hang ze allemaal op in de klas".

En aan deze dingen zit Jan-Jaap te denken. Hij is na schooltijd wat op de bank gaan zitten om een beetje uit te rusten. Maar nu is hij niet moe meer. ,JiIam", roept hij, „mag ik buiten gaan steppen?"

Ja, dat mag, maar hij moet moeder beloven dat hij op de stoep blij/t. Dat belooft hij en even later loopt Jan-Jaap de tuin in en haalt zijn step uit de schuur.

„Wacht eens, wat ligt daar? Is dat niet een oudfïetsvlaggetje. Het zit vast aan een stokje. Jan-Jaap raapt het vlaggetje op en maakt het stokje vast aan het stuur van zijn step.

Zo hij heeft weer een politie-brommer, maar nu met een antenne. Het vlaggetje op de antenne wappert heen en weer. „Hallo, hallo, hier politie-brommer nummer S", roept Jan-Jaap door de laan. Hij stept heen en weer. Hoe harder hij rijdt, hoe harder het vlaggetje wappert. „Ho stop", denkt hij als hij aan 't eind van de laan komt, verder mag hij niet, omdat een eindje verderop het bos begint.

Er rijdt een auto langs hem heen, de auto rijdt door. „Zou die mijnheer niet weten, dat daar het bos begint?" Jan-Jaap kijkt. O de auto stopt en er stapt een mijnheer uit. Hij laat het* portier openstaan en gaat op het banlg'e, dat daar aan de kant staat, zitten. Jan-Jaap kijkt nog even en dan stept hij weer verder, de weg terug.

Hij heeft het immers druk. Hij moet nog langs heel veel huizen rijden met zijn politie-brommer. Als Jan-Jaap een poosje later weer terug stept, ziet hij de auto nog staan. Het is een mooie glimmende auto. „Misschien is het wel een race-auto", denkt Jan-Jaap. Wacht eens, roept de mijnheer op het bankje hem? Ja kijk maar, de mijnheer wenkt met zijn hand. „Kom eens", roept hij. Jan-Jaap kijkt eens om zich heen. Nee er is verder niemand te zien, de mijnheer zal het dus wel tegen hem hebben.

Hij aarzelt even, hij mag van moeder daar eigenlijk niet komen, maar ja de mijnheer roept zo. „Misschien weet hij de weg niet meer of misschien is zijn auto wel stuk", denkt Jan-Jaap. Hij stept naar de mijnheer en deze zegt: „Wat kun jij goed steppen", „'t Is een brommer hoor met een echte antenne", zegt Jan-Jaap en hij tvijst naar zijn step. „En ik ben een politie-aaent". f i

„Tja, nu je het zegt", knikt de mijnheer, „dat kun je wel zien. Zeg heb jij rolschaatsen?" „Rolschaatsen ... ik ...?", stamelt Jan-Jaap, „nee die heb ik niet". „Wil je ze hebben", vraagt de vriendelijke mijnheer. Wat een vraag, natuurlijk wil Jan-Jaap ze hebben en graag ook. „Als je meegaat, gaan we ze samen kopen", zegt de mijnheer. „En mijn step dan?" „O laat die maar even staan, we zyn zo terug". Jan-Jaap kijkt de myrüieer ernstig aan, „met hem meegaan en zijn step hier achterlaten?"

Opeens schiet hem moeders waarschuwing te binnen: ,,Jan-Jaap zul je nooit met vreemde mannen meegaan ook al zijn ze nog zo vriendelijk en al beloven ze je nog zo veel".

Een felle schrik slaat door Jan-Jaap heen. Hij draait vliegensvlug zijn step om en rijdt zo snel hij kan weg. „k Oa naar mama", roept hij met een bü>berstemme^'e. Buiten adem rijdt hy het hek binnen, smijt zijn step zo maar op de grond en holt naar binnen, naar moeder „Mam, mam", roept hij. Moeder hoort zijn angstige stem en komt aangesneld. „Jan-Jaap wat is er, ben je gevallen?" „Nee, nee", schudt hij, „er was een mijnheer" ... en dan vertelt hij alles. „Kind", zegt moeder, „kind wat is de Heere Ood goed. Hij heeft jou beschermd en bewaard en de Heere Ood heeft jou aan mama's woorden laten denken".

Jan-Jaap knikt ernstig. En 's avonds in bed danken moeder en Jan-Jaap heel eerbiedig de Heere Ood voor Zijn goede zorgen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.