+ Meer informatie

OP DE WACHTTOREN

6 minuten leestijd

Jeugd-Zondag.

De jeugd-zondag heeft in onzechr. ger. kerken zo langzamerhand wel bekendheid gekregen. Ieder jaar ontvangen de kerkeraden het verzoek van de jeugd-deputaten, de tweede zondag in September in gebed en prediking het jeugdwerk te gedenken. Een bijzondere gave wordt dan gevraagd voor het zgn. jeugdsteunfonds.

Toen voor de eerste maal het woord „jeugdzondag” was gevallen, stonden.velen er sceptisch tegenover. Lag dit niet in de lijn van de aparte jeugddiensten, gelijk deze in de hervormde kerken wel gebruikelijk zijn. Iserdan een apart evangelie voor de jeugd? zo werd gevraagd. Moet elke kerkdienst niet een dienst ook voor de jeugd der gemeente zijn?

Telken jare maken onze deputaten echter duidelijk wat de bedoeling is.

Geen apart evangelie voor de jeugd, maar wel, dat de prediking gericht zalzijnopde betekenis van het verenigingswerk, dat straks weer aan zal vangen. Daar ligt ongetwijfeld een goede gedachte in, als de prediking onze jeugd voorhoudt dat ook voor het jaar 1967 geldt: „waarmede zal de jongeling zijn pad zuiver houden? Als hij dat houdt naar Uw Woord!”

Meer dan ooit immers dienen onze jonge mensen te weten, dat bij al de vragen, ook van onze tijd, Gods Woord het enige richtsnoer van het leven moet zijn. Wij lezen van de grootmoeder en demoeder van Timotheiis. Zij brachten de jonge Timotheiis in contact met Gods Woord, en ’t is voor Timotheiis tot een eeuwige zegen geworden.

Laten wij daarom waarderen als jonge mensen zich rondom dat Woord willen scharen. En als die verenigingsarbeid dan straks weer zal beginnen, zou deze arbeid dan niet gedragen moeten worden door ons gebed?

Hoe is het nodig, dat het Woord van God het centrale punt van onderzoek blijft voor onze verenigingen. ’t Gevaar is immers niet denkbeeldig dat bijzaken tot hoofdzaken, en de hoofdzaken tot bijzaken worden gesteld. Een klein gedeelte ingeruimd voor bijbelbespreking, en een groot gedeelte voor allerlei amusement. Instuif-avonden, week-end onderonsjes Ga zo maar voort, tenslotte komt men uit in liefdemaaltijden en de danstent. Gelukkig zijn deze excessen er niet bij onze jeugd, maar wat in andere kerken gebeurt, zij voor ons een baken in zee!

Jeugd-excessen.

In „0ns Kerkblad”, orgaander ger. kerkvan Sneek, lazen wij nl. het volgende. „Zondag 30 april was het zover. Gerrit Jan las de bijbelgedeelten voor. Canrinus had zelfs voor een apart spreekgestoelte gezorgd. Hulde aan het initiatief, maar toch kan de jeugdraad zich niet onttrekken aan de gedachte, dat voor de eertijds afgeschafte ouderling-voorlezer alleen maar een jeugdig kerklid in de plaats gekomen is. Er zal dus, nu de kop er af is, nog meer moeten gebeuren, zodat het niet bij het voorlezen van een bijbelgedeelte alleen zal blijven. Dat de kerkeraad voor ver anderingen is, heeft nu blijk gedaan. De jeugd zelf zal ideeen moeten geven. Bespreek ze met eenouderling, met de predikant of laat ze weten aan de jeugdraad, die dan wel voor transport zal zorgen. Laat het zijn, zoals Vondel at dichtte:


De Christenschare blij van geest.
Ter kerke gaat op’t hoge feest,
Om’t Christuskind te aanbidden.


Op de volgende kerkeraadsvergadering kwam dan ook de vraag „of het mogelijk kan zijn, dat de jeugd niet alleen wordt ingeschakeld bij de liturgie, maar tegelijk betrokken wordt bij de prediking.

De verdere kerkbladen maken dan melding van een boottocht on zondag en voorts over allerlei activiteiten van het clubhuis „de Fuik”. Wij nemen daar iets van over. „Vrijdag 14 april werd er in de Fuik vergaderd door de jeugdraad, en de „Meerpaal feestneuzen”. Er werd besloten tot een optreden naar buiten, d.w.z. dansavonden, discussieavonden, en misschien uitwisselingsweekends.

Zaterdag 22 april was er een sokkenbal in de Fuik. De bovenzaal was heel toepasselijk met fuiken en visnetten versierd. en de band „The Scold” vierde zijn orimiere op de biljarttafel. Er was een goede opkomst, en enkelen dansten echt op sokken. Met al die netten kon men zich op zee wanen, wantdevloer begon gevaarlijk te golven. Omstreeks half tien kwamen de voorzitter van de jeugdraad en ouderling Hanewacker in burger zgn. „stillen”. (d.i. bidden M.B.).

Nog erger is wat wij lazen in het Goois Nieuwsblad.

De YMCA groep Amsterdam voerde nl. in de Ned. Herv. Kerk te Bussum op zondag 11 maart een stuk op, waarvan het hoofdthema was: het lijden van Christus.

Deze bijbelse opvoering werd door moderne muziek en dans ondersteund.

De bijpassende costuums werden gevormd door spijkerbroeken en mini-rokjes. Men zal wel even moeten slikken, zo schrijft dit blad, als men Christus ziet verschijnen in spijkerbroek en coltrui of Judas in een normaal colbertje. Maar toch — zo schreef een recensist — zal het resultaat zijn, dat dit enorme waagstuk ieder in zijn ban zal krijgen, en dat jong en oud onder de indruk zullen zijn van de wijze waarop het lijden van Christus ten tonele zal worden gebracht.

Zie, in zulk een goddeloze wereld leven wij nu vandaag aan de dag, en dat onder de dekmantel van godsdienst en kerk.

Om te huiveren en om te wenen als wij bedenken, dat zulk een godslastering in ons vaderland mag plaats vinden, en de kerk haar , kerkgebouwen terwille van de jeugd daarvoor openstelt.

Van de communisten zoudt u dit verwachten, maar dit wordt getolereerd door de kerk. Zou de wachter op de wachttoren dan niet op de bazuin moeten blazen, en de verantwoordelijkheid van de kerk onder de ogen moeten brengen in verband met de jeugd?

Jeuqd en kerk.

Het merk- en veldteken dat onze jeugd op het voorhoofd draagt, zegt ons duidelijk, dat de jeugd komt de kerk, en niet de wereld toe. Toen dat teken op het voorhoofd werd afgedrukt, heeft de kerk reeds gezegd, dat de wereld een scheidbrief rnoet worden gegeven, dat de wereld moet worden verlaten, dat de oude natuur moet worden gedood, en dat ook onze jonge mensen in een nieuw godzalig leven moeten leren wandelen, en dat indeweg van wedergeboorte en bekering.

Laat de kerk dit onze jonge mensen voorhouden, en laat de jeugd naar de kerk leren luisteren. En dan geen aanpassings-theorieen van toegefelijkheid en gecamoefleerde godsdienstigheid, maar de rechte lijnen getrokken naar het eeuwig blijvende Woord van God. Daniel en zijn vrienden mogen hier ten voorbeeld zijn. Daniel nu nam voor in zijn hart, dat hij zich niet verontreinigen zou met de stukken van de spijs des konings, noch met de wijn zijns dranks, daarom verzocht hij van de overste der kamerlingen, dat hij zich niet mocht verontreinigen. En God gaf Daniel genade en barmhartigheid voor het aangezicht van de overste der kamerlingen.

Worden deze dingen de jeugd voorgehouden dan kan de jeugd-zondag nog tot zegen zijn. Anders niet!

Gaat de kerk mee met de moderne ideeen van de jeugd, dan verliest de kerk haar kerk-zijn! Dan worden de ambten onteerd, dan wordt Christus Zelf, de grote Ambtsdrager, onteerd! Dan wordt het heiligste tot een bspotting gesteld, en de weg gebaand voor de mens der zonde, de Antichrist, die als een god in zijn tempel zal zitten, zichzelf uitgevende dat hij god is.

Jeugd! denk daarom aan de kerk, aan wie de woorden Gods zijn toevertrouwd. Kerk! denk aan uw jeugd, die gij hebt op te voeden in de lering en vermaning des Heeren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.