+ Meer informatie

Herdersleven

3 minuten leestijd

Jaren geleden woonde ik alleen in een ondergedeelte van een enorme villa. Het pand stond aan de oostelijke rand van een bos, dat erbij hoorde. Prachtig allemaal. Een ander gedeelte van de beneden-villa werd door een dierenarts als praktijkruimte gebruikt. We kwamen elkaar niet vaak tegen. Ik werkte destijds als zelfstandig journalist en was veel op pad. Bovendien was ik alleenstaand en de kunst van het maken van huiselijkheid was ik nooit meester geworden.
Daarom schoof ik bij voorkeur mijn benen onder andermans tafel. Wanneer ik mijn veterinaire buurman in de centrale hal tegenkwam, had minstens een van ons de nodige bedrijfsmatige haast en van een praatje kwam het dan ook maar zelden. Nu staan herders en boeren erom bekend dat ze graag de dierenarts voor gek zetten, vooral door het zelf beter te weten dan de geleerde diergeneeskundige. Terwijl ik aan de schets van deze verhoudingen dacht, schoot me een verhaaltje te binnen dat de dierenarts me zelf ooit vertelde en dat ik in de huidige positie van schaapherder natuurlijk moet doorgeven. Het speelt zich afin de tijd dat mijn buurman juist zijn praktijk was begonnen.
Voor zijn medische c.q. hygiƫnische handelingen had hij geregeld wat aceton nodig. Hij haalde het vluchtige spul telkens in literflessen bij de apotheek aan het einde van de oude Dorpsweg. De praktijk floreerde en het gebruik van aceton nam evenredig toe. Aan het begin van een zekere werkdag zag hij dat hij door z'n aceton heen was. Er was nog wel even tijd om een nieuwe hoeveelheid op te halen. Maar waarom zou hij literflessen halen? Al wekenlang stonden bij de achterdeur de lege vijfliter jerrycans waarin koelvloeistof voor zijn oude auto had gezeten. Hij besloot de cans nog even om te spoelen en deed ze in z'n fietstas.
De weg naar de apotheek was kort, omdat de oude Eendrachtstraat duidelijk afliep. Een jong meisje met witte schort stond achter de balie om hem te helpen. De diernarts zette de jerrycans op de toonbank en vroeg of hij daarin twee maal vijf liter aceton mocht krijgen. Dat leek het meisje geen probleem. Enkele minuten later fietste mijn buurman met tien hter aceton praktijkwaarts: in iedere fietstas een jerrycan. Hij fietste tot aan de achteringang. Hij opende z'n linkerfietstas, maar die bleek leeg te zijn. Hij opende z'n rechterfietstas: zelfde verhaal. Niet te geloven. Hij had ze er toch zelf ingestopt?
Verbijsterd bleef hij in de lege fietstas staren. Toen ontdekte hij de zwarte dop van de gebruikte jerrycan onder in de tas. Andere tas open en inderdaad, alleen zo'n zelfde dop. Er was weinig kennis van chemie voor nodig om mijn buurman tot z'n conclusie te brengen: Tijdens de korte reis naar huis had de aceton de plastic jerrycans helemaal opgelost. Alleen de dopjes, die van hard materiaal waren, bleven als stille getuigen in de fietstas achter...

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.