+ Meer informatie

CNV: 2 procent inleveren voor werkgelegenheid

2 minuten leestijd

UTRECHT — Het CNV wil dat de werknemers per 1 januari 1982 in totaal twee procent van hun loon inleveren ten behoeve van de werkgelegenheid en ter versterking van de positie van de ondernemingen. Iedereen van hoog tot laag, werknemer of geen werknemer, moet één procent van z'n inkomen inleveren voor het door het CNV gepropageerde werkgelegenheidsfonds.

Daarnaast zou via de CAO-onderhandelingen moeten worden overeengekomen dat de werknemers daar bovenop nog eens één procent stoppen in het zogenaamde investeringsloon. Met dat investeringsloon zou de vermogenspositie van het bedrijfsleven moeten worden versterkt, via het werkgelegenheidsfonds zouden met name nieuwe projecten door de ondernemingen moeten worden aangepakt.

Op een CNV-congres in Utrecht — waar, dins'dag het sociaal-politiek program om werk en welzijn van het CNV definitief werd vastgesteld — maakte een reeks CNVbestuurders de aanwezige politici — onder wie de ministers Albeda en Pais — duidelijk dat van de CNV-aanpak meer heil te verwachten is dan van het kabinetsbeleid.

Schimmig

Zo zei CNV-voorzitter Harm van der Meulen dat werk en welzijn — waar de plannen voor het werkgelegenheidsfonds en het investeringsloon deel uitmaken — de werknemers wel degelijk duidelijkheid biedt terwijl alle op matiging gerichte kabinetsmaatregelen voor de werknemers slechts „schimmige situaties" tot gevolg hebben.

Tegenover de matiging stond geen werk. Bestek '81 van het kabinet Van Agt is mislukt omdat aan de essentiële voorwaarden van lastenverdeling en gelijke behandeling niet werd voldaan. De jonste ombuigingsplannen — operatie '81 — zijn om dezelfde reden al even moeilijk te hanteren. De loonmaatregelen hebben de oplossing evenmin gebracht.

Gelijke behandeling

Van der Meulen verweet het kabinet dat het wel de lager-betaalden, uitkeringsgerechtigden tot inleveren heeft gedwongen maar de hoger-betaalden niet. Ook van gelijke behandeling van alle groepen is niets terecht gekomen. De CNVvoorzitter waarschuwde dat gelijke behandeling en het ontzien van de zwakken hoekstenen moeten zijn voor het sociaal-economisch beleid van een volgend kabinet.

Ook moeten de werknemers volledig inspraak krijgen bij de besteding van de gelden die als gevolg van de loonmatiging beschikbaar komen. Alleen op die voorwaarden is het CNV tot verdere matiging bereid. Ook voorzitter Leo Ester van de industriebond vindt dat het huidige kabinetsbeleid de werknemers geen perspectieven biedt omdat het onvoldoende inspeelt op de structurele problemen waar we voor staan. De matigingsbereidheid wordt slechts benut om op ongenuanceerde wijze het financiële tekort van de overheid te dekken, zei hij.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.