+ Meer informatie

Nederland heeft zomer en winter warmte over

Sep-directeur ir. Ketting: Aardgas verbranden in de cv-ketel is misdaad

6 minuten leestijd

Een hoog-rendements-cv-ketel is echt niet de meest verstandige manier om het huis te verwarmen. Het rendement van de ketel mag dan hoog zijn, het is ronduit triest dat er bijzonder waardevol aardgas in wordt verbrand. Er zijn, milieutechnisch gezien, wel betere manieren om het binnen behagelijk te maken.

Aardgas in de verwarmingsketel verbranden? Hoe durven we? Dat is zo ongeveer de opstelling van ir. N. G. Ketting. Hij is directievoorzitter van de Samenwerkende elektriciteits-produktiebedrijven (Sep) en is er als zodanig verantwoordelijk voor dat het licht in Nederland blijft branden.

De elektriciteitsvoorziening is voor Ketting geen probleem. Er is in de Nederlandse elektriciteitscentrales genoeg vermogen opgesteld. De Sep beschikt over ruim 15.000 megaWatt (MW), terwijl de hoogste belasting in 1990 10.760 MW was.

Nog een keer

Waar Ketting wel problemen mee heeft, is het gemak waarmee in Nederland de omzettingsrendementen van verschillende brandstoffen met elkaar vergeleken worden. Volgens Ketting maken zelfs veel ingenieurs hier fouten. Daarom gaf hij onlangs op een symposium over warmte/kracht-koppeling een lesje energieleer aan een kleine tweehonderd energiedeskundigen.

Ketting houdt zijn verhaal niet voor het eerst. „Ik heb het u vorig jaar ook al verteld. Ik probeer het gewoon nog een keer". De Sep-directeur vergelijkt een elektriciteitscentrale met een cv-ketel. In de betere soorten van laatstgenoemde apparaten wordt tegenwoordig 90 procent van de energie-inhoud van aardgas omgezet in warmte. Niet slecht, in vergelijking met een elektriciteitscentrale. Of er nu steenkool of aardgas wordt verstookt om elektriciteit op te wekken, een rendement van 50 procent is echt hoog.

Wie zo redeneert, zo houdt Ketting de energie-ingenieurs voor, houdt geen rekening met het kwaliteitsverlies dat bij de verschillende stokerijen optreedt. In een moderne elektriciteitscentrale die uitgerust is met een gasturbine, kan warmte tegenwoordig al bij de hoge temperatuur van 1100 graden worden omgezet in elektriciteit. En wat gebeurt er in de cv-ketel? Ketting: „Verspilling. Daar wordt een kostbare brandstof als aardgas met een vlamtemperatuur van 2000 graden Celsius gebruikt om er warmte van lage temperatuur —water van 90 graden voor de cv— mee te maken".

Ketting kan zijn verhaal cijfermatig hard maken. Wie rekening houdt met het kwaliteitsverlies bij de omzetting van een brandstof in energie, spreekt niet meer van energetisch maar van exergetisch rendement. Een goede elektriciteitscentrale haalt tegenwoordig een exergetisch rendement van 52 procent. Een prima cv-ketel, met een energetisch rendement van 90 procent, haalt exergetisch —in de sommetjes van Ketting- niet meer dan 17 procent.

Boodschap

Als de Sep-directeur spreekt, heeft hij meestal een duidelijke boodschap. Daaruit blijkt dan altijd dat Ketting moeiteloos in staat is om Nederland op energiegebied te regeren. Als het aan hem ligt, wordt straks het verbranden van aardgas in een cv-ketel niet helemaal verboden, maar „misdaad" is het wel en „daarom zou er een restrictief beleid moeten worden gevoerd ten aanzien van de directe verbranding van hoogwaardige brandstoffen voor warmte met een lage temperatuur".

Natuurlijk weet de Sep-directeur te vertellen hoe de vaderlandse industriëlen en elektriciteitslieden aardgas moeten „uitmelken". „Beginnend bij een vlamtemperatuur van 2000 graden Celsius maken we eerst staal, vervolgens elektriciteit, dan processtoom, dan warm water voor ruimteverwarming, totdat we uiteindelijk op omgevingstemperatuur zijn aangeland en we er eigenlijk niets meer mee kunnen. En dan denkt u natuurlijk dat het lied gezongen is".

Natuurlijk komt er dan bij Ketting nog een krachtig slotcouplet. Ook die omgevingswarmte is nog prima te gebruiken. Er is alleen een warmtepomp voor nodig. En die zijn in Nederland —in tegenstelling tot bij voorbeeld Japan- niet dik gezaaid. Sinds een jaar of twee is er in Sittard een onderzoekcentrum voor een met gasmotor aangedreven warmtepomp. Ketting wil een elektrisch aangedreven warmtepomp. „Met zo'n pomp is het mogelijk de laagwaardige warmte van koelwater met een energetisch rendement van 200 procent om te zetten naar een hogere temperatuur. waardoor het water weer geschikt is voor verwarmingsdoeleinden".

In koor

Het warmtepompen-couplet mag dan in Nederland nog niet zo makkelijk in koor te zingen zijn, eerdere versjes uit Kettings lied worden tegenwoordig al op ruime schaal geneuried. Dat betreft dan het nuttig gebruiken van de 'afvalwarmte' van een elektriciteitscentrale. In een traditionele elektriciteitscentrale gaat ruim 50 procent van de energie van de gebruikte brandstof verloren.

Die overtollige warmte wordt geloosd via het koelwater. In een moderne elektriciteitscentrale is het mogelijk dat er overtollige warmte vrijkomt op een temperatuur die ruim boven de 100 graden Celsius ligt. De elektriciteitscentrale is dan een zogenaamde warmte/krachtcentrale geworden: er wordt kracht -elektriciteit- geproduceerd, maar er kan daarnaast ook warmte geleverd worden.

Zo'n moderne centrale gebruikt een beetje meer energie, maar er valt dan nog een heleboel met de overtollige warmte te verdienen. Industrieën die zelf de elektriciteit opwekken, kunnen op die manier goedkoop aan de voor hun produktieprocessen noodzakelijke stoom komen. Tuinders kunnen goedkoop aan warmte komen en de elektriciteit aan het net leveren. En in de buurt van de grote steden kunnen de elektriciteitscentrales een flink deel van de woningen verwarmen.

Stadsverwarming

Maar zo'n vaart loopt dat in Nederland nog niet. Niet meer dan 2,6 procent van de ruimteverwarmingsmarkt is in ons land aangesloten op stadsverwarming. In Denemarken is dat 43 procent. Ketting kan zich daarover opwinden: „In Nederland noemen we het verstoken van aardgas om een kamertemperatuur van 20 graden te maken een hoogwaardige toepassing".

Ketting verbrandt dat aardgas liever in warmte/kracht-centrales van de Sep. In het nieuwste warmteplan van de Sep wordt dan ook gedacht aan de bouw van minstens zes van die centrales, elk met een vermogen van 250 tot 450 megaWatt. Drie eenheden daarvan zijn al opgenomen in het Elektriciteitsplan dat de Sep in juni presenteerde. Ook het vorige Elektriciteitsplan, van twee jaar geleden, meldt de inzet van 750 MW warmtekracht.

Naast de Sep-centrales is er ook een belangrijke hoeveelheid 'decentraal vermogen'. Dat komt uit centrales die niet in beheer zijn bij de elektriciteitsproducenten, maar bij bedrijven die een eigen centrale hebben. Dank zij ongeveer 400 miljoen gulden overheidssubsidie is dat decentraal vermogen opgelopen tot 2400 MW. Dat is goed voor twee tot drie flink uit de kluiten gewassen Sep-centrales. Bovendien is er dit jaar nog eens voor 600 MW aan plannen ingediend.

Maasvlakte

„Het warmte/kracht-programma loopt als een tierelier", zeggen ze op grond van deze cijfers bij het Projectbureau Warmte/Kracht (PWK). Dat bureau inventariseert en cooördineert voor de overheid de behoeften op dit gebied. Het PWK gaat ervan uit dat er tot het jaar 2000 minstens 4500 MW aan warmte/kracht-vermogen geïnstalleerd zal zijn. De Sep schat dat ongeveer 750 MW lager in.

Minister Andriessen denkt er minstens zo optimistisch over als het PWK. „Het moet toch mogelijk zijn dat we daardoor zonder een vieze kolenstoker op de Maasvlakte kunnen", heeft Andriessen daarom tegen de Sep-directeur gezegd. Ketting zegt hem dat nog niet na.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.