+ Meer informatie

Wijs of dwaas

5 minuten leestijd

"Gij dwaas, in deze nacht zal men uw ziel van u afeisen."

Lukas 12:20m

De rijke dwaas zal door velen tijdens zijn leven wijs zijn genoemd. Hij had het ver gebracht in het leven. Hij was zeer rijk. Hij had zakelijk inzicht. Maar hij beleefde er niets van dat de Heere hem alles genadiglijk verleend had. Hij leefde er niet bij dat hij geen graankorrel kon laten ontkiemen en geen vrucht kon laten rijpen. Hij was niet verwonderd over de goedheid Gods. Eigen onwaardigheid had hij niet ingeleefd. Hij vroeg zich niet af wat hij de Heere vergelden zou voor al de weldaden en gaven aan hem geschonken. Hij beschouwde alles wat hem gegeven was als zijn eigendom.

Van nature zijn wij niets beter dan deze rijke dwaas. In Adam hebben wij de ware wijsheid verworpen. Vanuit onszelf zijn we dwaas en handelen we dwaas. Wat zegt Gods Woord van de dwaas? De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God. Zo leeft ieder mens van nature. Hij houdt er geen rekening mee dat hij op reis is naar het moment dat hij voor de Heere verantwoording zal moeten afleggen. De gevallen mens mist de vreze Gods die het beginsel der ware wijsheid is.

De rijke dwaas had grotere voorraadschuren gebouwd om al zijn gewas en zijn goederen daarin te vergaderen. Hij had goederen opgelegd voor vele jaren. Hij zei tot zijn ziel: Neem rust, eet, drink, wees vrolijk.

Bent u ook nog zo druk bezig met rijkdom, geld, eer en aanzien te vergaderen? Denkt u ook op een bepaalde leeftijd te kunnen gaan rusten van uw werkzaamheden en dan te gaan genieten door eten, drinken en vrolijk zijn? Dan bent u dwaas en handelt u dwaas.

De rijke dwaas moest onverwacht sterven en God ontmoeten. Hij was rijk wat geld en goed betreft, maar niet rijk in God. Bij zijn sterven moest hij al zijn rijkdommen achterlaten. Mensen die leven en blijven leven als deze rijke dwaas uit de gelijkenis, zullen in de eeuwige armoede, in de eeuwige rampzaligheid komen. Daar is geen rust, maar eeuwige onrust, De worm sterft daar immers niet. Het geweten zal daar altijd knagen. Daar is geen enkele verkwikking meer, geen druppel water zal gegeven worden ter verkoeling. Daar is geen vrolijkheid, maar daar is wening en knersing der tanden.

De Heere binde op het hart wat we lezen in Lukas 12:31 "Maar zoekt het Koninkrijk Gods, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden." De Heere ontdekke aan de dwaasheid van ons zondige bestaan. Het is immers dwaas zich alleen maar druk te maken over de dingen van dit leven. Het is dwaas de voorraadschuren vol te stoppen met geld en goed. Het is dwaas de voorraadschuren van het denken en geheugen te vullen met wetenschap, ijdele eer en aardse zaken. Het is dwaas te leven alsof er geen einde aan dit leven komt. Het is noodzakelijk het Koninkrijk Gods te zoeken.

De Heere ontlokke de bede aan het hart: "Leer ons alzo onze dagen tellen dat wij een wijs hart bekomen." Een wijs hart is een hart waarin de vreze Gods mag wonen en beoefend mag worden. Een wijs hart houdt rekening met de kortstondigheid van het leven. Een wijs hart leert de naam "sterveling" spellen. Een wijs hart is beschaamd over het eertijds. In een wijs hart leeft: Hoe is het mogelijk dat ik zo veel tijd besteed heb aan de ijdele dingen van deze wereld? Hoe is het mogelijk dat ik me zo ingespannen heb voor de zaken van dit leven zonder oog te hebben voor het ene nodige?

In een wijs hart leeft ook verwondering: Hoe is het mogelijk dat zo één niet is weggevaagd door Gods toorn? Hoe is het mogelijk dat de Heere mij heeft gedragen en verdragen? Zoveel jaren gezondigd. Zoveel kwaad gedaan. Maar naar Gods welbehagen werden de ogen geopend voor de dwaasheid en zondigheid van het eertijds. Door genade werd de vraag geboren: Heere, wat wilt Gij dat ik doen zal?

In beginsel wijs gemaakt door de werking van Gods Geest, Die in al de waarheid leidt. Door genade het betrekkelijke en vergankelijke van de wereldse rijkdom ingezien. Door genade als een arme tollenaar mogen bedelen. Alle vermeende rijkdommen ontnomen. Mogen zien op Christus, Die daar Hij rijk was, arm wilde worden opdat Hij door Zijn armoede rijkdom zou verwerven voor een volk dat door eigen schuld alle rijkdom in Adam is kwijtgeraakt, dat uit eigen beweging nooit meer zou verlangen naar de ware rijkdom, maar door ontdekkende genade eigen armoede kreeg te beleven en alles mocht gaan verwachten van de rijkdom van Christus, Die de volkomen Zaligmaker is van volkomen zondaren.

Geliefde lezer(es), waar zult u zijn in de eeuwigheid? Bent u wijs of dwaas? Dwazen zullen eeuwig zijn in de rampzaligheid. Bekeert u van uw dwaasheid. Het is nog het heden der genade. Wie weet hoe kort nog. Haast u om uws levens wil. Het ene nodige kan geen uitstel lijden.

Wijzen, door God wijs gemaakt, zullen delen in de eeuwige gelukzaligheid. Hier hebben zij nog last van overblijvende dwaasheid. Eenmaal zullen zij van hun vlees verlost zijn. Dan geen dwaasheid meer, maar eeuwig en volmaakt de Heere grootmaken en verheerlijken.

Ds. A. van Heteren, Urk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.