+ Meer informatie

Gesprek over Gezinsvorming

6 minuten leestijd

Is het inderdaad zo dat ouderlingen en predikanten door gemeenteleden gevraagd worden iets over gezinsvorming te zeggen? Het leek de redactie goed dat over dit onderwerp in ons orgaan geschreven zou worden. Vandaar dit artikel.

Als scribent ben ik er benieuwd naar of gemeenteleden met ambtsdrager hierover spreken. Soms krijg ik de indruk dat ouders, jonggehuwden of binnenkort huwenden het zelf wel uitzoeken, en geen behoefte hebben aan een gesprek over de grootte van het gezin. Het kan ook geheuren dat ambtsdragers zelf het punt van gezinsvorming wel eens ter sprake zouden willen brengen, maar daarvoor eigenlijk niet het recht aanwezig achten. Is de vorming van een gezin niet een zo persoonlijke aangelegenheid van twee gehuwde mensen, dat men daar als buitenstaanders zich niet mee bemoeien moet? Nu zijn ambtsdragers in zekere zin wel buitenstaanders, maar absoluut vreemden zijn ze toch ook weer niet. Als ze dat wel zijn, pleit dat over het algemeen niet voor de ambtsdragers. Het blijkt dan dat ze hun wijk niet kennen.

Er is nog een overweging die moet worden aangevoerd. Bij de kerkelijke huwelijksbevestiging wordt gebeden voor de kinderen, „die het God belieft hun te geven”. Heeft de kerk er dan niets mee te maken, wanneer een huwelijk kinderloos blijft? Ik stel de vraag maar heel gewoon. Er zullen lezers zijn die het een wat onplezierige aanpak vinden. Er is genoeg bekend uit rooms-katholieke kringen van voor de oorlog, waar de pastoor zich zo met de gezinsvorming bemoeide en op stichten van grote gezinnen aandrong, dat inmenging van de zijde van kerkelijke ambtsdragers in protestante gezinnen als stotend ervaren wordt.

Ik had het hierboven over gezinnen die de eerste jaren kinderloos blijven. Te denken valt natuurlijk ook aan gezinnen waar één of twee kinderen geboren zijn, en die niet verder groeien.

Het is uiteraard het gemakkelijkste, wanneer gemeenteleden zelf dit punt als vraag of probleem aan de orde stellen. In dat geval kunnen ambtsdragers er met de mensen over spreken.

Wat echter wanneer dit niet zo verloopt? Moeten ambtsdragers dan ook zwijgen, omdat de jonge gemeenteleden het zelf maar moeten uitzoeken?

Een tere aangelegenheid.

Uit bovenstaande zal wel duidelijk zijn, dat ik het niet zo eenvoudig vind om over dit onderwerp te schrijven. Toch lag er van de zijde van ambtsdragers een vraag en heb ik beloofd daarop in te gaan. Aan het vervullen van die belofte wil ik me niet onttrekken.

Voorop moge staan dat het mij gewenst voorkomt dat de kwestie van gezinsvorming van tijd tot tijd in de prediking aan de orde komt. Dat is ook reeds daarom nodig, omdat er mensen in de kerken zijn die met het oog op de moeilijke situatie van onze tijd zich afvragen of het wel verantwoord is een gezin te stichten, dan wel nog meer kinderen te krijgen dan ze reeds hebben. Dat is een heel reële vraag die men niet alleen bij ouders, doch ook bij grootouders aantreft. Ik ben van mening dat deze mensen vanuit het Woord van God geholpen moeten worden. Ze moeten bemoedigd worden, ook in het werk van de christelijke opvoeding. Daarom is de kwestie van gezinsvorming een punt dat van tijd tot tijd in de prediking aan de orde moet komen. Natuurlijk kan men in de prediking daarop niet zo diep ingaan als in een gesprek onder zes ogen of met enkele echtparen. Toch mag het in de prediking niet onbesproken blijven. Dat op zichzelf zou reeds aanleiding kunnen zijn tot een gesprek tussen ambtsdragers en gemeenteleden. Het lijkt mij de voorkeur te verdienen dat in kleine groepen te doen. Zoals er in kleine groepen van gemeenteleden allerlei onderwerpen ter sprake kunnen komen, kan men ook bij jonggehuwden of met hen die gaan trouwen, dit onderwerp aan de orde stellen. Het zal er dan om gaan dat men met elkaar overlegt en naar elkaar luistert. Het Woord van God zal uitgangspunt moeten zijn in zo n gespreksgroep.

In het algemeen wordt in de Bijbel op de zegen van het ouderschap nadruk gelegd. Men zal in het licht van Genesis 1: 26 over belofte en opdracht mogen spreken. Gezinsvorming lijkt me een zaak die niet maar aan het al of niet gelegen komen van kinderen in het huwelijk moet worden overgelaten. Kinderen zijn een zegel op het huwelijksverbond. Het is mede door de gezinnen dat Christus zijn kerk wil bouwen. Daarom zullen christenen niet negatief tegenover gezinsvorming moeten staan. Eerder zal het tegendeel het geval zijn. Vanuit het verbond en met het Koninkrijk van God als perspectief is gezinsvorming een opdracht. Daar waar men geen moed heeft voor de toekomst, is het te verwachten dat men ook gezinsvorming niet aandurft.

Uiteraard is met deze enkele regels niets gezegd over gezinsgrootte en de problemen die zich daarbij kunnen voordoen. Ook op dit punt lijken mij gesprekken van gemeenteleden met ambtsdragers zeer zinvol.

Het kan zijn dat ouderlingen het een te zware opgave vinden hierover te spreken. Laat er in elk geval goed overleg met de eigen predikant mogen zijn. Het kan zijn dat het vooral zijn taak is aan kringen met dit onderwerp leiding te geven.

En op huisbezoek?

Is het mogelijk of gewenst ook op huisbezoek hierover heel speciaal te spreken? Wanneer de gemeenteleden die het bezoek ontvangen, zelf het onderwerp aansnijden is het natuurlijk niet zo moeilijk. Toch kan het goed zijn, dat ambtsdragers zelf het onderwerp ter sprake brengen. Natuurlijk moet men dan wel weten welke woorden men kiest. Men zal deze heel persoonlijke zaken van een echtpaar niet bij wijze van nieuwsgierigheid aan de orde mogen stellen.

Ik heb van een kinderloos echtpaar wel eens gehoord, dat zij de indruk hadden, dat mensen over hun kinderloosheid eigenlijk niet men hen durfden te spreken. Men kan zich dat wel een beetje indenken. Dat is - zo zeggen sommigen -ook wel het laatste wat je zou willen doen. Toch is niet in te zien, waarom ook dat onderwerp niet aangesneden zou worden. Alles hangt af van de toon waarop en de sfeer waarin over zo’n onderwerp gesproken wordt. Het komt mij voor dat het goed is - als er vertrou wen bestaat tussen ambtsdrager en gemeenteleden - dat ook dit onderwerp ter sprake komt. Nogmaals, niet vanuit een houding zich als ouderling of predikant wel eens te willen bemoeien met wat primair een zaak is van het echtpaar. Wel om, wanneer de verhoudingen goed zijn, elkaar ook op dat punt te helpen. Het meest verkieslijk vind ik het dat deze dingen in kleine gemeentekringen aan de orde komen. Speciaal kringen van jonggehuwden. Bovendien zal de prediking voor het bezig zijn met dit onderwerp een stimulans moeten zijn. Wellicht dat er ambtsdrager zijn die op het hier geschrevene vanuit de praktijk willen reageren. Welnu, graag zie ik eventuele reacties tegemoet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.