+ Meer informatie

Rutten ziet kans 'gat' overheid te dichten

WRR-voorzitter vreest groter financieringstekort

3 minuten leestijd

DEN HAAG - „Zonder vee! ophef en zonder bijzondere risico's van een opstand van de belastingbetalers" kan de regering een overschrijding van vijf miljard gulden van de streefcijfers om het financieringstekort terug te dringen wegwerken. Die overschrijding zal in 1994 minstens vijf miljard maar vermoedelijk rond tien miljard gulden bedragen.

Dat heeft prof. Rutten, voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, gisteren in Den Haag verklaard tijdens een bijeenkomst van het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven.
De voorgenomen verlaging van de btw, die 2,7 miljard gulden kost, kan achterwege blijven. Dat geldt ook voor de indexering (aanpassing aan prijsstijging) van de rijksbijdrage aan de sociale zekerheid en dat levert 1 miljard gulden op. Eventueel kan ook de inflatiecorrectie bij de loonen inkomstenbelasting worden geschrapt. Op die manier krijgt de overheid dus meer ontvangsten binnen dan tot dusver was voorzien.

Ander pakket
Dat pakket heeft als nadeel dat de collectieve lasten (belastingen en premies) voor bedrijven en burgers stijgen. Rutten noemde ook een ander „denkbaar globaal pakket" om het gat van vijf miljard gulden te dekken. Door het aantal wao-uitkeringen te stabiliseren op het huidige niveau, zoals het kabinet ook wil, ontstaat een uitgavenbeperking van twee miljard gulden.
De Miljoenennota gaat uit van een verlaging van de defensie-uitgaven met 1 procent per jaar in de jaren 1991 tot en met 1994. Als die bezuiniging wordt verscherpt tot 1,5 procent levert dat een miljard gulden meer op. Ook subsidies zouden met 1,5 procent verlaagd kunnen worden in plaats van met 1 procent en ook dat is goed voor een miljard gulden extra. Door niet-belastinginkomsten van de overheid te verhogen, onder meer door het profijtbeginsel toe te passen, zou nog eens een miljard gulden beschikbaar komen.
Rutten vindt het realistisch om ervan uit te gaan dat het „gat" in 1994 niet vijf miljard gulden zal bedragen maar tien miljard. „Het is zeker geen bovenmenselijke taak tot zo'n bedrag de touwtjes aan eikaar te knopen".
Volgens Rutten geven de politici vaaral aan waaraan ze meer geld willen uitgeven (prioriteiten), maar geven ze te weinig aan waarop ze willen bezuinigen (posterioriteiten).

Uitgeput
Prof. Van der Dussen, voorzitter van de raad voor de gemeentefinanciën, stelde vast dat de „gemakkelijke bezuinigingsmogelijkheden nu goeddeels zijn uitgeput. De tijd is inmiddels aangebroken dat het Rijk niet meer ontkomt aan het snijden in eigen vlees". Het kabinet-Lubbers I bezuinigde op ambtenaren, trendvolgers, uitkeringstrekkers en vooral ook op gemeenten en provincies. Zo daalde het aantal personeelsleden bij de ministeries van 1982 tot 1989 met 7,4 procent, maar het aantal gemeenteambtenaren daalde toen met 14,8 procent. Het kabinet-Lubbers II zocht de ombuigingen vooral in beperkingen bij de kredietverleningen en overdrachten van kapitaal.

Resultaten in het saneren van de overheidsuitgaven zijn niet uitgebleven, aldus Van der Dussen. Sinds 1983 is het financieringstekort bijna gehalveerd. Er is bovendien een bescheiden groei in de rijksinvesteringen.


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.