+ Meer informatie

Geloofs-vervolging

5 minuten leestijd

Onlangs is in de Russische zóne in Oost-Berlijn het Wereldjeugdfcstival voor de vrede gehouden. Geallieerde autoriteiten in West-Berlijn hebben dit een van de gevaarlijkste uitingen van de vredescampagne genoemd. Dit is ongetwijfeld waar, want de communisten weten, dat zij hun propaganda op de jeugd moeten richten —

hebben zij de jeugd geestelijk communist gemaakt, dan is na verloop van tijd heel de wereld communistisch!

Wat er achter het ijzeren gordijn afspeelt is wel niet allemaal bekend, maar zo af en toe lekt er toch wel eens wat van door. Zo lazen we in „Zonnegloren", het orgaan van de Chr. Ver. tot stichting van sanatoria voor t.b.c. lijders van iemand die in Oost-Berlijn bleek geweest te zijn, die daarover opzienbare, of liever gezegd verschrikkelijke dingen meedeelde. Een paar zullen we er hieronder van meedelen.

Volgens de Oost-Duitse grondwet geniet iedere burger geloofs-en gewetensvrijheid. In feite is dit een fatale leugen. Alle Christelijke scholen in Oost-Duitsland zijn gesloten — al is dit niet officieel gegaan, men heeft ze het bestaan onmogelijk gemaakt. Eerst is de schoolvoeding hen ontnomen, wat een belangrijke factor is voor een land dat aan de grens van de honger leeft, toen onthield men hen de leermiddelen en daarna de gebouwen. De schooljeugd wordt verplicht lid te zijn van Communistische Organisaties. Wordt een kind geen lid, dan acht men dat het niet voldoende vorderingen maakt in de communistische levensbeschouwing en... het kind gaat niet over. Ook moeten de kinderen opstellen maken, waarin de zegeningen van het Communisme moeten worden verheerlijkt. Zijn de opstellen niet „positief" genoeg, blijft het kind ook zitten.

In ieder schoollokaal staat een zgn. „altaar", een tafeltje met een wit kleed er op, waarop aan de ene zijde de buste van Stalin en aan de andere kant een afgietsel van Piasso's Vredesduif. Daar tussen in ligt een boek, waarin de kinderen iedere week een spreuk moeten schrijven.

Nu was er een jongen, die schreef er in „Christus is onze vrede." Daarmee gaf die jongen blijk niets van het communisme begrepen te hebben, waardoor hij op school werd achter gezet. Maar ook zijn ouders werden de dupe, die moesten worden „opgevoed", wat betekende dat zij naar een concentratiekamp of naar de uranium-mijnen te Aue werden gezonden. Langer dan een paar jaar houdt niemand het daar uit.

De ouders, die hun kinderen christelijk willen opvoeden, worden voor verschillende problemen gesteld. Een kind veinst meestal niet, en christelijk opgevoed is het moeilijk om op school braaf communistisch te praten!

In het begin van de bezetting mocht er op de scholen godsdienstonderwijs gegeven worden, althans na de lessen. De anderen gingen dan sporten. Maar nauwkeurig werd toegezien, wie die catechisaties volgden. Om dit te omzeilen besloten de kerken in de avonduren godsdienstonderwijs te geven waarbij de fanatieke jeugdorganisaties hun spionnetjes stuurden. Soms waren er kinderen van 8 & 10 jaar die gewoon meededen, maar tevens voor verrader speelden.

Het leven voor de godsdienstige, anti-communistische mens is er schier ondragelijk. Wie geen communist is. heeft er geen toekomst. Van alle kanten wordt men geboycot en ieder ogenblik loopt men gevaar weggezonden te worden.

Een ding is er echter opmerkelijk. Deze verdrukte mensen hebben een, ofschoon verborgen, liefdevol gemeenschapsleven' onder elkaar. Ze hebben alles voor elkaar over. Ze zijn alles ontnomen, hun scholen, hun organisaties, hun gebouwen, hun gezinnen zijn vaak uiteengerukt, ja him leven staat soms op het spel — maar al zijn ze arm en berooid, ze lijden onder elkaar een leven van dienende liefde! 1 Als wij op die felle verdrukking van het communisme zien, is het voor ons en de ganse Christenheid in Nederland wel diep beschamend, hoe gedeeld en gescheurd wij met elkander leven.

Er ligt ook een les in voor onze jongelingen en jongedochters, dat we in ons land nog het voorrecht hebben, dat we vrij uit naar de kerk kunnen gaan, catechisaties kunnen bezoeken en 's Heeren Woord naspeuren op onze verenigingen. We beseffen het maar al te weinig, wat dat betekent. Oost-Berlijn is niet ver weg, het gevaar is dichtbij. Als de Heere komt met Zijn wan in Zijn hand om Zijn dorsvloer te doorzuiveren, dan zal het er op aan komen. We mochten de tijd wel uitkopen, terwijl de dagen boos zijn. Wie zal dan staande blijven? Schijngodsdienst en hypocritisme zal dan niet kunnen bestaan. De Heere zegt er van in Zijn Woord: wanneer er verdrukking of vervolging komt om Mijns Naams wil, worden zij terstond geërgerd, 's Heeren volk, dat de openbaring van de antichrist meer en meer ziet naderen, is daar soms zo bevreesd voor. Bevreesd, dat zij de eersten zullen zijn, die Zijn Naam verloochenen. Wat kan dat een vrees in het hart veroorzaken. Gelukkig houdt Christus Zijn Kerk zélf in stand. Luther zong het: „Houdt Christus Zijne Kerk in stand, laat dan de hel vrij woeden!" Maar daar is geloof toe nodig. En hoe vaak moeten ze zeggen, ik heb geen geloof.

De troost die dat volk heeft is, dat ze met een overwonnen vijand te doen hebben. Satan's kop is vermorzeld, al zal die oude slang nog geweldig met zijn staart slaan. Luther had er wat van geleerd, zijn onsterfelijk geworden geloofslied is er het sprekendst bewijs van.

„Delf vrouw en kinderen 't graf, „Neem goed en bloed ons af, „Het brengt U geen gewin, „Wij gaan ten hemel in, „en erven Koninkrijken!"

Daaraan deel te hebben en wat van dat wereldoverwinnend geloof te bezitten is het grootste voorrecht.

RONDKIJKER.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.