+ Meer informatie

RECENSIES

21 minuten leestijd

Ds. J. Westerink, De dagen van Noach. Uitg. Groen, Heerenveen 2012, 43 blz., € 7,95.

Een klein boekje van een bekende schrijver, maar een boekje dat in al zijn kortheid indrukwekkend is. Dat kan ook niet anders als we naar de titel kijken. De Heere Jezus trok Zelf de parallel tussen de dagen van Noach en de houding van de mensheid in de eindtijd. Wie onze tijd ernaast legt - en dat gebeurt in dit boekje - merkt hoever we zijn. Dat geeft aan dit boekje een grote ernst. Maar overal is ook de gunnende toon merkbaar; de aandrang om de Ark van behoud, Jezus Christus, binnen te gaan voordat het voor eeuwig te laat is. Een boekje dat het waard is gelezen en overdacht te worden.

Ds. P. den Butter, De herder-koning. Davids theocratisch bewind. Uitg. Den Hertog, Houten 2013, € 27,50.

Het is de emerituspredikant van Middelharnis gegeven om bij het ouder worden een productief schrijver te zijn. Opnieuw verscheen een prachtig boek van zijn hand, dat ik alleen maar wil aanbevelen. Nauwkeurige Bijbelstudie, waarbij je het gevoel hebt dat de auteur een natuurgids is die je opmerkzaam maakt op allerlei details die je zomaar over het hoofd zou zien. Het boek tekent zich door een aanpak waarin niet zozeer allerlei concrete toepassingen gemaakt worden, maar de uitleg zo sterk is dat de lezer de lijnen als vanzelf doortrekt naar eigen hart en leven. Als ik het goed gezien heb, kondigt de schrijver al weer een volgend deel aan: over Salomo. We zien er naar uit.

TUA INzicht. Studentenmagazine Theologische Universiteit Apeldoorn. Abonnementsprijs € 14,50 per jaar. Aanmelding via het volgende e-mailadres: bestellen@tua.nl

De redactie ontving de nieuwste uitgave van het studentenblad van onze TUA, met het verzoek daar enige aandacht aan te geven. Dat doen we graag. TUA INzicht wordt drie keer per jaar samengesteld door studenten van de TUA. Het magazine dient een drieledig doel: het is verdiepend, informerend en persoonlijk. In het onderhavige nummer gaat het over geloven en mensen. We vinden er, naast een korte meditatie, een artikel in over geloof en sociale wetenschappen, over vrijmetselarij (uit de eerste hand: van een vrijmetselaar zelf), over islam, jodendom en christendom via een interview met de Amersfoortse pastor Ben Kok, en over levenskunst. Verder is er een column te lezen over getuigen onder Jehova’s getuigen. Wie van pittige artikelen houdt die het denken uitdagen, kan hier terecht.

Dr. W.H.Th. Moehn, Blijvend geding om mis en avondmaal. Uitg. Willem de Zwijgerstichting, Baarn 2013, 72 blz., € 4,30.

In dit jaar waarin het 450-jarig bestaan van de Heidelbergse Catechismus in allerlei toonaarden wordt herdacht, is ook vaak het roemruchte antwoord 80 ter sprake geweest. Is er ook op dit punt een blijvend geding tussen Rome en Reformatie of heeft dit antwoord aan actualiteit ingeboet? In deze brochure komt de historische setting van vraag en antwoord 80 aan de orde. Terwijl het Concilie van Trente mensen vervloekte, vervloekt dit antwoord een leer. Uiteindelijk pleit de schrijver ervoor om een voetnoot toe te voegen waarin de historische context verwoord wordt, maar waarin ook wordt aangegeven dat de officiële rooms-katholieke theologie nog steeds de leer kent die veroordeeld wordt. Dat is ook de lijn waarop in ons blad in de achterliggende tijd verschillende keren gewezen is.

Max Lucado, GODS VERHAAL, jouw verhaal (jongereneditie), Uitgeverij Ark Media, Amsterdam 2012, 191 blz., € 14,95.

De schrijver wil jongeren met hun (levens)vragen bemoedigen aan de hand van diverse passages in het Nieuwe Testament. Bijvoorbeeld het kerstverhaal (je mag gewoon zijn), de verzoeking in de woestijn (hoe gaat satan te werk), de verloren zoon (zoek je ware thuis), Jezus vraagt ons persoonlijk antwoord n.a.v. ‘Wie zeggen de mensen dat Ik ben?’, God sluit soms onze deuren en opent weer andere, alle dingen moeten meewerken ten goede, de hemelse heerlijkheid weegt op tegen het aardse leven. Verder worden er in dit boek veel vragen aan jongeren gesteld en worden opdrachten gegeven om uit te voeren in familie en/of vriendenkring. Het is goed dat jongeren gewezen wordt op de heilsfeiten, Gods beloften en hun betekenis. Ik vind het boek wel eenzijdig door alleen uit te gaan van het Nieuwe Testament. Het aspect van geloofsstrijd zoals bijvoorbeeld verwoord in de Psalmen komt nauwelijks aan de orde.

Jan Minderhoud, Luisteren is een kunst, Uitgeverij Boekencentrum, Zoetermeer 2009, 156 blz., € 14,90.

In dit boek worden praktische en bruikbare tips gegeven die van belang zijn bij het voeren van (pastorale) gesprekken. Er wordt aandacht geschonken aan communicatie in het algemeen, wat is goed luisteren, hoe voer je verschillende soorten gesprekken, en stromingen in pastorale gespreksvoering (zoals vermaning en vertroosting). Interessant is het hoofdstuk waarin diverse gesprekken in de Bijbel (o.a. tussen Job en zijn vrienden, Jezus en de Samaritaanse vrouw) worden besproken. Een nuttig boek voor onder andere communicatie in het huwelijk en op huisbezoek bij ouders die te maken hebben met kinderen die de kerk de rug hebben toegekeerd. Zeker dit laatste kan van te voren op kerkenraad in de vorm van een rollenspel worden geoefend.

Dr. J. Hoek (red), Profetisch licht, Uitgeverij Jongbloed, Heerenveen 2013, 232 blz., € 14,95.

Dit boek is verschenen in een serie die wordt uitgegeven onder verantwoordelijkheid van de Theologische Hogeschool van de Gereformeerde Bond. Diverse scribenten laten hun licht schijnen op de Bijbelse profetieën betreffende de toekomst voor Israël en de kerk. Aan de orde komen de profeten Jesaja, Jeremia, Ezechiël en Zacharia.

Verder worden de visies van Calvijn, de Puriteinen en Nadere Reformatoren, en de Messiasbelijdende Joden besproken. Er bestaan verschillende ‘brillen’ waarmee men naar de profetieën kan kijken: de tweewegenleer, het dispensationalisme, de vervangingstheologie, het radicaal christocentrisme, en het vaste verbond. Het boek is geschikt voor Bijbelstudie persoonlijk en in groepsverband, en zeker bij de voorbereiding van preken over de profetieën.

Een titel als ‘Veelkleurig licht op Bijbelse profetieën’ zou ik duidelijker gevonden hebben.

Dr. A. van de Beek, Gemeente van Christus, Uitgeverij Meinema, Zoetermeer 2013, 126 blz., € 12,50.

Dit boek is een praktische uitwerking van zijn eerder verschenen werk ‘Lichaam en Geest van Christus’. Het geeft een aanzet om in de plaatselijke gemeente en kerkenraad diverse zaken bespreekbaar te maken. Een grote hoeveelheid vragen is toegevoegd. Aan de orde komen vragen rond het wezen van de doop (dat Gij ons ‘tot Uw kinderen en erfgenamen aangenomen hebt’) en hoe om te gaan met overdopen en kinderdoop van niet kerkelijk meelevende ouders. Verder wordt ingegaan op de betekenis van het Avondmaal en het hieruit voortvloeiende verlangen om vaker Avondmaal te vieren, ook met de jongeren in de gemeente. De schrijver benadrukt het belang van Bijbelse basiskennis en samenhang en vraagt aandacht voor de prediking en de liturgie, de (eventueel opnieuw in te voeren) leerdienst en de catechese en de godsdienstige vorming in het gezin. Tenslotte roept hij kerkenraden op om met elkaar te spreken over (ontbreken van) geloofsbeleving om aldus beter toegerust te zijn om dit gesprek met gemeenteleden te voeren. Gedoopte gemeenteleden die afgedwaald zijn moeten als broeders en zusters, die wij niet kunnen missen, benaderd worden. De schrijver is zich bewust dat zijn opvattingen soms op weerstand kunnen rekenen. Dit maakt het gesprek daarom des te noodzakelijker. Immers, ook in ons kerkverband bestaan verschillen. Aanbevolen voor een broederlijk gesprek op kerkenraad en classis.

Dr. T. Brienen, Johannes Calvijn, Karl Barth en wij! Uitg. T. Brienen, Olonzac (Frankrijk) 2012, 139 blz., € 11,85 (als E-book € 3,98).

De titel doet vermoeden dat een overzicht geboden wordt van de theologie van Calvijn en Barth met daarna een bespreking van de relevantie van deze theologen voor ons. Toch is de inhoud van de opstellen meer bescheiden. Het gaat over de flexibiliteit in liturgische zaken bij Calvijn, over de verzegeling met de Heilige Geest bij Calvijn, het gemeentelijke leven en de wetenschapsopvatting bij Calvijn. Daarna volgt een verslag van hoe de auteur de theologie van Karl Barth door de loop van zijn leven heeft verstaan en verwerkt. Opmerkelijk detail: een collegedictaat van prof. dr. J. van Genderen over Barth wordt in extenso aangehaald.

Ds. J. Nutma, Met de Bijbel aan de slag. 25 lessen over het Nieuwe Testament. Uitg. Ark Media, Amsterdam 2013, 110 blz., € 7,50.

Na het eerdere catechisatie materiaal over het Oude Testament, is er nu ook een deeltje over het Nieuwe Testament beschikbaar. De catechisatielessen zijn bedoeld als basiscatechese voor de leeftijd van 10-11 jaar. Er is een aparte handleiding beschikbaar voor de catecheet.

Dr. W.A. den Boer, Calvijn gewikt en gewogen. De relevantie van Calvijns theologie voor de 21-ste eeuw. Uitg. TUA Apeldoorn 2013, 85 blz., € 9,95

De ondertitel geeft meer aan waar deze bundel over gaat, dan de hoofdtitel. Acht auteurs gaan in koppels van twee op de volgende hoofdthema’s van Calvijns theologie in: openbaring, godsleer, uitverkiezing en prediking, en tenslotte Christus en de Geest. Niet alleen Calvijn komt in beeld, maar ook de theologische ontwikkeling na hem. Dat zolang na zijn overlijden nog altijd gesproken wordt over zijn theologie, geeft iets aan van de betekenis van Calvijn.

Aarnoud van der Deijl e.a. (red.), Doornse levenskunst. Mooi, goed en waarachtig leven, Uitg. Kok, Kampen 2012, 179 blz., € 14,50.

In 2010 is de Doornse Catechismus uitgegeven. Nu wordt die opgevolgd door de Doornse Levenskunst als meer praktische uitwerking van het eerste boekje. De auteurs komen uit de theologen-kring ‘Op goed gerucht’. In 52 korte stukjes komen thema’s aan de orde waarin geprobeerd wordt de koppeling tussen onze leefwereld en de Bijbel te maken. Er komen veel onderwerpen voorbij maar de diepgang is niet erg groot.

Henrieke Groenwold, Mantel der liefde, Uitg. Brevier, Kampen 2013, 224 blz., € 18,90.

In deze aangrijpende roman wordt het verhaal verteld van Hanna. Als volwassen vrouw, echtgenote en moeder, moet zij het seksueel en geestelijk misbruik verwerken dat haar in haar kinderjaren is aangedaan door m.n. haar eigen vader. Het gezin waar Hanna deel van uitmaakt, is lid van een kerk van reformatorische signatuur. Vader is ambtsdrager en een gerespecteerd man binnen zijn werkomgeving. Wat hij zijn dochter zowel lichamelijk als geestelijk aan schade berokkent, is meer dan schrijnend. De auteur beschrijft dat sober maar misschien juist daardoor des te veelzeggender. Meer dan welk rapport of onderzoeksverslag legt deze roman het kwaad van seksueel misbruik bloot. En dan in het bijzonder het kwaad van misbruik onder vrome schijn! Het is nauwelijks te benoemen wat het een slachtoffer van dit kwaad kost om daaruit bevrijd te worden. Hoe kom je de worsteling met het vertroebelde beeld van God als vader ooit te boven? Dat laat dit boek op overtuigende wijze zien. Voor werkers in het pastoraat uitermate leerzaam.

Peter Schalk (eindred.), Gezag en medezeggenschap. Christen zijn op de werkvloer, Uitg. Groen, Heerenveen 2013, 71 blz., € 9,95.

Dit is het achtste deeltje van de serie ‘christen zijn op de werkvloer’ uitgegeven in samenwerking met de RMU (Reformatorisch Maatschappelijke Unie). Het wil nadrukkelijk, uitgaan- de van het Woord van God richting geven aan het principieel nadenken over vragen van gezag en gezagsrelaties in onze samenleving. De focus ligt vooral op de verhoudingen in de werkrelaties. Het boekje biedt een aantal bezinnende momenten m.n. op de vraag naar van wie het gezag komt en biedt voorts een wat theoretischer kader voor het onderscheiden van gezagskringen vanuit de driedeling relationeel, institutioneel en contractueel gezag. Hoewel er zeker belangwekkende argumenten worden genoemd, blijft naar mijn mening de hele benadering van de (weerbarstige) praktijk toch wat abstract en ‘juridisch’ gekleurd. Jammer blijf ik vinden dat in een serie die op vragen van deze tijd wil ingaan met Bijbelcitaten wordt gewerkt die nog steeds in de Statenvertaling worden weergegeven. Waarom is hier niet bijvoorbeeld de HSV gebruikt?

Age Romkes, Ontdekkend Bijbellezen. Uitg. Medema, Heerenveen 2013, 182 blz., € 9,95.

Dit boek kun je een prima toepassing noemen van wat Piper in het hiervoor besproken boek beoogt: door aandachtig lezen en overdenken van Gods woord het hart tot dienst aan God en de naaste bewegen. Romkes maakt in enkele hoofdstukken duidelijk wat ontdek kend Bijbellezen is in de drieslag Lezen, Luisteren, Leren.. Het gaat daarbij om drie manieren van kijken naar de Bijbeltekst via observatie, interpretatie en toepassing. Vaak, zo zegt hij, zijn we als lezers al gauw bezig met de interpretatie (de betekenis) terwijl we de tekst nog niet echt grondig hebben bevraagd op wat er werkelijk staat. Met tal van praktische en waarde- volle voorbeelden en toelichtingen maakt hij dit boek tot een heel goede gids voor ieder die zich persoonlijk of b.v. in een Bijbelkring in de Schrift wil verdiepen. Ook in dit boek klinkt volop de eerbied voor het gegeven Woord door. De praktische opzet met per paragraaf toegevoegde aandachtspunten en punten voor verwerking verhogen de gebruikswaarde aanzienlijk. Hartelijk aanbevolen!

Marleen Hengelaar-Rookmaker (red.), Jezus voor ogen. Beelden en woorden voor de veer- tigdagentijd. Uitg. Buijten & Schipperheijn Motief, Amsterdam 2012, 174 blz., € 16,90.

Kunst is doorgaans niet de meest vertrouwde cultuuruiting op het kerkelijk erf. Dat is om tal van redenen jammer; een daarvan formuleert Richard Harris als volgt ‘kunst kan steun bieden, inspireren en troosten, zeker in een tijd waarin de fakkel van het geloof in de samenleving nog maar zwakjes brandt’ Dit met veel zorg samengestelde en vormgegeven boek maakt die uitspraak echt waar! Het is een vreugde om bladzijde na bladzijde van dit boek om te slaan en steeds weer te worden verrast door een kunstwerk op de linkerpagina en een daarop afgestemde meditatie op de rechterzijde. De keuze van de kunstwerken is zowel in tijd als qua stijl zeer breed en divers (van Albrecht Dürer tot Paul van Dongen). Alle werken illustreren op hun wijze elementen van de lijdensweg die Christus ging, vaak indringend, dan weer subtiel. Verrassend is ook dat voor elke woensdag in deze veertigdagentijd een zgn. beeldbijbelstudie is opgenomen. Bezinning en inkeer zijn de trefwoorden waarmee dit boek zich richt tot de lezer. En wie die uitnodiging aanneemt, verrijkt hart en geest met dit prachtige kijk/leesboek.

Ewald Mackay, Het Grote Huis. Christelijke geloofstraditie in een (post)moderne wereld. Uitg. De Banier, Apeldoorn 2013, 128 blz., € 9,95.

De auteur van dit helder geschreven boekje is historicus en filosoof en als docent werkzaam aan de christelijke hogeschool De Driestar in Gouda. Met ‘het grote huis’ bedoelt hij de christelijke geloofstraditie die - zo merkt hij op – 2000 jaar in Europa gebloeid heeft en nu aan haar grote neergang bezig is. Het is hoog tijd dit huis te versterken vanuit een levende betrokkenheid bij een door het Woord bezielde geloofsgemeenschap. Wat bedreigt ons vanuit de hedendaagse (post)moderne cultuur? En wat zullen onze antwoorden zijn? Op vier terreinen geeft hij zijn visie en aanbevelingen: het onderwijs, de geschiedenis, de cultuur en de politiek. Mackay is een echte onderwijsman in de beste zin des woords. Met boeiende voorbeelden en een persoonlijke toon weet hij z’n lezers bij de zaak te betrekken. Opvallend is zij n pleidooi om als orthodoxe christenen niet met de rug naar de cultuur te gaan staan, maar met open blik en puttend uit de rijke schatten van ‘Het Grote Huis’ vorm te geven aan een werkelijke geloofsgemeenschap. Een goed en welkom geluid!

Anne van der Meiden, Morgen verder. De kunst van het troosten. Uitg. Jongbloed, Heerenveen 2013, 125 blz., € 9,95.

‘Troost ervaren voelt zo teer aan als een vlindervleugel’, schrijft de auteur in zijn inleiding op dit boek. Wie de dingen zo kan formuleren zal zeker over dit onderwerp met veel fijngevoeligheid schrijven. En dat doet Van der Meiden zeker. In dertig korte hoofdstukjes, elk beginnend met een fraaie tekening van Els Vos, verkent hij een groot aantal levenssituaties waarin troost geboden en ontvangen wordt. Hij geeft daarbij aandacht aan allerlei ‘soorten’ troost: zo is er ‘de troost van Nahum’ maar ook ‘de troost van geld’ en ‘de troost van de kat’. Ook religie en kerk komen als bronnen van troost aan bod. In heel wat hoofdstukjes citeert hij woorden van Paulus en uit de Evangeliën. Dat gebeurt met respect, al maakt de schrijver er geen geheim van dat voor hem ook andere bronnen voluit bruikbaar zijn. ‘Als het maar helpt’, besluit hij een hoofdstukje. Met zijn visie hoef je het niet in alles eens te zijn om toch veel moois op te steken uit dit fraai vormgegeven boek.

J. Piper, Verlangen naar God, Uitg. Van Wijnen, Franeker 2012, 362 blz., € 22,50.

Het betreft hier een heruitgave van het vertaalde origineel uit 1986 (Desiring God). Een boek dat beproefd is, aangevuld en veelvuldig heruitgegeven. Piper is predikant en theo loog in de gereformeerd-evangelicale beweging binnen Amerika. Deze klassieker van zijn hand is weliswaar een dikke pil, maar leest gemakkelijk. Centraal is de gedachte dat God verheerlijken én ons in Hem verblijden volmaakt samengaat (dus: God verheerlijken door van Hem te genieten). De schrijver noemt dit ‘christenhedonisme’ en verankert dit stevig in de Schriften. Daarbij benoemt hij niet alleen bezwaren die al lezend (inderdaad) bij je opkomen, maar weerlegt die ook. Het is een boek dat het dienen van de Heere met vreugde (Ps. 100:2a) vleugels geeft. Een scala aan toepassingen van hetzelfde principe passeert de revue: Hoe het verlangen naar de verheerlijking van God én de vreugde in Hem ontstaat in ons leven; hoe het vorm krijgt in aanbidding, de liefde en het gebed. Maar ook hoe het raakt aan praktische zaken als de omgang met geld en huwelijk. Het boek loopt uit op een indringend pleidooi voor de zending en de bereidheid het lijden om Christus’ wil te aanvaarden. Het boek is voorzien van een uitgebreid pakket aan vragen en verwerkingsmogelijkheden. Geloofsvreugde en Gods eer gaan al met al hand in hand: Een vreugde om (als ambtsdrager) te lezen, voor te leven en door te geven!

H.J. Lam, Van doopzitting naar doopvont, Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer 2012, 47 blz., € 5,90.

Dit dagboekje loopt in 17 dagen het doopformulier langs, ter voorbereiding (of eventueel volgend) op de doopsbediening. De bedoeling is om zo te helpen het goud dat in het formulier ligt opgetast, te delven. Het boekje is eenvoudig, pakkend en goudeerlijk. Ds. Lam formuleerde bij elke dag ook één gespreksvraag om de ‘goudkoorts’ aan te wakkeren. Wie dit boekje voor of na de doopsbediening als geschenk geeft, geeft een gouden handdruk – en voor de prijs hoef je het niet eens te laten!

Is het dan alles goud wat er blinkt? Als we de opgedolven goudklompen wegen, valt vooral het Bijbelse gewicht en de gereformeerde glans op. Al zevend houd ik wel twee kritiekpuntjes over. Blz. 29 is duidelijk tegen de achtergrond van de Hervormde praktijk geschreven (waar ook ouders die (nog) geen belijdenis hebben gedaan hun kind ten doop mogen houden). Het stukje kan worden opgevat alsof de schrijver daar, kijkend naar de striktere praktijk (in onze kerken bijvoorbeeld), terecht een vraagteken bij plaatst.

Op blz. 31 spreekt de schrijver de taal van het sacrament na over het ‘in Christus geheiligd en tot kinderen aangenomen zijn’. Bij die woorden gaat het altijd op het scherp van de snede: ze zijn rijk... maar ook vatbaar voor misverstanden (een opgave voor gereformeerde theologie om dit in het juiste kader te plaatsen). Ervan uitgaande dat de lezers geen theologen zijn, had hier duidelijker stelling mogen worden genomen tegen verbondsautomatisme! Maar wie zo het goud weet te zuiveren, heeft des te kostbaarder materiaal in handen!

G.J. van Aalst, Het zal je kind maar zijn. Gedachten over ouders en kerkverlating, Uitg. De Banier, Apeldoorn 2013, 112 blz., € 9,95.

De auteur, predikant binnen de Gereformeerde Gemeenten, roert een herkenbaar en teer onderwerp aan: kerkverlating. Indringend schrijft hij over gezamenlijke verantwoordelijkheid en schuld voor de héle gemeente. Wijze en evenwichtige adviezen én indringende persoonlijke vragen voor ouders en ambtsdragers worden meegegeven. Echt goed om als ouderling, diaken of predikant kennis van te nemen! Eigenlijk niet alleen een boekje met pastorale aandacht voor ouders met kerkverlaters in het gezin, maar juist voor ouders (en gemeentes) met jonge kinderen!

Het enige kritiekpuntje is dat het vertrekken naar een ander kerkverband nogal algemeen als zeer negatief wordt afgedaan. Dat komt toch wel erg kerkistisch en daarmee niet zo reformatorisch over. Een dissonant in een verder mooi boekje. Die kritische visie op andere (ik neem aan; ook onze) kerken levert intussen toch ook wel weer goede vragen op: hoe staat het er eigenlijk voor met de prediking, de geloofsbeleving en de ‘levensopenbaring’ in de gemeente waar wij als ambtsdrager voor verantwoordelijk zijn? Ook van belang naar de kinderen van de gemeente toe! Omdat genade geen erfgoed, maar wel wérfgoed is (blz. 40).

A. Murray, Leer ons bidden. Bijbelse overdenkingen, Uitg. Ark Media, Amsterdam 2012, 208 blz., € 15,95.

De auteur van dit Bijbels dagboek was ca. 100 jaar geleden predikant in Zuid-Afrika, maar is nog altijd goed te lezen. Het betreft een mooie uitgave in harde kaft. Het verbindende thema is het gebed. De stukjes zijn kort en bijbels, maar ook wat ‘tijdloos’. Daardoor misschien voor jongeren wat minder aansprekend. Het taalgebruik is echter wel eigentijds evenals de gebruikte Bijbelvertaling (H.S.V.). Mooie geestelijke en ook heel praktische lessen: Het gebed is voor een christen van levensbelang. Het gebed van een ambtsdrager is van levensbelang voor hemzelf én voor de gemeente. Goed om onszelf en anderen in te stimuleren. Tegelijk… circa 180 meditaties hierover achter elkaar is wel véél hameren op één spijker. De gebeds-stimulerende ondertoon kan dan gaandeweg ook iets ‘doenerigs’ krijgen. Dat geeft het plaatje op de voorzijde, van een omhoog voerende wenteltrap, een minder wenselijk perspectief. De titel was toch: ‘Leer ons bidden’ en niet: ‘We moeten bidden’?

S. Paas, G.J. Roest en S. Wierda, Eten met Jezus. Bijbelstudies over maaltijden in Lucas, Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer 2012, 128 blz., € 11,00.

Een smakelijk boekje met frisse Bijbelstudies en toepassingen, steeds gekozen rond een maaltijd-geschiedenis uit het Lukasevangelie. Schrijvers dezes hebben dan ook kennis ván en ervaring met het vertolken van het Evangelie in een seculiere setting. Inspirerend voor het persoonlijk geloof, maar ook voor de ambtelijke dienst: geestelijke leiding (praktisch en soms confronterend), ook aan hen die minder thuis zijn op het kerkelijk erf. Waarschuwing: Laagdrempelig taalgebruik en voorbeeldmateriaal! Wie geijkte formuleringen wenst, zal dit als een minpunt (en hier en daar ook als een discussiepunt) ervaren, wie echt missionair getoonzet Bijbelstudiemateriaal zoekt, heeft echter een sterk boekje in handen. Stevig feestelijk geestelijk voedsel - en dat voor de prijs van een fastfoodmaaltijd voor twee! Bon appetit!

Ds. W. Silfhout, Tegendraads bij tegenwind. De plaats van de kerk in een seculiere samenleving, Uitg. De Banier, Apeldoorn 2012, 160 blz., € 9,95.

De schrijver heeft met dit boek geen wetenschappelijke pretenties, maar wil bijdragen aan de toerusting van christenen met het oog op het staan in de wereld van vandaag. De situatie wordt getypeerd met het woord ‘tegenwind’, waarbij steeds de oproep klinkt om ‘tegendraads’ te zijn, d.w.z. op te roeien tegen de seculiere stroom waarin de massa zich laat meevoeren. Gevaren van buitenaf en van binnenuit worden benoemd, evenals de verschillende manieren waarop de kerk hierop kan reageren. Daarbij komt ook de notitie ‘Kerk en overheid in de postmoderne samenleving’ ter sprake, die onze G.S. in 2010 heeft aanvaard. Een helder boek dat uitdaagt tot de broodnodige bezinning die we als kerk(gangers) moeten plegen.

F. van Deursen, De eerste en tweede brief van Petrus. De brief van Judas (deel Iw van de serie De Voorzeide Leer – de Heilige Schrift), Uitg. Buijten & Schipperheijn Motief, Amsterdam 2013, 296 blz., €. 18,50.

De serie ‘De Voorzeide Leer’, in 1960 begonnen door wijlen ds. C. Vonk, die naderhand een coauteur vond in de persoon van ds. F. van Deursen, is nog altijd niet voltooid. Laatstgenoemde deed nu een verklaring van de brieven van Petrus en Judas het licht zien. Dit deel past in de lijn van de serie, dat wil zeggen dat men niet alleen theologen beoogt te dienen met een strikt wetenschappelijk commentaar vol Griekse verwijzingen. Ook gemeenteleden kunnen hun winst doen met deze verklaring, die in gewoon Hollands - maar wel doorwrocht! - de Schrift wil uitleggen. Mooi vond ik de exegese van de moeilijke passage uit I Petrus 3, waar de prediking van Jezus’ overwinning aan de ‘geesten in de gevangenis’ vermeld wordt. Ik hoop dat de schrijver, inmiddels ook op leeftijd, nog tijd en kracht ontvangt om ons met nog meer delen uit De Voorzeide Leer te dienen.

Drs. R. van Kooten, Ruth, de Moabitische, Uitg. Groen, Heerenveen 2013, 451 blz., € 19,95.

Voor nog geen twintig euro wordt hier een boek aangeboden, dat het om allerlei redenen verdient onder de aandacht gebracht te worden. Uit het korte Bijbelboek Ruth worden maar liefst zestig tekstgedeelten overdacht en dat op een warme en tegelijk heldere wijze. Geschikt voor persoonlijk gebruik maar dankzij de gespreksvragen ook te gebruiken op verenigingen. Hier wordt veel goed, geestelijk voedsel geboden. Wie net als Ruth gaat ‘lezen’, zal net als zij met handenvol korenaren de akker verlaten…

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.