+ Meer informatie

Alles mag gebruikt worden, maar de bomen blijven staan

Verzamelreservaten in Beraziliaans oerwoud

7 minuten leestijd

Op dit moment vergaderen in de hoofdstad van Brazilië, Rio de Janeiro, de Verenigde Naties over milieu en ontwikkeling. Een van de agendapunten: ontbossing. De omgeving is zeer passend. In het Amazonegebied wordt per jaar een oppervlakte gekapt zo groot als Nederland. En als het bos verdwijnt, verdwijnen ook de mensen die er afhankelijk van zijn: Indianen en rubbertappers. Veeboeren verjagen hen zelfs met geweld. Verzamelreservaten bieden een oplossing. Bewoners krijgen het vruchtgebruik van een stuk bos en mogen noten, rubber, fruit en planten winnen. Als er maar niet gekapt wordt.

Eens waren het vijanden, maar in 1985 sloten Indianen en rubbertappers onder de bezielende leiding van Chico Mendes een verbond met elkaar. Overleving kon alleen nog maar gegarandeerd worden als het bos behouden zou blijven en het geweld beëindigd zou worden. Chico Mendes stelde beschermde zones voor, geïnspireerd door de indianenreservaten. In het plan zouden de bewonersgeen eigendomsrechten op de grond verkrijgen, maar wel het vruchtgebruik. Voor een periode van maximaal dertig jaar zou men zich tot verzamelactiviteiten verplichten, waarbij het bos duurzaam gebruikt zou worden. Dat betekent dat men er alles uit kan halen (rubber, noten, oliën, fruit), behalve het hout. Op deze manier zou het bos beschermd worden en zouden de bewoners wat meer bestaanszekerheid krijgen. Chico Mendes maakte het niet meer mee. Hij werd in december 1988 in z'n rug geschoten. Maar z'n plan leeft voort. Het verzamelreservaat was geboren. Mary Allegretti, antropologe en een van de initiatiefnemers van het verzamelreservaat, meent dat dit het beste alternatiefis voor de vernietiging van het tropisch regenwoud. „Het is door de bewoners zelfbedacht en komt niet uit de koker van de overheid. Die zou trouwens toch geen geld hebben om een park te beschermen. Dat doen de bewoners dus en dat kunnen ze ook, omdat ze er al meer dan honderd jaar wonen."

Opmars gestuit
Brazilië heeft nu acht verzamelreservaten. Eén in de deelstaat Rondonia, één in Amapa en Amazonas en vijf in Acre. Deze geïsoleerde, aan Bolivia en Peru grenzende deelstaat is een van de gebieden waar het conflict tussen veeboeren en rubbertappers in grof geweld is ontaard. In deze bosrijke staat waren de veeboeren bezig met een indrukwekkende en verschroeiende opmars langs de pas aangelegde rijksweg BR-317 richting Peru. Maar het zat de grootgrondbezitters niet meer mee. Blokkades van rubbertappers, publiciteit rond de moord op Chico Mendes en langdurige regens verhinderden de omzetting van regenwoud tot weidegrond en daar kwamen de verzamelreservaten ook nog bij. Het bos van Acre bleef staan.

Oerwoudcarillon
Een van de reservaten in deze westelijke deelstaat is genoemd naar Chico Mendes. Het is bereikbaar na een vier uur durende busrit over de BR-317 vanuit Rioa Branco naar Xapuri. De omgeving van de weg (van alle wegen in Brazilië trouwens) is ten prooi gevallen aan de kaalslag en hier en daar graast er vee. In Xapuri kan ik met een goederenboot mee en vandaar pruttel ik stroomopwaarts over de Rio Acre. Na vier uur varen neemt de begroeiing aan de oever van de rivier spectaculair toe. Hier verheffen de woudreuzen zich weer tot tientallen meters hoogte en klinkt het oerwoudcarillon van vogels en insekten op volle sterkte. De boot drijft het verzamelreservaat binnen. Op twee uur loopafstand van de rivier woont Julio Barbosa, voorzitter van de rubbertappers in Acre. Z'n hut staat op houten palen, een hangmat is dwars door de kamer gespannen en geuren uit de keuken voorspellen rijst en bonen voor het middagmaal. Barbosa is erg enthousiast over het reservaat. „Altijd zijn we slaven geweest en buiten de reservaten zijn we dat nog steeds. Nooit hadden we recht op gezondheidszorg en scholen, altijd werden we uitgebuit en stonden we bij onze bazen in het krijt. We leverden de latex in ruil voor levensmiddelen, die zij uit de stad meenamen en het was verboden om zélf iets te verbouwen. Zelfs kippen mochten we niet houden

Vogelvrij
Elias Dias de Souza, z'n buurman, vult aan: „Nu het hier reservaat is, voelen we ons niet meer zo bedreigd. We worden nu eindelijk door de veeboeren met rust gelaten." De Souza drukt zich voorzichtig uit. In werkelijkheid is elke rubbertapper en verder een ieder die zich met de Amazone bemoeit (vakbondsleiders, ecologen, journalisten, priesters) vogelvrij. Volgens een geograaf zijn er al meer dan 1600 mensen vermoord. In februari werd een vakbondsleider uit Rio Maria in de staat Para doodgeschoten. Jarenlang was hij, net als Chico Mendes, door de ranchers bedreigd. De politiebescherming waar hij om had gevraagd, had hij nooit gekregen. Ook Barbosa staat op de dodenlijst van de veeboeren. Nu het gebied in reservaat is veranderd, voelt hij zich veiliger en is er meer tijd om de produkten uit het bos te verzamelen.

Medicijnplanten
Wat kan er zoal vergaard worden? Medicinale kruiden, bij voorbeeld. Een Amerikaanse botanicus heeft uitgerekend dat de jaarlijkse wereldmarktwaarde van medicinale planten 43 miljard dollar bedraagt. Bovendien herbergt het bos waarschijnlijk nog talrijke medicijnen tegen allerlei ziektes. Verder telt het regenwoud een groot aantal insekticiden, zaden, geurstoffen, lakken en vezels, waarvan de winsten voor nog geen halve procent bij de inheemse bevolking terecht komen, aldus de botanicus. En een wetenschappelijk onderzoeker in Manaus rekende uit dat de totale waarde van verzamelde produkten uit Acre, Rondonia en Amazonas in 1980 zo'n 48 miljoen dollar bedroeg. Opvallende afwezige hierbij is de rubber. De latex wordt nog wel uit de bomen gekliefd, maar de overheid heeft de subsidie voor een groot gedeelte ingetrokken. Al jaren komt er immers goedkope rubber uit Maleisië en in 1982 opgezette plantages in Zuid-Brazilië zullen binnenkort voor een groot gedeelte in de rubberbehoefte van het land voorzien. Op de plantages staan zo'n vijfhonderd bomen per hectare, in het Amazonegebied zijn dat er niet meer dan vijf

Politiek
Op dit moment vergaderen in de hoofdstad van Brazilië, Rio de Janeiro, de Verenigde Naties over milieu en ontwikkeling. Een van de agendapunten: ontbossing. De omgeving is zeer passend. In het Amazonegebied wordt per jaar een oppervlakte gekapt zo groot als Nederland. En als het bos verdwijnt, verdwijnen ook de mensen die er afhankelijk van zijn: Indianen en rubbertappers. Veeboeren verjagen hen zelfs met geweld. Verzamelreservaten bieden een oplossing. Bewoners krijgen het vruchtgebruik van een stuk bos en mogen noten, rubber, fruit en planten winnen. Als er maar niet gekapt wordt. De overheid heeft dus grote invloed op het slagen of mislukken van het verzamelreservaat. Tijdens de laatste dagen van president Sarney in 1988 drukten rubbertappers en de milieubeweging uit Brazilië/USA en Europa er een paar reservaten door. Het was Sarneys laatste regeringsdag, dus het maakte hem toch allemaal niet veel meer uit. Nu zit Collor er en verlopen de onderhandelingen stroef Voor een verzamelreservaat moet er eerst land onteigend worden. Dat lijkt te veel op landhervorming en is een gevoelige zaak in Brazilië. Vandaar dat de minister van landbouw z'n vingers liever niet aan grondzaken brandt. Z'n staatssecretaris, tevens milieuactivist, wil wel, maar wordt weer onder sterke druk gezet door de minister van economische zaken, die zegt dat hij geen geld heeft. Terughoudendheid bij de overheid. Toch zou dat wel eens kunnen veranderen als de verzamelreservaten over enige economische zelfstandigheid konden beschikken. Voor het Chico-Mendesreservaat is de omschakeling van rubber naar paranoten essentieel. De paranoten leveren in ieder geval per hectare vijfmaal meer op dan de produktie van vlees per hectare. Zeventig ton paranoten worden ieder jaar naar de Verenigde Staten verscheept, waar er onder andere ijs van wordt gemaakt. De verwerking van paranoten (drogen, kraken, selecteren) wordt door een coöperatie in Xapuri gedaan. Zo wordt de transportlijn verkort en daarmee de kans op schimmelvorming. Bovendien blijft het geld niet meer aan de strijkstok van een paar rijke families in Belèm hangen.

Alternatief Maar hoe zit het met andere reservaten? Het Alto-Jurüareservaat ligt diep in de westhoek van Acre en is over de weg onbereikbaar. Volgens Mare Douro Jeanni, entomoloog uit Peru, is het de vraag of dit soort geïsoleerde verzamelreservaten het economisch zullen redden. De markt (steden, het buitenland) is te ver weg. Dat is geen probleem als om het vervoer van bijzonder genetisch materiaal gaat. Voor andere produkten ten is een bootreis van twee, drie weken naar een stad als Manaus (nog steeds midden in de Amazone) veel te lang. Fruit kan gaan rotten, noten beschimmelen en de lange transportduur kost te veel. Economisch mogelijk zwak of niet, de verzamelreservaten lijken toch het alternatief voor de ontbossing. Rubbertappers en Indianen, wetenschappers en milieubeschermers werken aan de uitvoering en hebben tien nieuwe verzamelreservaten aan de overheid voorgesteld. En die moet nu kiezen, met het tropisch regenwoud als inzet: tussen beschermen of beschadigen, verbranden of verzamelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.