+ Meer informatie

|\imsfc|/iGf36n

"Straatrumoer"

1 minuut leestijd

In de Gouden Eeuw trokken veel Nederlandse schilders naar Italiƫ, want in Rome 'gebeurde' het. Wie cultureel iets wilde betekenen, moest toch wel door deze bakermat van de klassieke oudheid gereisd hebben. Een van die schilders was Pieter van Laer (1599-1642), die in Italiƫ vooral bekend werd als Pietro Bamboccio (Piet de Lappenpop, vanwege z'n gebochelde gestalte) en die in Rome een nieuw genre ontwikkelde: dat van straattaferelen en volkstypes in hun dagelijks bedrijf, uitgevoerd in vrij donkere tinten.

Pieter van Laer kreeg hierbij veel navolgers en deze "Bamboccianti" hebben een groot aantal zogeheten "Bambocciaden" geschilderd. Bijna honderd werken van Van Laer en zijn stijlgenoten zullen te zien zijn in het Centraal Museum te Utrecht op de expositie "Straatrumoer", die vanaf morgen tot 9 februari duurt en vergezeld is van een Duitse catalogus en een Nederlands boekje. Een van de schilderijen is een ietwat bizar en magisch tafereel met zelfportret van Van Laer uit plm. 1640, nu in de coUectie-Feigen te New York. Morgen houdt prof. D. Levine een lezing over deze "Straatrumoer"schilders.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.