+ Meer informatie

Slotwoord door Ds. A. Hilbers

9 minuten leestijd

In dit slotwoord staan me drie teksten voor de geest

Phill 2:

„Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, die, m de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht maar Zichzelf ontledigd heeft en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen en de mensen gelijk geworden is

En vervolgens Joh 13, het hoofdstuk van de voetwassing

Begrijpt gij wat Ik u gedaan heb” Gij noemt Mij Meester en Here en gij zegt dat terecht want Ik ben het Indien dan Ik, uw Here en Meester, u de voeten gewassen heb, behoort ook gij elkander de voeten te wassen, want Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat ook gij doet, gelijk Ik u gedaan heb

Tenslotte Mattheus 10, 42

En wie een van deze kiemen, omdat hij een discipel is, ook maar een beker koud water te drinken geeft, voorwaar, Ik zeg u, zijn loon zal hem geenszins ontgaan Met deze drie teksten willen we onze diaconale conferentie besluiten We hebben vandaag goed gezien wat diakona?! dienstbetoon inhoudt Onze hele conferentie stond in het teken van de dienst der barmhartigheid, die van ons als diakenen gevraagd wordt

Het IS goed en nodig, dat we ons op onze diensten geregeld weer bezinnen We leven m een zich veranderende wereld Herorientermg is er aan de orde van de dag Daarom moeten we onze taken steeds weer voor ogen zien Is het u wel opgevallen, dat de vragen bij kerkvisitatie gesteld betreffende de diakenen zich ook gewijzigd hebben” U kent de oude vraag vervullen zij getrouw hun roeping jegens armen en wezen” Momenteel luidt de vraag vervullen zij getrouw hun roeping in de dienst der barmhartigheid”

Op die dienst der barmhartigheid wijzen ons de genoemde teksten

De gezindheid van Christus — Fill 2

Het voorbeeld van Christus — Joh 13

De daad van Christus — Mattheus 10

Van deze barmhartigheid wil ik gaarne aan het eind van deze conferentie nog iets zeggen Er is vandaag gesproken van het maatschappelijk werk, nader het christelijk maatschappelijk werk En we hebben goed beseft dat het aankomt op het juiste samenspel tussen diakonaat en het chr M W

Evenwel is naast dit alles een dienst van barmhartigheid die voor ons als dial-cnien nog open ligt Wel is er hier en daar een diakonie die er iets aan doet Zeker leeft het m de boezem van vele diaconieën om gezamenlijk iets te doen Maar tot dusver is door allerlei oorzaak mets gekomen van een gemeenschappelijke opzet Ik bedoel hei didkonadt liet dienstbetoon over de grenzen De verre naaste die geholpen moet worden, staat nog buiten ons diakonaal hulpverlenen Dankzij de moderne kommumcatiemiddelen wordt de nood en ellendigheid van vele delen van de wereld dicht bij ons gebracht We gaan daar aan voorbij Althans als diakonieen En dat is niet juist We kunnen Jezus preken met het Woord, u moet als diakonie Jezus preken met de daad.

Er is vandaag gesproken over het Koninkrijk Gods. Er is gezegd dat het gaat om herstelling van relaties — verticaal en horizontaal. En vervolgens dienstbetoon: de heiligen toerusten tot dienstbetoon. Dat hoort er ook bij.

Van deze dienst heeft de Heiland heel wat gezegd. De Here Jezus wijst op een beker koud water. In Lucas 11 spreekt Hij over het lenen van 3 broden: tot in de nacht klaarstaan om te helpen. En in Lucas 9 zegt de Heiland tot zijn discipelen, als zij een schare van 5000 mensen voor zich zien: geeft gij hen te eten. Om het kort te zeggen: de opdiacht van Jezus tot ons is niet anders. Geef gij hen te eten. Hoe dat moet? Hij gaf zelf het voorbeeld hoe van 5 broden en 2 visjes

5.000 mensen gevoed kunnen worden tot overhoudens toe.

Het gaat ons als we die opdracht horen precies zoals de discipelen toen. Zij stonden verlegen — wat moeten zij nu met 5 broden en 2 visjes tegenover een zo grote schare? Hoe moet dat nu?

Weet u wel dat Christus ons met ons barmhartigheidswerk altijd in verlegenheid brengt? Onze verlegenheid voor Hem. Toch blijft Hij zeggen: Geef gij hen te eten. Het gaat er ook om, dat wij Jezus preken zonder het woord, maar met de daad!

Jezus vult Zelf onze verlegenheid met Zijn barmhartigheid. In Zijn Naam moeten we het werk verrichten.

En wie is onze naaste? Een ieder die een beroep op ons doet.

En je doet een beroep op je medemens als je hem deelgenoot maakt van je nood. Helpen waar nood is — Geef gij hen te eten.

Nu moet u niet zeggen, dat je niet de nood van de hele wereld op je schouders kunt nemen. Denk er wel om, dat u in dienst staat van een koning, die de Koning der koningen genoemd wordt. Hij heeft gezegd: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde. U moet ook niet zeggen dat uw middelen zo schaars zijn. Dan ziet u meer naar de middelen, dan naar de Koning. U mag in dit ambt deze Koning, zo vol dienstbetoon vertegenwoordigen.

En nu de moderne wereld. We leven in het nakoloniale tijdvak. We hebben afscheid genomen van de tijd, de vooroorlogse tijd, toen de westerse landen leefden uit de rijkdom van hun koloniën. Deze dekolonisatie heeft zich in verschillende delen van de wereld als een revolutie voltrokken. Het ging bijwijze van overrompeling. Achter dit alles kunnen we nooit terug. Bijgevolg kregen lange rijen van staten in Azië en Afrika hun onafhankelijkheid. Of de volken er rijp voor waren of niet.

Door dit gebeuren is de wereld in tweeën verdeeld: rijke landen en arme landen. Wat hebben wij niet aan medische verzorging, aan culturele ontwikkeling, aan maatschappelijke zorg, aan onderwijs. Wat hebben we een vrijheid als kerken. Arme landen missen hier veel van. Zij tonen het beeld van de arme Lazarus, die bedelt op de stoep van de rijke man. Lazarus heeft niets dan boze zweren. Geef hem te eten!

In vele van de arme landen is dankzij de zendingsactiviteit uit de vooroorlogse tijd het evangelie gepreekt. In vele landen zijn kerken, zendingsposten, christenen, gelovigen-in-Christus.

Deze medegelovigen zijn in nood. Nood, ontstaan door de ontreddering van de overrompelende ontvoogding van het Westen. Deze nood wordt sterk vergroot door hongersnoden, natuurrampen en grote bevolkingsaanwas.

Volken in de arme landen leven dan ook vaak op de grens van een vertwijfeld bestaan. Christenen in die landen staan in grote moeilijkheden. Men leeft op de rand van een economisch en daarom ook sociaal bankroet.

Moet er niet geholpen worden? Moeten we onze broeders en zusters-in-Christus in welk deel van de wereld ook, niet bijstaan?

Helpen, zegt u allemaal. Metterdaad, al is het maar een beker koud water in de naam van een discipel.

Helpen! Vraagt u hoe? Diakonaal! Mag ik u een voorstel doen? U spreekt hier in gezamenlijke diakonieën af, dat u de handen daartoe ineenslaat. En u wijst één diakonie aan — zeg maar die van Groningen — die in overleg met het bestuur van deze conferentie eventueel een brief stuurt naar al onze diaconieën ter nadere adstructie. Intussen treedt „Groningen” nader in overleg met Adma — deputaten om een project in deze hongerwereld — te zoeken ter ondersteuning. U beschikt over middelen en organen voldoende.

Ik mag u nog even vertellen van een bezoek, dat ik gisteren bracht bij een hoogbejaard echtpaar behorende bij de Zwolse gemeente. Hoogbejaard, want de vrouw en moeder is 99 jaar en hoopt D.V. in september haar honderdste verjaardag te vieren. Pake is wat jonger, dat wil zeggen 96 jaar. Beppe stelde me fl 25,— ter hand voor de hongerlijdende volken. Zij vindt — zo vertelde ze me erbij — het zo verschrikkelijk dat zoveel mensen en kinderen niet te eten hebben, dat zij elke avond voor die mensen bidden moet. „Zal Hij die het vee zijn voeder geeft, de jonge raven als zij roepen” niet helpen in deze grote nood. Aldus Beppe.

Een beschamend voorbeeld voor ons? O, neen, we zijn er toch allen van overtuigd dat een grote roeping voor ons is weggelegd. Ons gebed ga voorop.

We moeten in deze niet wachten tot een gen. syn. een uitspraak doet. Waarom zou een gen. synode ccn diakonale zaak moeten regelen? Of bent u bang, dat een gen. synode u tot de orde zou moeten roepen, omdat u diaconaal gesteund hebt een kerk-in-nood ergens in de wereld? Tot welke orde zou een gen. synode u moeten roepen? En op welke wijze? Als u wilt steunen christenen in India, japan, Guinee, Nigeria, Kameroen, de Kongo, Kenya, Korea of elders — en u doet dat via een door u aangewezen diakonie, terwijl u het speelt in overleg met Adma-deputaten, dan zal naderhand een gen. synode die in het Adma-verslag hiervan verneemt, deze activiteit slechts prijzen.

Indertijd zijn enkele diakonieën begonnen met een chr. geref. weeshuis. Zij heoben toch ook niet aan een gen. synode gevraagd of de oprichting van een dergelijke inrichting wel de goedkeuring kon hebben van de G.S. Maar toen het 50-jarig jubileum gevierd werd in Utrecht heeft de praeses van de toen laatst gehouden synode u plechtig gekomplimenteerd met uw Kindertehuis.

Tenslotte: u hebt mij als voorzitter van Adma-deputaten gevraagd op deze conferentie een slotwoord te spreken. Ik heb deze gelegenheid aangegrepen om een zaak die Adma-deputaten allen zwaar weegt, in uw midden neer te leggen. Uiteraard heb ik niet namens dit deputaatschap gesproken.

De voorzitter liet bij de opening van deze conferentie zingen uit ps. 108.

Staande zongen we: Ik zal o Heer, Uw wonderdaan, Uw roem, den volken doen verstaan;

Gods Roem de volken doen verstaan — is dat geen barmhartigheidsbetoon in de grote wereld? Komt Gods grote Naam juist niet uit in Zijn barmhartigheid? Christus heeft u een schone dienst nagelaten.

En denk aan Zijn woord: zowat gij aan mijn minste broeder gedaan hebt, dat hebt gij aan Mij gedaan. Let wel: gedaan hebt!

Doe het in de gezindheid van Christus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.